Hoe kies je wat ‘goed’ is?

Hoe kies je wat ‘goed’ is?

1 / 41
volgende
Slide 1: Slide
newEditorFilosofieSecundair onderwijsTechnisch secundair onderwijsMaatschappij en welzijnLeerjaar 4

In deze les zitten 41 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 200 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Hoe kies je wat ‘goed’ is?

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel

Ik kan uitleggen hoe je morele keuzes beoordeelt met gevolgenethiek, plichtethiek en het idee van rechten en plichten.

De gebruiker gaf veel doelen voor het hele hoofdstuk, maar de subtopics in deze les draaien inhoudelijk om ethische keuzevorming. Daarom is dit het best passende lesdoel voor deze lesreeks.

Welke woorden koppel jij aan goed of fout kiezen?

Gebruik deze woordwolk als voorkennisactivatie bij het lesdoel. Verwachte woorden: eerlijkheid, regels, gevolgen, twijfelen, schuld, helpen, liegen, respect.

Wat is een moreel dilemma?

Een moreel dilemma is een situatie waarin je moet kiezen, maar niet meteen weet wat juist is.


Je weegt dan verschillende mogelijkheden tegen elkaar af.

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is kiezen soms moeilijk?

Bij een moreel dilemma botsen vaak meerdere dingen:

  • gevolgen: wat gebeurt er daarna?

  • intentie: wat was je bedoeling?

  • waarde: wat vind je belangrijk, zoals eerlijkheid of vriendschap?


Daardoor is er niet altijd één antwoord dat vanzelf spreekt.

Deze slide heeft geen instructies

Een eenvoudig voorbeeld

Een meisje wil naar een pretpark, maar haar vader heeft te weinig geld bij.


Als ze liegt over haar leeftijd, krijgt ze korting. Dan rijst de vraag: liegen of eerlijk zijn?

Gebruik dit voorbeeld om te tonen dat een moreel dilemma niet groot of spectaculair hoeft te zijn. Ook alledaagse keuzes kunnen ethisch zijn.

Drie manieren van afwegen

Bij morele keuzes kun je letten op verschillende accenten:

  • wat een handeling oplevert

  • met welke bedoeling iemand handelt

  • welke waarde voorrang krijgt


Deze accenten keren terug in verschillende ethische denkwijzen.

Bereid hier de overgang voor naar gevolgenethiek en plichtethiek. Nog niet alles uitwerken; enkel het denkkader openen.

Wat maakt een situatie tot een moreel dilemma?

A

Je moet kiezen

B

Je kent de regel

C

Juist is onduidelijk

D

Iedereen is akkoord

Toetst de kern van slides 2-5: niet gewoon kiezen, maar kiezen zonder dat meteen duidelijk is wat juist is.

Aanvullen

Bij een moreel dilemma moet je kiezen zonder dat meteen duidelijk is wat juist is. Je kunt dan letten op de gevolgen, de bedoeling van iemand en de waarde die voorrang krijgt.

moreel dilemma
gevolgen
waarde
plichtethiek
rechten
geluk
regel

De drie kernbegrippen uit het eerste blok zijn hier load-bearing: moreel dilemma, gevolgen, waarde.

Wat weegt voor jou het zwaarst in het pretparkvoorbeeld?

Bespreek welke elementen leerlingen afwegen: eerlijkheid, geldgebrek, hulp aan vader, liegen, gevolgen achteraf, intentie. Er is niet één juist antwoord; het gaat om het afwegen.

Gevolgenethiek

Bij gevolgenethiek beoordeel je een handeling op basis van het resultaat.


Een handeling is goed als de gevolgen goed zijn.

Deze slide heeft geen instructies

Het utilitarisme

De bekendste vorm van gevolgenethiek is het utilitarisme.


De hoofdregel is:

zorg voor het grootste geluk voor de grootste groep mensen.

Benadruk dat het hier niet gaat om wat prettig is voor één persoon, maar om de totale balans voor een grotere groep.

Jeremy Bentham

Jeremy Bentham dacht dat geluk bijna als een rekensom bekeken kan worden.


Je vergelijkt:

  • genot

  • pijn


Daarbij let je bijvoorbeeld op hoe sterk, hoe lang en voor hoeveel mensen het gevolg telt.

De brontekst noemt 7 factoren. Je hoeft ze niet allemaal op de slide te zetten; noem mondeling dat Bentham een systematische afweging wilde maken.

John Stuart Mill

John Stuart Mill vond dat niet alle vormen van genot even waardevol zijn.


