Introductie en H1

Introductie en H1

Reader hoofdstuk 1: Wereld in Beeld – Hoe Geschiedenis Kunst Vormt

VWO 6 - periode 1 en 2
Lesdoelen

Aan het einde van de les kunnen leerlingen uitleggen hoe historische ontwikkelingen kunst beïnvloeden, wat kunst als spiegel, archief en motor betekent, en waarom we kunstgeschiedenis ook vanuit een Caribisch perspectief bekijken.

1 / 17
volgende
Slide 1: Slide
newEditorArtSecondary Education

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Introductie en H1

Reader hoofdstuk 1: Wereld in Beeld – Hoe Geschiedenis Kunst Vormt

VWO 6 - periode 1 en 2
Lesdoelen

Aan het einde van de les kunnen leerlingen uitleggen hoe historische ontwikkelingen kunst beïnvloeden, wat kunst als spiegel, archief en motor betekent, en waarom we kunstgeschiedenis ook vanuit een Caribisch perspectief bekijken.

Deze slide heeft geen instructies

Welkom bij Kunstvak V6!

Welkom in jullie examenjaar!

Bij Kunstvak onderzoeken we hoe kunst en cultuur ontstaan, veranderen en betekenis krijgen binnen de samenleving.

We kijken niet alleen naar kunstwerken, maar ook naar de wereld waarin ze gemaakt worden.

Deze slide heeft geen instructies

PTA V6

Deze slide heeft geen instructies

Een nieuwe reader, een vertrouwde basis

Grenzen Verkennen – Kunst en Cultuur van de 20e Eeuw met Caribische Focus

We gaan dit jaar werken met een nieuwe reader.

  • Veel onderwerpen kennen jullie al uit De Bespiegeling.

  • We bouwen voort op die kennis en leggen nieuwe verbanden.

  • We bekijken kunst en cultuur niet alleen vanuit een Europees perspectief.

  • We slaan de brug naar het Caribisch gebied en onze eigen omgeving.

Van wereldgeschiedenis naar onze eigen kunst en cultuur!

Leg uit dat de reader niet betekent dat leerlingen alles opnieuw moeten leren. Veel stromingen, begrippen en historische ontwikkelingen zijn al bekend uit De Bespiegeling. Het verschil is vooral het perspectief: wat betekenen deze ontwikkelingen voor het Caribisch gebied en Curaçao? Welke invloed hebben kolonisatie, migratie, culturele vermenging en emancipatie gehad op onze kunst en cultuur?

Twee periodes, één planning

We gaan de theorie van twee periodes combineren.

Blok 1 – H1 t/m H3

Wereldgeschiedenis, Caribische cultuur en literatuur.

SE periode 1 – streven: week 47


Blok 2 – H4 t/m H6

Muziek, dans en drama.

Herhaling in week 50

We werken in een hoog tempo. Een goede voorbereiding en zelfstandig werken zijn daarom belangrijk.

Vertel dat het SE van periode 1 nog ingehaald moet worden. Je wilt dit bij voorkeur in week 47 laten plaatsvinden, buiten de reguliere theorieles, zodat jullie geen lestijd verliezen. De exacte datum volgt nog.

Benadruk dat er maar één theorieles van 45 minuten per week is. Tijdens de lessen behandel je de grote lijnen, verbanden en voorbeelden. De leerlingen moeten de reader zelf goed bestuderen.

Onze theorieplanning

Laat de planning zien en vertel dat de leerlingen deze ook krijgen om hun huiswerk en voorbereiding te organiseren. Leg uit dat de hoofdstukvragen en begrippenlijsten achter in de reader helpen bij het leren voor het SE.

§1.1 Kunst als spiegel, archief en motor

Kunst vertelt ons iets over de wereld waarin zij ontstaat.

  • Spiegel: kunst weerspiegelt de samenleving.

  • Archief: kunst bewaart verhalen en herinneringen.

  • Motor: kunst kan mensen aan het denken zetten en verandering stimuleren.

Kan één kunstwerk alle drie de functies vervullen?

Gebruik Guernica van Picasso. Vraag wat de leerlingen nog weten over het werk en de historische achtergrond. Leg vervolgens samen de drie functies uit. Benoem dat we in deze reader ook aandacht hebben voor kunst en verhalen die in de traditionele, vaak Europese kunstgeschiedenis minder zichtbaar zijn.

§1.2 Oudheid en vroege beschavingen

Beelden hadden een functie.

  • Kunst, religie en macht waren nauw verbonden.

  • Symbolen en rituelen droegen kennis en verhalen over.

  • Beeldculturen ontstonden wereldwijd, niet alleen in Europa.

Herinner leerlingen aan Egyptische, Mesopotamische en Meso-Amerikaanse beschavingen. Het gaat hier niet om het herkennen van afzonderlijke stijlen, maar om het begrijpen dat kunst een maatschappelijke, religieuze en politieke functie had.

Maak alvast de verbinding met de precolumbiaanse culturen die in H2 terugkomen.

§1.3 Middeleeuwen en vroege globalisering

Culturen stonden nooit volledig los van elkaar.

  • Religie beïnvloedde kunst en architectuur.

