Les 1: 2.1 ongeslachtelijke voortplanting en geslachtelijke voortplanting (ABS)

1 / 50
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 1-6

In deze les zitten 50 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 70 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

              Startklaar
timer
3:00

Slide 3 - Tekstslide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Mededeling SO
  • Wat? Schriftelijke Overhoring (SO)
  • Waarover? Over thema inleiding in de biologie. Basisstof 1.1 t/m 1.6
  • Wanneer? Na de herfstvakantie op de dinsdag 27 oktober
  • Hoe? formatief =  cijfer telt niet mee, maar wel goed om te weten waar we staan

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht Periode 1
  • Thema: Voortplanting en seksualiteit
  • Benodigde lesmaterialen: boek A, BiNas en mapje/schrift
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10 
Week 11
kennismaking + 1.1
1.2 + 1.3



1.4 + 1.5
1.6 
2.1 + 2.2
2.3 + 2.4
herfst-vakantie
2.5 + 2.6 
Herhaling
+ oefenen examenopgaven
Herhaling
+ oefenen examenopgaven
Toetsweek

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat gaan we vandaag doen?
  • Is het huiswerk gelukt? Opgave 98 tot en met 102 + de chocolade vraag
  • 2.1 ongeslachtelijke voortplanting en 2.2 geslachtelijke voortplanting
  • Opgaven 2.1 en 2.2 in de klas
  • Afsluiting

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Chocolade: lekker en gezond? Wisbord
Duitse artsen hebben ontdekt dat dagelijks een klein beetje pure chocolade eten gezond is. Twee stukjes chocolade per dag eten zorgt ervoor dat de bloeddruk verlaagt, zonder dat je er dikker van wordt. 

De artsen lieten 44 vrijwilligers dagelijks chocolade eten. Dat waren gezonde proefpersonen met een iets verhoogde bloeddruk. De helft van hen kreeg dagelijks 6 g pure chocolade te eten, de andere helft evenveel witte chocolade. Witte chocolade bevat weinig cacao. Uit de resultaten concludeerden de onderzoekers dat het juist de cacao was die een positief effect heeft op de bloeddruk. 

Vraag: Welke twee resultaten zullen de conclusie van de artsen rechtvaardigen? 

Slide 7 - Tekstslide

resultaat 1: de groep die pure chocolade heeft gegeten moet de bloeddruk verlaagd zijn

Resultaat 2: de groep die witte chocolade
hulpmiddel bij vraag 102 boek

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Chocolade: lekker en gezond?
Onderzoeksvraag:
Hypothese:
Materiaal en methoden:
Resultaten: ???????
Conclusie: 
Discussie: ?

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Chocolade: lekker en gezond?
Onderzoeksvraag: Heeft cacao bloeddrukverlagende effect bij mensen?
Hypothese: Cacao verlaagt de bloeddruk bij mensen
Materiaal en methoden: klinisch onderzoek bij 44 gezonde mensen. 1 groep eet chocolade met cacao en 1 groep witte chocolade zonder cacao. Bloeddruk meting op tijdstippen x, y, z
Resultaten: ???????
Conclusie: Cacao heeft bloeddrukverlagende effect bij gezonde mensen
Discussie: ?

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

transport door membranen
Maken 
https://biologiepagina.nl/Oefeningen/Celmembraan/celmembraan.htm

Gaat dit goed? Begin dan aan de twee havo actief transport vragen

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thema 2 Voortplanting en seksualiteit
2.1 ongeslachtelijke voortplanting

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Leerdoelen


  • 2.1 Je kunt uitleggen op welke manieren er door ongeslachtelijke voortplanting nakomelingen ontstaan die genetisch identiek zijn aan de ouder (T)
  • 2.1 Je kunt het verloop van de celcyclus beschrijven en de verschillende fasen benoemen (T)



  • 2.2 Je kunt beschrijven hoe door meiose gameten worden gevormd en hoe de bevruchting verloop (R)
  • 2.2 Je kunt de bouw, werking en functie van de voortplantingsorganen van de mens beschrijven

Slide 14 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
BiNas tabellen die je moet leren gebruiken bij het stof van 2.1 en 2.2
Tabel 76A de vier fasen van de celcyclus
Tabel 76B.1 Mitose. 
Tabel 76B.2 Meiose
Tabel 86A Voortplantingsstelsel van de man
Tabel 86B voortplantingsstelsel van de vrouw 
Tabel 86D Vorming van de eicellen bij de vrouw en vorming van spermacellen bij de man

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Je lijkt een beetje op je vader en een beetje op je moeder...


