les 7 het etiket

Thema 3.3 Heel Zone bakt

Onderwerpen;


Verpakken en sorteren

Verpakkingen voor de consument

Kwaliteitsmetingen uitvoeren

Plastic soep


I.O. Een zelf ontworpen en gebakken taart,

op de juiste manier verpakt, waarbij de kwaliteit gewaarborgd wordt




1 / 18
volgende
Slide 1: Slide
newEditorZorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 75 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Thema 3.3 Heel Zone bakt

Onderwerpen;


Verpakken en sorteren

Verpakkingen voor de consument

Kwaliteitsmetingen uitvoeren

Plastic soep


I.O. Een zelf ontworpen en gebakken taart,

op de juiste manier verpakt, waarbij de kwaliteit gewaarborgd wordt




Wat gaan we doen!

  • Theorie wat staat er op een etiket

  • praktijk opdracht conserveren, informatie verzamelen voor een etiket

  • Opdracht het maken van een etiket

  • Nabespreken

Lesdoelen


  • Je weet welke informatie op een etiket hoort te staan.



les 7 conserveren en het etiket

Richtlijnen etiket

  • op een etiket vind je informatie over het product.  

  • Wat precies op een etiket moet staan is vastgelegd in de Warenwet Informatie Levensmiddelen (WIL) en in de Europese wet Voedselinformatie. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit houdt hier toezicht op.

wat is het voordeel van een etiket?



Welke informatie 

moet er op het etiket staan?

4. de voedingswaarde

  • geeft aan welke voedingsstoffen in het product zitten per 100 gram

  • vaak staat het ook aangegeven per portie

1. de naam van het product

iedereen moet weten wat hij/zij eet

2. de lijst met ingrediënten

  • in de volgorde van hoeveelheid, het meest gebruikte ingrediënt staat als eerste

  • Additieven staan meestal vermeld met een E-nummer

3. allergenen

  • zijn stoffen die voor een allergische reactie kunnen zorgen

  • staan vaak dikgedrukt of met een symbool aangegeven

5. Nettohoeveelheid

  • Wordt vaak aangeven in   grammen 

  • de letter           staat voor gemiddelde hoeveelheid (binnen een limiet, bv. 1 gram)

  • uitlekgewicht is het nettogewicht, bijvoorbeeld perziken op sap

6. Houdbaarheid

  • T.G.T. = te gebruiken tot

  • T.H.T. = tenminste houdbaar tot


Wat is het verschil?

7. Bewaarvoorschrift

  • geeft aan hoe je dit product het beste kan bewaren 

8. Naam en adres fabrikant/producent

  • mocht je een klacht hebben over je product of meer informatie willen dan kan je contact opnemen met de producent. 

9. Productcode

  • een code om het product te kunnen traceren. bijvoorbeeld 'land van herkomst' of productnummer.

10. Keurmerken

Keurmerken geven informatie over een product.

keurmerken vertellen iets over bijvoorbeeld ; duurzaamheid, glutenvrij, vegetarisch, halal of dierenwelzijn