  • Handelsroutes verspreidden kennis, materialen en beeldtaal.

  • Europa, Afrika, Azië en het Midden-Oosten beïnvloedden elkaar.


Globalisering begon niet pas met het internet!

Leg uit dat de middeleeuwen vaak vanuit Europa worden behandeld, maar dat er wereldwijd belangrijke culturele ontwikkelingen plaatsvonden. Via handelsroutes verspreidden ideeën, materialen en technieken zich.

Benoem dat deze netwerken mede de basis vormden voor latere koloniale expansie.

§1.4 Renaissance, barok en romantiek

Vraag: Hoe herken je de verschillende uitgangspunten in de afbeeldingen?

Renaissance

Mens, wetenschap, perspectief

Barok

Dramatiek, overtuiging, emotie

Romantiek

Gevoel, natuur, verbeelding

Dit kennen ze grotendeels uit De Bespiegeling. Laat leerlingen de kenmerken zelf benoemen. Voeg daarna de nieuwe invalshoek toe: Europese kunstidealen werden door kolonialisme en missionering ook buiten Europa verspreid en soms opgelegd. Wat betekende dat voor lokale kunsttradities?

§1.5 Industriële revolutie en moderniteit

Een veranderende wereld vraagt om nieuwe kunst.

  • Industrialisatie verandert het leven in de stad.

  • Fotografie en film bieden nieuwe manieren om de werkelijkheid vast te leggen.

  • Kunstenaars experimenteren met kleur, vorm, beweging en abstractie.

  • Vooruitgang gaat ook gepaard met ongelijkheid en vervreemding.

Vraag waarom kunstenaars de werkelijkheid nog natuurgetrouw zouden schilderen wanneer er fotografie bestaat. Leg het begrip moderniteit uit: niet alleen nieuwe machines, maar ook een andere manier van leven en denken.

Vergeet de andere kant van de industrialisatie niet: de economische groei van industriële landen was mede afhankelijk van grondstoffen en arbeid uit gekoloniseerde gebieden.

§1.6 De twintigste eeuw

Een eeuw van uitersten: oorlog, vernieuwing en populaire cultuur.

  • Wereldoorlogen zorgen voor ontwrichting en onzekerheid.

  • Avant-gardekunstenaars breken met bestaande regels.

  • Migratie en dekolonisatie veranderen culturele identiteiten.

  • Film, televisie en populaire muziek bereiken een massapubliek.

Kunst hoeft niet langer herkenbaar of mooi te zijn.

Vraag wat leerlingen zich nog herinneren van dadaïsme, surrealisme en andere avant-gardebewegingen. Leg de nadruk op de relatie tussen maatschappelijke ontwrichting en artistieke vernieuwing.

Bespreek ook hoe migratie nieuwe mengvormen in muziek, beeldende kunst en literatuur mogelijk maakte. Hier begint de brug naar de latere hoofdstukken van de reader.

Deze slide heeft geen instructies

§1.7 De eenentwintigste eeuw

Wereldwijde kunst, digitale platforms en nieuwe machtsverhoudingen.

  • Kunst en cultuur verspreiden zich razendsnel.

  • Kunstenaars combineren verschillende culturele invloeden.

  • Sociale media en algoritmes bepalen mede wat zichtbaar wordt.

  • Caribische kunstenaars kunnen wereldwijd publiek bereiken.


Wie bepaalt vandaag welke kunst wij te zien krijgen?

Leg uit dat digitalisering mogelijkheden biedt voor kunstenaars die vroeger afhankelijk waren van musea, galeries en uitgevers. Maar dat platforms en algoritmes ook bepalen welke verhalen aandacht krijgen.

Je kunt hier leerlingen kort laten reageren op de vraag of TikTok en Instagram culturele uitwisseling bevorderen of juist zorgen dat iedereen dezelfde dingen ziet.

§1.8 Conclusie: waarom deze geschiedenis ertoe doet

Kunst staat nooit los van haar tijd.

  • Geschiedenis beïnvloedt wat kunstenaars maken.

  • Kunst weerspiegelt én beïnvloedt de samenleving.

  • Kunstgeschiedenis kent meerdere perspectieven.

  • Het Caribisch gebied heeft een eigen plaats in dit wereldwijde verhaal.

Volgende week: hoe zien we deze ontwikkelingen terug in onze eigen regio?

Keer terug naar de begrippen spiegel, archief en motor. Vraag leerlingen welk begrip ze nu het duidelijkst kunnen uitleggen. Sluit af met de overgang naar hoofdstuk 2, waarin kolonialisme, slavernij, migratie en creolisatie centraal staan.

Voor volgende week

  1. Lees hoofdstuk 1

  2. Bestudeer de belangrijkste begrippen.

  3. Maak de vragen bij hoofdstuk 1 (pagina 17).

  4. Neem je reader mee!

Keer terug naar de begrippen spiegel, archief en motor. Vraag leerlingen welk begrip ze nu het duidelijkst kunnen uitleggen. Sluit af met de overgang naar hoofdstuk 2, waarin kolonialisme, slavernij, migratie en creolisatie centraal staan.

Deze slide heeft geen instructies