Kun je uitleggen waarom?

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat is ongeslachtelijke voortplanting?

Zouden organismen die zich ongeslachtelijk voortplanten genetisch identiek zijn aan hun ouders?


Wat is geslachtelijke voortplanting?

Zouden organismen die zich geslachtelijk voortplanten genetisch identiek zijn aan hun ouders?

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is ongeslachtelijke voortplanting?
Nakomelingen ontstaan uit 1 ouder
Zouden organismen die zich ongeslachtelijk voortplanten identiek zijn aan hun ouders?
Genetisch identiek aan de ouder


Wat is geslachtelijke voortplanting?
Nakomelingen ontstaan uit 2 vruchtbare ouders
Zouden organismen die zich geslachtelijk voortplanten identiek zijn aan hun ouders?
Nakomeling is genetisch erg gevarieerd.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2.1 Je kunt uitleggen op welke manieren er door ongeslachtelijke voortplanting nakomelingen ontstaan die genetisch identiek zijn aan de ouder (T)
  1. - celdeling. bacteriën die zich delen
  2. - Sporen. sommige bacteriën en schimmels planten zich voor via sporen.
  3. - uiteenlopers (aardbei)
  4. - knollen (aardappel)
  5. - (bloem)bollen (tulp)
2
3

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tulp bloembol
knollen (aardappel

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maar ook klonen
Kunstmatig ongeslachtelijke voortplanting: door mensen gekloonde schaap Dolly

Kunnen we ook bij mensen. Maar doen we niet. Waarom niet?

Slide 22 - Tekstslide

Ethische argumenten: voorstanders en tegenstanders
           Leerdoelen


  • 2.1 Je kunt uitleggen op welke manieren er door ongeslachtelijke voortplanting nakomelingen ontstaan die genetisch identiek zijn aan de ouder (T)
  • 2.1 Je kunt het verloop van de celcyclus beschrijven en de verschillende fasen benoemen (T)



  • 2.2 Je kunt beschrijven hoe door meiose gameten worden gevormd en hoe de bevruchting verloop (R)
  • 2.2 Je kunt de bouw, werking en functie van de voortplantingsorganen van de mens beschrijven

Slide 23 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Als een cel zich gaat delen 
Wat moet er gebeuren met de 
- kern
- chromosomen
- cytoplasma
- celmembraan
- en andere celorganellen zoals de ER en Golgisysteem?

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

celcyclus; de fasen van de celdeling. BiNas 76A

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De celcyclus
2 fasen: de M-fase (mitose) en interfase (G1+S+G2 fasen)
blz 107:
- G1 fase. plasmagroei en eiwitten die nodig zijn voor celdeling
- S-fase. Het DNA wordt gekopieerd
- G2 fase. Cel neemt in grootte toe + maken eiwitten voor de mitose + organellen worden gekopieerd
- M- fase mitose, de normale celdeling

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

vraag 
1) Welke cellen hebben een langere celdelingscyclus?
een haarfollikelcel of een spiercel?
2) een zenuwcel deelt zich nauwelijks. In welke celcyclus fase zit die cel?


timer
2:00

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

vraag 
Een bepaald type cel deelt elke 48 uur. G1 en S fase neemt de helft van de tijd ervan in. G2 fase duurt 22 uur.

Hoe lang duurt de M-fase?
timer
2:00

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Video

Deze slide heeft geen instructies

M-fase = mitose, de normale celdeling
Bestudeer blz 108 en 109 en bekijk ook BiNas 76B1.
Kijk goed naar de volgorde van gebeurtenissen hoe de chromosomen verdeeld worden in elke fase
Doe je boek daarna dicht en maak de werkblad die je hebt gekregen van de docent


maak je werkblad

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is ongeslachtelijke voortplanting en benoem de 5 vormen van ongeslachtelijke voortplanting
timer
3:00

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Leerdoelen


  • 2.1 Je kunt uitleggen op welke manieren er door ongeslachtelijke voortplanting nakomelingen ontstaan die genetisch identiek zijn aan de ouder (T)
  • 2.1 Je kunt het verloop van de celcyclus beschrijven en de verschillende fasen benoemen (T)



  • 2.2 Je kunt beschrijven hoe door meiose gameten worden gevormd en hoe de bevruchting verloop (R)
  • 2.2 Je kunt de bouw, werking en functie van de voortplantingsorganen van de mens beschrijven

Slide 33 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Begrippen die je moet kennen
2.1 
celdeling, moedercel, dochtercellen, ongeslachtelijke voortplanting, kloon, klonen, spiraliseren, mitose, plasmagroei, celcyclus, M-fase, interfase, DNA-replicatie (DNA-synthese), S-fase (synthesefase), centromeer, chromatiden, G0-fase, G1-fase, G2-fase, centrosoom, centriolen, profase, prometafase, trekdraden, kernspoel, metafase, anafase, telofase, embryosplitsing, kerntransplantatie

2.2
geslachtelijke voortplanting, gameet, geslachtscel, somatische cel, bevruchting, haploïde cellen, diploïde cellen, reductiedeling, meiose, meiose I, meiose II, eicel, zaadcel, testes, spermatogenese, ovaria, oögenese, follikel, poollichaampje, ovulatie



Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

huiswerk
blz 106 en 110 opgaven 1, 2, 4, 5, 6, en 10

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thema 2 Voortplanting en seksualiteit
2.2 geslachtelijke voortplanting

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onze geslacht
Met welke geslachtskenmerken zijn we geboren?

Welke geslachtskenmerken krijgen we later (in de puberteit?)

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

man
primaire geslachtskenmerken
penis, scrotum

secundaire geslachtskenmerken
baard, brede schouders, maar ook zaadcelproductie



 
vrouw
primaire geslachtskenmerken
vagina en clitoris 

secundaire geslachtskenmerken
borsten, brede heupen, maar ook eicel uitrijping

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Man
vrouw

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

mitose (de normale celdeling)



 
[NAAM] (de andere type celdeling)
Bevatten zaadcellen en eicellen ook net als de dochtercellen bij mitose 46 chromosomen in elk cel?


tip 1: denk aan die vraag of dat eicel en zaadcel samen moeten smelten. dus ook de chromosomen

tip 2: Denk aan die vraag waarom je beetje op je vader en een beetje op je moeder lijkt

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

mitose
- 46 chromosomen in elk dochtercel
 - na elke deling van moedercel twee dochtercellen
- dochtercel genetisch identiek aan moedercel


Meiose
-
-
-

Lees blz 113 en 114 

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

mitose
- 46 chromosomen in elk dochtercel
 - na elke deling van moedercel twee dochtercellen
- dochtercel genetisch identiek aan moedercel

Lees blz 113 en 114 en bekijk de afbeelding 11.

Meiose
- 23 chromosomen in elk dochtercel
- 4 dochtercellen
- genetisch variant

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Leerdoelen


  • 2.1 Je kunt uitleggen op welke manieren er door ongeslachtelijke voortplanting nakomelingen ontstaan die genetisch identiek zijn aan de ouder (T)
  • 2.1 Je kunt het verloop van de celcyclus beschrijven en de verschillende fasen benoemen (T)



  • 2.2 Je kunt beschrijven hoe door meiose gameten worden gevormd en hoe de bevruchting verloop (R)
  • 2.2 Je kunt de bouw, werking en functie van de voortplantingsorganen van de mens beschrijven

Slide 44 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Huiswerk
Morgen gaan we verder met 2.3
2.1 opgaven 2,5, 7
2.2 opgaven 18, 19 en 20



Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Denkvraag
Denkvraag voor meisjes: je eierstokken maken het hormoon oestrogeen. Door dit hormoon gaan je borsten ontwikkelen.
 
Denkvraag voor jongens: je testes (ballen) maken het hormoon testosteron. Door testosteron gaan je haarfollikelcellen op je gezicht haar maken. 

Vertel in je eigen woorden hoe een hormoon dat elders in je lichaam gemaakt wordt effect heeft op andere cellen in het lichaam. Leg daarbij uit hoe ze daar komen en waarom je juist haar op je gezicht krijgt en niet op je neus? De dames leggen uit waarom hoe het kan dat borsten groter worden en niet je handen.

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Afsluiting
Volgend les gaan we 
Checklist:
  • Zijn de leerdoelen behaald?
  • Les in context plaatsen van de periode 
  • Het leren en het gedrag samen evalueren
  • Vooruitblikken adhv JdW-planner  

Slide 47 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

           Begrippen
           uit deze les

  • ...
  • ...

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Titel kan hier geplaatst worden.

Slide 49 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Eindslide.

Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 50 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies