9.3.pptx

9.3 Fascisme en Nationaalsocialisme

In praktijk brengen van de totalitaire ideologieën en fascisme / nationaalsocialisme

De rol van moderne propagande- en communicatiemiddelen vormen van massaorganisatie

Racisme en discriminatie leiden tot genocide, in het bijzonder op de joden.

1 / 44
volgende
Slide 1: Tekstslide
Nieuwe lesbewerkerGeschiedenisVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 5

In deze les zitten 44 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

9.3 Fascisme en Nationaalsocialisme

In praktijk brengen van de totalitaire ideologieën en fascisme / nationaalsocialisme

De rol van moderne propagande- en communicatiemiddelen vormen van massaorganisatie

Racisme en discriminatie leiden tot genocide, in het bijzonder op de joden.

Na WOI

  • Vredesregelingen van WOI nadelig voor Italië en Duitsland, ontevreden, vernederd verraden door eigen leiders.

  • Japan streefde naar gebiedsuitbreiding

  • Italië > Fasci Combattimento, knokploegen o.l.v. Benito Mussolini

  • Duitsland > NSDAP

    • 1933 Adolf Hitler aan de macht

Japan

Gebiedsuitbreiding i.v.m. bevolkingsgroei

Weinig grondstoffen, afhankelijk van import

Japanse cultuur superieur aan andere Aziatische volken.

1936 bondgenootschap Japan, Italië en Duitsland

1937 veroverde Japan Oost-China


Duitsland en Italië

Parlementaire democratie uitgeschakeld

Bouw totalitaire staat

Sterke leider beloofde te zorgen voor orde, rust en welvaart.

Italië

  • Had niet gekregen wat geallieerden beloofden

  • Slechte economische situatie

  • Linkse politiek meer aanhang, maar slecht georganiseerd

  • Fasci Combattimento speelde linkse partijen tegen elkaar uit.

  • Rechtste groep ontwikkelde zich tot paramilitaire organisatie die tegenstanders terroriseerden > ontstaan Fascisme

Fascisme

  • Anti beweging die zich ontwikkelde tot ideologie

  • Keerde zich in eerste instantie tegen:

    • Democratie en parlementair systeem

    • Liberalisme

    • Kapitalisme

    • Socialisme

    • Communisme

    • Internationalisme

    • pacifisme

4 hoofdkenmerken Fascistische bewegingen

Eenheid natie > belangen staat boven individu

Verheerlijken van geweld en militarisme

Grote waarde aan gevoel en intuïtie ipv ratio

Sterke leider

Duitsland

  • Na WOI situatie ongunstiger dan Italië

  • Republiek van Weimar > onrusten en opstand hard aangepakt vooral communisten (Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht)

  • Herstelbetalingen te hoog > Fa en Be bezetten Ruhrgebied.

  • Geld stakende arbeiders werd betaald door bijdrukken geld…. HYPERINFLATIE

  • 1923 mega hoge inflatie

  • En en Fa konden schulden aan VS niet terugbetalen doordat Dui herstelbetalingen niet kon doen.

  • VS grijpt in en verlaagt herstel betalingen

  • Duitsland herstelde

Duitsland herstelde

Hitler

  • 1913 verhuisde hij van Oostenrijk naar München

  • WOI vrijwillig in Beiers regiment, verlies valt hem zwaar

  • 1919 lid nationalistische beweging >ontwikkeld redenaarstalent > wordt leider NSDAP

  • 1923 economische crisis en inflatie hoogtepunt

  • Staatsgreep München mislukt > 9 maanden in gevangenis

  • Mein Kampf

  • 1929 Beurskrach daarna veel aanhang

Totalitaire Staat

  • 5 maart 1933 Hitler en NSDAP geen absolute meerderheid maar Hitler wel Rijkskanselier

  • Verbod KPD (brand rijksdag)

  • Nu wel meerderheid stemmen

  • 23 maart 1933 Gesetz zur Behebung der Not von Volk und Reich > 4 jaar bevoegdheid wetten buiten parlement om maken voor Rijkskanselier

  • Alle partijen behalve NSDAP verboden

  • Minister van Propaganda en volksvoorlichtng Joseph Goebbels

Joden

  • 1 april 1933 boycot Joden aangekondigd

  • 1935 isoleren van joden

  • 15 september 1935 rassenwetten

    • Wet ter bescherming van het Duitse bloed en de Duitse eer

Hitlers felle racisme en antisemitisme belangrijk verschil tussen Italiaanse Fascisme en Duitse Nationaalsocialisme

De Theorie

  • Een groot Duits rijk voor alle Ariërs

  • Genoeg lebensraum voor alle Ariërs -> uitbreiden naar oosten.

  • Rassentheorie > Ariërs voorbestemd te regeren

  • Communisme bestrijden

  • Oorlog als enige middel om doelen te bereiken

  • Vrouwen als broedmachines




Voorbereiding oorlog

WOII

Appeasement

  • Toegefelijke houding politici om de vrede te bewaren.

  • Hitler houdt zich aan geen enkele afspraak

    • Anschluss Oostenrijk

    • Stukjes van Tsjecho Slowakije

    • 1939 niet aanvalsverdrag met Rusland en Polen verdelen

    • 1 sept 1939 Wehrmacht trekt Polen binnen


Chamberain (GB)

Europa in Oorlog

  • Blitzkrieg

  • 2 dagen na inval Polen verklaren En en Fa oorlog aan Hitler

  • 1940 verrassingsaanvalllen

    • April > denemarken en Noorwegen

    • Mei > Nederland, België en Frankrijk

    • Eind juli iedereen had zich overgegeven

Oostfront

  • 1941 operatie Barbarossa > aanval op Sovjet-Unie

  • Rode leger zwak

  • Eerste half jaar veroverde Hitler veel gebieden

  • 1942-1943 strenge winter keerpunt (vergelijk Zweden koning Karel XII en Napoleon)


Wereldoorlog

  • Noord-Afrika tankdivisies Dui en Geallieerden in oorlog

  • Japan bezette veel gebieden 7 dec 1941 Pearl Harbor

  • Daarna Zuidoost Azië > toen dus ruzie met GB, FA en Ne


  • Hitler verklaarde 11 dec. 1941 oorlog aan Amerika.

  • Sovjet-Unie, GB en VS bondgenoten, dat was moeilijk!

  • 6 juni 1944 D-Day

  • April 1945 Hitler verslagen

Massavernietigingswapen

Japan gaf maar niet op > soldaten hadden eed van trouw afgelegd aan de keizer!

Atoombom

6 aug Hiroshima

9 aug Nagasaki

15 aug 1945 einde WOII

Indisch nationalisme

Waarom wilde Japan gebiedsuitbreiding?

A

Voor culturele uitwisseling.

B

Voor grondstoffen en hulpbronnen.

C

Voor toerisme.

D

Voor militaire training.

Wat was een gevolg van het fascisme in Italië?

A

Economische groei voor iedereen.

B

Onderdrukking van politieke tegenstanders.

C

Versterking van democratische waarden.

D

Toename van persvrijheid.

Wat gebeurde er met de parlementaire democratie in Italië?

A

Het bleef ongewijzigd

B

Het werd uitgebreid met nieuwe partijen

C

Het werd versterkt door socialisme

D

Het werd uitgeschakeld door fascisme

Waarom waren Italië en Duitsland ontevreden?

A

Over militaire samenwerking

B

Over economische groei

C

Over culturele uitwisselingen

D

Over de vredesverdragen na WOI

Wat typeerde de politiek in Duitsland na WOI?

A

Links-socialistische hervormingen

B

Het fascisme en rechtse politiek

C

Democratische stabiliteit

D

Liberale economische maatregelen

Wat is fascisme?

A

Een sociaal netwerk

B

Een democratisch systeem

C

Een autoritaire politieke ideologie

D

Een religieuze overtuiging

Welke van de volgende is een kenmerk van fascisme?

A

Individuele vrijheden

B

Vrije pers en politieke pluralisme

C

Nationalisme en militarisme

D

Gelijktijdige verkiezingen

Fascisme verwerpt meestal welke van de volgende?

A

Sociale rechtvaardigheid

B

Autoritarisme en centralisatie

C

Militarisme en nationalisme

D

Democratie en sociale gelijkheid

Wat was een gevolg van de hyperinflatie na WOI?

A

Verbetering van de levensstandaard

B

Stijging van de werkgelegenheid

C

Verlies van spaargeld

D

Economische instabiliteit

Wat kenmerkte de Republiek van Weimar?

A

Eendrachtige regering

B

Politieke instabiliteit

C

Sterke economische groei

Wat leidde tot de crisis in de jaren '20?

A

Volledige economische bloei

B

Stijgende export

C

Werkloosheid

D

Hyperinflatie

Wie was de minister van Propaganda?

A

Rudolf Hess

B

Hermann Göring

C

Alfred Rosenberg

D

Joseph Goebbels

Wie kreeg de schuld voor de Rijksdagbrand?

A

Christelijk-Democratische Unie

B

Communistische Partij van Duitsland

C

Socialistische Partij

D

Nationaal-Socialistische Duitse Arbeiderspartij

Wat gebeurde met de KPD na de brand?

A

Nieuwe verkiezingen gewonnen

B

Toegang tot het kabinet verkregen

C

Uit het parlement gezet

D

Grootste partij geworden

Wat was een belangrijk verschil tussen fascisme in Italië en Duitsland?

A

Liberalisme in Duitsland

B

Antisemitisme in Duitsland

C

Socialisme in Italië

Wat zijn de Neurenberger rassenwetten?

A

Sociale wetgeving

B

Economische hervormingen

C

Wetten tegen Joden

Wie voerde de Neurenberger rassenwetten in?

A

Hitler-regime

B

Franse regering

C

Italiaanse fascisten

Wat is het doel van blitzkrieg?

A

Snel vijandelijke gebieden veroveren

B

Langdurige belegeringen uitvoeren

Wat houdt appeasementpolitiek in?

A

Vrede behouden door concessies te doen

B

Militaire aanvallen starten op vijanden

Wie paste appeasementpolitiek toe in de jaren '30?

A

Duitse en Italiaanse leiders

B

Verenigd Koninkrijk en Frankrijk

Wat was de datum van D-Day?

A

5 mei 1944

B

7 juli 1944

C

6 augustus 1945

D

6 juni 1944

Waar werd de atoombom op Japan gedropt?

A

Nagasaki

B

Osaka

C

Tokio

D

Hiroshima