Hij maakt een verschil tussen:

  • hogere vormen van genot: nadenken, kunst, filosoferen

  • lagere vormen van genot: eenvoudige, directe ontspanning

Leg uit dat Mill niet zegt dat lager genot waardeloos is, maar wel dat sommige vormen van geluk volgens hem meer bijdragen aan een goed menselijk leven.

Voorbeeld: de dam in China

Een grote waterkrachtcentrale levert stroom aan heel veel mensen en kan vervuiling door steenkool verminderen.


Maar de bouw heeft ook nadelen voor natuur en omwonenden.

Hou het voorbeeld concreet: stroom voor ongeveer een half miljoen mensen, ecologische schade, en ongeveer 100.000 mensen die moesten verhuizen.

De utilitaristische afweging

Bij dit voorbeeld botsen positieve en negatieve gevolgen:

  • positief: elektriciteit voor veel mensen, minder vervuiling

  • negatief: verhuis van bewoners, schade aan visbestand


Een utilitarist zal vragen welke keuze in totaal het meeste welzijn oplevert.

Maak duidelijk dat dit niet betekent dat de nadelen onbelangrijk zijn; ze worden meegewogen, maar kunnen volgens deze visie toch minder zwaar doorwegen dan het voordeel voor velen.

Welke zin past het best bij utilitarisme?

A

Volg altijd je plicht

B

Respecteer elke traditie

C

Zoek grootste geluk

D

Kies je eigen belang

De distractors spelen in op verwarring met plichtethiek, cultuur en egoïsme.

Aanvullen

Bij gevolgenethiek beoordeel je een handeling op basis van het resultaat. In het utilitarisme streef je naar het grootste geluk voor de grootste groep. Bentham vergelijkt genot met pijn, terwijl Mill ook let op hogere en lagere vormen van genot.

gevolgenethiek
utilitarisme
genot
plichtethiek
intentie
regel
rechten

Echoot de formuleringen van slides 6-11 en onderscheidt Bentham van de bredere stroming.

Wat zou een utilitarist bij de dam vooral benadrukken?

1

Stroom voor velen

2

Verhuizen is fout

3

De regel volgen

4

De intentie telt

Deze slide heeft geen instructies

Plichtethiek

Bij plichtethiek kijk je niet eerst naar de gevolgen.


Je vraagt vooral:

  • volg ik een juiste regel?

  • handel ik vanuit de juiste bedoeling?

Deze slide heeft geen instructies

De Gulden Regel

De Gulden Regel luidt:

Behandel anderen zoals je zelf behandeld wilt worden.


Deze regel komt in veel culturen en godsdiensten voor en benadrukt wederzijds respect.

Verbind dit met alledaagse voorbeelden zoals eerlijk zijn, niet schelden en rekening houden met anderen.

Immanuel Kant

Immanuel Kant zegt dat je je verstand moet gebruiken om te bepalen wat goed is.


Volgens hem moet een morele regel niet alleen voor jou gelden, maar voor iedereen.

Deze slide heeft geen instructies

De categorische imperatief

Kants regel is:

Doe alleen dingen waarvan jij zou willen dat iedereen ze altijd zou doen.


Een keuze is pas moreel als je ze kunt willen als algemene regel.

Gebruik consequent de term 'categorische imperatief'. Vermijd extra Kant-begrippen die niet in de bron staan.

Voorbeeld: liegen

Stel dat je wilt liegen tegen je vrienden.


Kant vraagt dan: zou ik willen dat iedereen altijd liegt?

Als het antwoord nee is, dan mag jij het ook niet doen.

Leg uit dat voor Kant de regel belangrijker is dan een handig of prettig gevolg in één concrete situatie.

Welke vraag hoort het meest bij Kant?

A

Wie wordt blijer?

B

Wat levert dit op?

C

Wil ik dit altijd?

D

Wat vindt de groep?

Toetst begrip van de categorische imperatief zonder de definitie letterlijk te laten reproduceren.

Waarom mag spieken volgens Kant niet?

Verwachte elementen: als iedereen spiekt, verliezen toetsen en diploma's hun waarde; we weten niet meer wie iets echt kan; dus kan het geen algemene regel zijn.

Rechten en plichten

In een samenleving horen rechten en plichten bij elkaar.


Als jij rechten hebt, verwacht dat ook iets van jouw houding en gedrag tegenover anderen.

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeelden uit het dagelijks leven

  • naam van anderen respecteren

  • niets verspillen en anderen helpen

  • je best doen en anderen helpen leren

  • meningen van anderen respecteren

  • recht op een naam

  • recht op voeding

  • recht op onderwijs

  • recht op vrije meningsuiting

Rechten

Bijhorende plichten

De tabel uit de bron is hier omgezet naar twee kolommen voor projectie. Houd de koppeling tussen elk recht en de bijhorende plicht mondeling scherp.

Mensenrechten als afspraak

Deze koppeling tussen rechten en plichten staat niet los van de samenleving.


Ze sluit aan bij de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, waarin fundamentele rechten wereldwijd zijn opgeschreven.

Je hoeft de verklaring hier niet historisch uit te diepen. Het doel is dat leerlingen zien dat rechten niet alleen persoonlijke wensen zijn, maar deel van een gedeeld moreel kader.

Welke plicht past bij vrije meningsuiting?

A

Anderen tegenspreken

B

Meningen respecteren

C

Altijd zwijgen

D

Iedereen overtuigen

Sluit aan bij de tabel op slide 18.

Aanvullen

In een samenleving horen rechten en plichten bij elkaar. Het recht op onderwijs betekent ook dat je je best doet en anderen helpt leren. Deze koppeling sluit aan bij de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

rechten
plichten
best
Mens
regels
vrijheid
geluk
wereld

Gebruik dit om de koppeling tussen rechten en verantwoordelijkheden scherp te krijgen.

Kritiek op gevolgenethiek

Gevolgenethiek heeft zwakke punten:

  • je kunt de toekomst nooit volledig voorspellen

  • goede bedoelingen tellen minder mee

  • een kleine groep kan opgeofferd worden voor een grotere groep

Verbind dit eventueel terug met de dam in China: juist daar zie je hoe moeilijk het is om alle gevolgen volledig te kennen en eerlijk te wegen.

Kritiek op plichtethiek

Plichtethiek roept ook problemen op:

  • welke regel is het belangrijkst?

  • regels kunnen met elkaar botsen

  • geen rekening houden met gevolgen kan onredelijk uitpakken

Benadruk dat 'domme keuzes' uit de bron hier filosofisch wordt hernomen als 'onredelijk uitpakken'. Het gaat om kritiek op star vasthouden aan regels.

Waarom deze kritiek belangrijk is

Geen enkele benadering lost elk moreel probleem perfect op.


Daarom vergelijken filosofen verschillende manieren van denken:

  • gevolgen

  • regels en intenties

  • rechten en plichten

Laat hier de les landen: moreel denken is afwegen, niet zomaar een trucje toepassen.

Wat is een kritiek op gevolgenethiek?

A

Te weinig regels

B

Gevolgen onzeker

C

Geen waarden meer

D

Te veel tradities

Correct omdat de toekomst nooit volledig voorspelbaar is. 'Te weinig regels' hoort eerder bij een oppervlakkige mislezing.

Wat is een kritiek op plichtethiek?

A

Te veel gevolgen

B

Te weinig geluk

C

Regels botsen soms

D

Geen keuzes nodig

Verwijst naar slide 21: welke regel is het belangrijkst en wat als regels botsen?

Waarom lost één ethische regel niet elk dilemma op?

Laat leerlingen verwoorden dat geen enkele benadering alles oplost. Mogelijke elementen: gevolgen zijn moeilijk te voorspellen, regels kunnen botsen, rechten en plichten helpen maar lossen niet elk dilemma op.

Wat is één inzicht uit deze les dat jij onthoudt?

Exit ticket zonder juiste antwoorden. Laat leerlingen één helder inzicht formuleren uit de les.

Wat hielp jou het meest om dit onderwerp te begrijpen?

Exit ticket zonder juiste antwoorden. Gebruik de antwoorden om te zien welke didactische aanpak werkte: voorbeelden, vergelijkingen, schema's, klassengesprek.

Begrippen

moreel dilemma - situatie waarin je moet kiezen zonder dat meteen duidelijk is wat juist is

gevolgenethiek - ethiek die een handeling beoordeelt op basis van de gevolgen

utilitarisme - vorm van gevolgenethiek die mikt op het grootste geluk voor de grootste groep

plichtethiek - ethiek die kijkt naar regels, plicht en bedoeling

Gulden Regel - behandel anderen zoals je zelf behandeld wilt worden

categorische imperatief - regel van Kant: doe alleen wat je als algemene regel voor iedereen kunt willen

rechten - aanspraken die mensen hebben en die beschermd moeten worden

Deze slide heeft geen instructies

Begrippen

plichten - verantwoordelijkheden die samengaan met rechten

Jeremy Bentham - filosoof die geluk en pijn wilde afwegen in een soort morele rekensom

John Stuart Mill - filosoof die onderscheid maakt tussen hogere en lagere vormen van genot

Immanuel Kant - filosoof van de plichtethiek en de categorische imperatief

Universele Verklaring van de Rechten van de Mens - document waarin fundamentele rechten van mensen zijn vastgelegd

Deze slide heeft geen instructies