BO: KL7 Visies op zorg en invloed van diversiteit

KL7: Visies op zorg en invloed van diversiteit 
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
Zorg en WelzijnHBOStudiejaar 1

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

KL7: Visies op zorg en invloed van diversiteit 

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een visie op zorg?

Slide 2 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

een visie:
Elke zorginstelling heeft een visie. De visie van een organisatie zie je terug in het handelen en in de cultuur van medewerkers.
Een visie beantwoord de vraag van jou -of een instelling- wat goede zorg inhoudt.
Kortom: Waar sta ik -als verpleegkundige- voor?

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is jouw visie op zorg?

Slide 4 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Een visie maken... Hoe doe je dat?

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Laat de studenten deze lemminiscaat tekenen op een vel papier.. (blaadje) bedoeling is gezamelijk een visie te formuleren en daar straks een foto van te delen met elkaar. .. 
De “Zij”kant: Waarom doe ik het en voor wie?


Zij-Kant: Deze vormt zich uit de omgeving. De omgeving waar zorg verleent wordt zorg immers voor dat het proces wordt gevoed met inspiratie en mogelijkheden. Kenmerken van deze zij-kant zijn: Inspiratie, tijdsgeest, kansen, bedreigingen en grenzen. 

Slide 7 - Tekstslide

Vo e d i n g s k ra ch t, de voedingskracht komt uit de Zij-kant en staat voor de omgeving. De omgeving zorgt namelijk dat het creatieproces gevoed wordt met inspiratie, mogelijkheden en de omstandigheden, daarnaast zorgt het voor ontvankelijkheid en beloning. Het proces begint er en eindigt er(neemt het eindproduct uiteindelijk op). De voed-i n g s k r a cht wordt gekenmerkt door de termen Inspiratie (openstaan voor invloeden van buiten af), Tijdgeest (verbinding met wat er in de wereld/ markt aan de hand is), Kansen en grenzen (de betekenis die door de tijdgeest aan de ideeën wordt gegeven).
De “Ik”kant, wat wil ik creëren? Welke kwaliteiten kan ik inzetten? Waar haal ik inspiratie uit?


IK-Kant: Persoonlijke beleving. Het gaat om het beeld dat je in je hoofd en in je hart hebt zitten over wat goede zorg is. De ik-kant kenmerkt zich door reflectie, visie & idealen energie & verbinding. 

Slide 8 - Tekstslide

B e e l d k ra ch t, dit komt uit de Ik-kant en laat zien wat het met de mens doet. Het gaat hier om de beelden die de mensen in hoofden en harten hebben zitten, dit geeft de kracht om het cre-atieproces aan te zwengelen. De beeldkracht wordt gekenmerkt door de termen Reflectie (tijd nemen voor bezinning en dus nieuwe vergezichten toelat-en), Visie en Ideaal (de vergezichten die te maken hebben met persoonlijk verlangen, je kunt hier persoonlijke verhalen over vertellen, het staat dus dichtbij), Energie en verbinding (dit geeft de ver-ankering van de visie aan, hoe dichter de visie bij je persoonlijkheid ligt, hoe meer energie en verbinding er is. 
De “Wij” kant: Met wie ga ik me verbinden? 
Wij-kant: Dit is het vermogen dat voorkomt vanuit de samenwerking. De termen die hierbij horen zijn: draagvlak, verantwoordelijkheid, bundelen van cmpetenties, commitment en participatie.

Slide 9 - Tekstslide

Als je de Wij-kant gaat invullen dan kan je denken aan het volgende:​
Denk aan met wie je samenwerkt, met wie je wilt of gaat verbinden. Samenwerken is dus, ook bij het formuleren van een visie, belangrijk. Kan je Ik-kant ook kwijt in de samenwerking? Hoe belangrijk is dat? Hoe wordt er gekeken naar de verbinding met elkaar binnen, bijvoorbeeld, je klas? Hoe werken jullie samen en hoe kijken jullie er samen naar?​
Sleutelwoord: samenwerkingskrach 
De “Het”kant: Hoe gaan we het doen?  

Het-kant: Hierbij gaat het erom datgene wat men creert, om te laten zien wat is bedacht. De het-kant kenmerkt zich door: plannen, organiseren, uitvoeren, beheersen en realiseren.

Slide 10 - Tekstslide

Voordat je de Het-kant gaan invullen, denk aan onderstaande:​
De Het-kant gaat om wat je doet als team/ organisatie of… in dit geval klas. Welke afspraken en regels hanteren jullie? Als klas, bijvoorbeeld, hou je ook rekening met de regels van de hogeschool? Met de visie van de hogeschool? Bij de Het-kant moet je er wel voor waken dat er voldoende ruimte blijft voor de Ik-kant en de Wij-kant den dat je rekening houdt met de zij-kant. ​
Sleutelwoord: Vormkracht 
Maak een foto van jouw visie:

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Diversiteit in de zorg
Diversiteit: Er komen steeds meer cliënten met verschillende culturele achtergronden, maar ook het personeelsbestand wordt meer divers.
Cliënten en zorgverleners moeten daarom leren omgaan met de
verschillen: tussen cliënten onderling en tussen cliënt en zorgverlener

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe ga jij om met diversiteit?

Slide 13 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Mensen ervaren hun ziekte binnen het kader van hun eigen taal
en cultuur. Daarom dienen (toekomstige) zorgverleners zich in
eerste instantie te realiseren dat zij zelf uit een bepaalde cultuur
komen, die hun denken en handelen beïnvloedt - ook op hun
werk. Daarnaast moeten zij rekening houden met taal, cultuur,
religie, ziektebeleving en gebruiken van de cliënt. Hoe beter de
zorg aansluit, hoe eerder iemand zich geholpen voelt. Het is dus
belangrijk dat zorgverleners:
1 culturele gevoeligheid ontwikkelen. Dat is nodig om te
kunnen onderzoeken wat iemand nodig heeft, wat de wensen,
gewoontes en behoeften zijn van de cliënt. Dit is wat we verstaan
onder intercultureel vakmanschap.
2 zich bewust zijn van hun eigen cultuur en waardesysteem.
Zorgverleners handelen en denken vanuit hun eigen taal,
cultuur, gewoontes en gebruiken.
3 kennis hebben van andere culturen. Wat zijn de normen,
waarden en gebruiken? Vooral van de cultuur van de mensen
voor wie zij zorgen.
Casus
De Poolse EVV’er Blanka heeft veel plezier in haar werk. Ze maakt graag een
praatje met haar cliënten. Dat helpt haar meteen om haar Nederlands te
verbeteren. Ze woont nu vijf jaar in Nederland, spreekt de taal aardig, maar
Kennisbundel intercultureel vakmanschap in de zorg inhoud 27
het kan altijd beter. Met één cliënt heeft ze echter moeite. Deze Indische
vrouw kijkt haar nooit aan. Daarom hebben ze ook nooit een leuk gesprek.
Blanka heeft het gevoel dat de cliënt haar niet mag omdat ze Poolse is. Met
de andere verzorgenden praat deze mevrouw wél. Tijdens een teamoverleg
brengt Blanka haar probleem in. Ze vertelt dat ze deze cliënt onbeleefd vindt, omdat ze haar nooit aankijkt en ze nooit een gesprek hebben. Als de teamleider aan Blanka uitlegt dat de Indische cliënt juist haar respect betoont door Blanka niet aan te kijken, herziet zij haar mening. Inmiddels hebben de twee een prettig contact opgebouwd.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vragen:

1. Heb jij wel eens mee gemaakt dat je iemand uit een andere cultuur verkeerd begreep, hoe kwam dat?

2. Heb je hiermee te maken gehad op je stage?

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

“Intercultureel vakmanschap: 
Onder intercultureel vakmanschap verstaan we aandacht voor de diversiteit van mensen en culturen: bij collega’s, cliënten en jezelf. Iedereen leeft en redeneert vanuit zijn eigen referentiekader. Dat referentiekader wordt bepaald door je karakter, cultuur, of je man of vrouw bent, of je gelovig bent, wat je seksuele voorkeur is en in wat voor omgeving je bent opgegroeid. De manier waarop iemand in het leven staat, bepaalt mede de manier waarop hij of zij met ziekte en gezondheid omgaat. 

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat heb je geleerd vandaag?

Slide 18 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies