Belastingrecht erf- en schenkbelasting bewerkt

Erf- en schenkbelasting
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
rechtenMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Erf- en schenkbelasting

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma les
1 Erfbelasting (grootste gedeelte van de les)
- fragment YouTube erfbelasting (5 min.) 
- belangrijkste punten erfbelasting doornemen
- veel verschillende sommetjes maken

2 Schenkbelasting (lijkt erg veel op de erfbelasting qua toepassing!)
- stukje uitleg en een aantal sommetjes

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Erfbelasting (ook wel successiebelasting)

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Belangrijkste punten (1)
- Degene (of de entiteit, het kan namelijk ook een bedrijf zijn, dus een natuurlijk persoon of een rechtspersoon) die iets krijgt uit de nalatenschap, moet erfbelasting betalen (de verkrijger noemen we ook wel belastingsubject, nl. degene op wie de belasting van toepassing is).

- Hoeveel erfbelasting er betaald moet worden, hangt af van de waarde van de verkrijging (= belastingobject, nl. datgene waar belasting op wordt geheven) en van de relatie tussen de overledene en de verkrijger.

- Erfbelasting betaal je alleen bij een verkrijging boven de vrijstelling. (vrijstelling = het deel van de erfenis waar je geen belasting over betaalt!)

- Bedragen van vrijstellingen en tarieven (% belasting) zijn afhankelijk van de relatie tot de overledene (er zijn tabellen voor de vrijstellingen en de tarieven)

Jullie moeten (vooral) kunnen rekenen aan de hand van een aantal voorbeelden en situaties dus bovenstaande hoeven jullie niet uit het hoofd te leren! Later in deze sheets veel oefenmateriaal 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Belangrijkste punten (2)
- De aangifte erfbelasting moet binnen 8 maanden na overlijden gedaan worden

- Bepaalde kosten rond de uitvaart mogen worden afgetrokken voor de erfbelasting

- In internationale situaties kan de heffing van belasting rond het overlijden heel anders geregeld zijn.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vrijstellingen 2025 -->

(hoef je niet uit je hoofd te kennen, deze veranderen sowieso ieder jaar , je krijgt ze bij de opgaven die je moet maken en je kunt ze  ook eenvoudig online vinden)

Belangrijk: van je erfenis haal je de vrijstelling die op jou van toepassing is af en vervolgens betaal je belasting over het bedrag dat overblijft (de belastbare som). 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tarieven erfbelasting -->

Er zijn 2 'schijven'.

- Een eerste schijf tot €154.197
waarin je een bepaald % belasting betaalt

- Een tweede schijf vanaf €154.197
waarin je een hoger % belasting betaalt

Let op! Hoe verder 'weg' je relatie m.b.t. de overledene, hoe hoger % belasting!

Deze % hoef je ook niet uit je hoofd te leren, die krijg je van ons.




Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Berekenen vrijstellingen
  • Kijk goed naar de afstamming, kijk onder 'U bent'
    wat jouw relatie tot de overledene is

  • Een oom of tante is dus ook een overige/andere
    erfgenaam en andersom ook (als jij van je oom of
    tante erft)

  • En nogmaals: bij vrijstellingen wordt eerst de
    vrij
    stelling verrekend (dus afgehaald van de erfenis),
    dan pas de belasting berekend!


Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mike laat een erfenis van €200.000 na aan zijn kind Bo.
Wat is de eerste stap die je zet voor het uitrekenen van de erfbelasting?
A
% vaststellen in schijf 1
B
% vaststellen in schijf 2
C
het vrijstellingsbedrag vaststellen

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Mike laat (zoals gezegd) een erfenis na voor zijn kind Bo van €200.000. Wat is het vrijstellingsbedrag voor Bo?

Slide 10 - Open vraag

2025: 25.490
Wat is nu het bedrag waarover je de erfbelasting berekent oftewel wat is de belastbare som? (erfenis is €200.000 en de vrijstelling €25.490), geef de berekening!

Slide 11 - Open vraag

200.000-25.490= 174.510

We hebben net berekend dat de belastbare som €174.510 is. In welke schijf of schijven gaat Bo nu erfbelasting betalen?

Slide 12 - Open vraag

Schijf 1: 10% 154196*10%=15419,6
Schijf 2: 20% 174.510-154.196=20.314
20.314*20%=4.062,8
15419,60+4062,80=19482,4 
Wat is de te betalen belasting door Bo over de erfenis? Laat zien met een berekening! (belastbare som: €174.510)

Slide 13 - Open vraag

Schijf 1: 10% 154196*10%=15419,6
Schijf 2: 20% 174.510-154.196=20.314
20.314*20%=4.062,8
15419,60+4062,80=19482,4 
Wat is de te betalen belasting door Bo over de erfenis? Laat zien met een berekening! (belastbare som: €174.510)
Schijf 1: €154.197 / 100 x 10 = €15.419,70 dus €15.419 (want we ronden in voordeel van de belastingbetaler af, per schijf doen we dit)

In schijf 2 resteert: €174.510 - €154.197 = €20.313. Hierover betaalt Bo 20% belasting, dat is:
€20.313 / 100 x 20 = €4.062,60 dus €4.062

In totaal betaalt Bo aan belasting: 

€15.419 + €4.062 = €19.481

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nieuw voorbeeld!!: hoeveel bedraagt
de belasting als de belastbare som
over de erfenis €52.368 was
en aan een vriend?

Geef de berekening!

Slide 15 - Open vraag

52368-2690=49678 (belastbare som)
49678x30%=14903,4  
Hoeveel bedraagt de belasting als de belastbare som over de erfenis €52.368 was
en aan een vriend?
€52.368 / 100 x 30 = €15.710,40 dus €15.710

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frans overlijdt en laat aan zijn kleinkind Jos €42.000 na.
a. hoe hoog is het vrijstellingsbedrag voor Jos?
b. wat is de belastbare som?
c. welk belastingpercentage (%) is van toepassing op de erfenis?
d. hoeveel belasting moet hij betalen?

Slide 17 - Open vraag

Kleinkind 42000
Vrijstelling 25.490
Belastbare som 42000-25490=16510
% 18%
Hoeveel? 16510*18%=2971,8 
Frans overlijdt en laat aan zijn kleinkind Jos €42.000 na.
a. hoe hoog is het vrijstellingsbedrag voor Jos?
b. wat is de belastbare som?
c. welk belastingpercentage (%) is van toepassing op de erfenis?
d. hoeveel belasting moet hij betalen? 
a. €25.490
b. €42.000 - €25.490 = €16.510
c. 18%
d. €16.510 / 100 x 18 = €2.971,80 dus €2.971
(want in voordeel van belastingbetaler afgerond!!)

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stel: achterkleinkind Freek erft, na aftrek van de vrijstelling, €150.000.

Hoeveel erfbelasting moet hij betalen?

Slide 19 - Open vraag

Achterkleinkind 150.000
Na aftrek vrijstelling
Belasting? 150.000*18%=27.000
Wat houdt hij over? 150000+2690-27000=125690 
Stel: achterkleinkind Freek erft, na aftrek van de vrijstelling, €150.000.

Hoeveel erfbelasting moet hij betalen?
€150.000 / 100 x 18 = €27.000

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schenkbelasting
  • In dezelfde wet als waarin de erfbelasting staat, vinden we ook de schenkbelasting.

  • Grootste verschil met de erfbelasting is dat degene die schenkt nog leeft!

  • De vrijstellingsbedragen zijn anders dan bij de erfbelasting. Je kunt bijvoorbeeld jaarlijks tot aan het vrijstellingsbedrag schenken aan je kind. Het kan daarom slim zijn dit al te doen i.p.v. te wachten tot de erfenis, want dan is het een groter bedrag en dus meer te betalen erfbelasting! 

  • De belastingtarieven, dus de % belasting zijn verder wel hetzelfde!

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorwaarden eenmalige vrijstelling
  • Deze vrijstelling geldt alleen als de ontvanger kind is van de schenker en op het moment van de schenking tussen de 18 en 40 jaar is óf een partner heeft tussen de 18 en 40 jaar. De dag van de 40e verjaardag telt nog mee.


  • De verhoogde vrijstelling (de vrijstelling van € 6.713 kan worden verhoogd en er is dus geen 'extra' vrijstelling!!) is eenmalig en mag worden gebruikt voor 1 van de volgende 2 bestedingsdoelen: een dure studie óf een bestedingsdoel waarover de ontvanger zelf beslist.

  • Tot dit jaar was er nog een 3e eenmalige vrijstelling, namelijk voor de eigen woning (de 'jubelton'). Deze bestaat niet meer!

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel kunnen je ouders je ieder jaar belastingvrij schenken? (weet je hem nog precies: mooi, schat hem anders zo goed mogelijk)

Slide 25 - Open vraag

6713 (2025)
1. Wat is het maximale bedrag dat je, zonder belasting te hoeven betalen, als schenking kunt krijgen van je ouders? (geef een indicatie als je het precieze bedrag niet meer weet)
2. Maakt dat uit waarvoor ze je dat schenken?
3. En hoe vaak mogen ze zo'n bedrag schenken?

Slide 26 - Open vraag

Max bedrag 67.064
Doel? Dure studie
Hoe vaak? Eenmalig (1 maal in het leven van het kind)
1. Wat is het maximale bedrag dat je zonder belasting te hoeven betalen als schenking kunt krijgen van je ouders? (geef een indicatie als je het precieze bedrag niet meer weet)
2. Maakt dat uit waarvoor ze je dat schenken?
3. En hoe vaak mogen ze zo'n bedrag schenken?
1. €67.064
2. Dure studie, want indien vrij bestedingsdoel: maximaal €32.195 schenken!
3. Eenmalig

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mark (45) ontvangt, als zijn beide ouders met pensioen zijn, een schenking van in totaal €50.000, gelijk verdeeld over de 2 ouders (vrijstelling schenking ouder aan kind: €6.713).

Wat houdt hij hiervan over i.v.m. de schenkbelasting? Zet alle stappen erbij!

Slide 28 - Open vraag

Vrijstelling 6713
Tarief 18%
50000-6713=43287
43287*18%=7791,66
50000-7791,66=42208,34 
Mark (45) ontvangt als zijn beide ouders met pensioen zijn, een schenking van €50.000, gelijk verdeeld over de 2 ouders (vrijstelling schenking ouder aan kind: €6.713). Wat houdt hij hiervan over i.v.m. de schenkbelasting?

Zet alle stappen erbij!
Per ouder krijgt hij: €50.000 / 2 = €25.000
€25.000 - €6.713 = €18.287 belastbare som
€18.287 / 100 x 10 = €1.828 (afgerond) 
Dus hij betaalt in totaal aan belasting: €1.828 x 2 = €3.656

Netto houdt hij van de schenking over: €50.000 - €3.656 = €46.344

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Marit krijgt van haar oom (die geen kinderen heeft en vermogend is) op haar 21e €100.000,- geschonken om haar in staat te stellen een woning te kunnen kopen. Hoeveel erfbelasting betaalt zij?

Slide 30 - Open vraag

Nichtje dus verhoogde vrijstelling geldt niet
Vrijstelling nicht 2690
100000-2690=97310
97310*18%=17515,8 
Marit krijgt van haar oom (die geen kinderen heeft en vermogend is) op haar 21e €100.000,- geschonken om haar in staat te stellen een woning te kunnen kopen. Hoeveel schenkbelasting betaalt zij? 
€100.000 - €2.690 = €97.310

€97.310 / 100 x 30 = €29.193 (Marit valt onder
'Overige personen', ondanks de familiare band
met haar oom, en betaalt dus het hoge tarief
van 30% over wat haar oom haar schonk)

(Van deze ton mag ze dus €100.000 - €29.193 = €70.807 houden)

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Einde les
Nog vragen?

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies