Kunst en cultuur

Kunst en cultuur

1 / 59
volgende
Slide 1: Slide
newEditorKunstbeschouwingSecundair onderwijs

In deze les zitten 59 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Kunst en cultuur

Inhoud

  1. Wat is cultuur?

  2. Wat is kunst?

  3. De kunstenaar en zijn/haar/hun wereld

  4. Kunstenaars en hun identiteit

    1. Nick Cave

    2. Frida Kahlo

    3. Vincent Van Gogh

    4. Joseph Beuys

    5. Jean-Michel Basquiat

    6. Marina Abramović

  5. Opdracht: microcontext onder de loep

  6. Schetsboek opdracht: mijn cultuur in lagen

  1. WAT IS CULTUUR?

  2. WAT IS KUNST?

Wat is cultuur?

Noteer zoveel mogelijk antwoorden in de woordspin

Wat is cultuur?

Wanneer jij het woord ‘cultuur’ hoort, denk je misschien aan muziek, kunst, theater of dans. Dat is logisch: in het dagelijks taalgebruik verwijst cultuur vaak naar die vormen van artistieke expressie.

Doe de test!

Wat is cultuur?

Cultuur is alles wat mensen leren, delen en doorgeven binnen een groep of samenleving.

Het gaat bijvoorbeeld over:

  • taal

  • gewoontes en tradities

  • feestdagen

  • kleding

  • eten

  • normen en waarden

  • humor

  • omgangsvormen

  • muziek en kunst

  • hoe je met elkaar praat

  • hoe je denkt over goed en fout

Cultuur bepaalt dus voor een stuk hoe jij naar de wereld kijkt!

Wat is kunst?

Noteer zoveel mogelijk antwoorden in de woordspin

Wat is kunst?

We hebben gezien dat cultuur alles is wat mensen leren, delen en doorgeven binnen een groep of samenleving. Maar wat is dan kunst? Kunst is een manier waarop mensen zich uitdrukken. Het is een vorm van expressie waarbij iemand iets wil tonen, vertellen of voelbaar maken.

Kunst kan verschillende vormen aannemen, zoals:

  • schilderkunst

  • muziek

  • film

  • fotografie

  • dans

  • theater

  • literatuur

  • beeldhouwkunst

  • digitale kunst

Wat maakt iets kunst?

Kunst is niet zomaar “iets maken”. Het gaat meestal om meer dan alleen een voorwerp of een beeld.

  • In kunst zit vaak een idee of een boodschap,

  • een gevoel dat iemand wil uitdrukken,

  • een bepaalde visie op de wereld of

  • een reactie op wat er in de samenleving gebeurt.


Kunst kan dus verschillende betekenissen hebben. Soms is kunst mooi en aangenaam om naar te kijken, maar soms is ze ook confronterend, verwarrend of kritisch. Kunst hoeft niet altijd prettig te zijn; ze wil je vaak aan het denken zetten of iets laten voelen.

Kunst en identiteit

Kunst is bovendien sterk verbonden met identiteit. Kunstenaars gebruiken hun werk vaak om

  • hun gevoelens te verwerken,

  • hun persoonlijk verhaal te vertellen,

  • hun mening te uiten of

  • hun culturele achtergrond zichtbaar te maken.


In kunst zie je dus vaak terug wie iemand is, waar iemand vandaan komt, wat iemand heeft meegemaakt en hoe iemand naar de wereld kijkt. Op die manier wordt kunst een spiegel van de identiteit van de maker.

Verschil kunst en cultuur

Cultuur = het geheel van gewoontes, waarden, normen, tradities en manieren van leven binnen een groep of samenleving. Het gaat om hoe mensen denken, handelen en samenleven.


Kunst = een vorm van expressie binnen die cultuur, zoals muziek, schilderkunst, film, literatuur of dans.


Kunst is dus een onderdeel van cultuur, maar cultuur is veel breder dan kunst alleen.

Socialisatie

Cultuur beïnvloedt ook jouw identiteit. Je groeit namelijk op binnen een bepaalde cultuur: in je gezin, in je buurt, in je land en in je vriendengroep.


Tijdens dat opgroeien leer je hoe je je “hoort” te gedragen binnen een groep = socialisatie.

Je leert van je gezin, je vrienden, je school, social media...


Door  socialisatie neem je waarden, normen en gewoontes over, en daarom maakt cultuur deel uit van je sociale identiteit.


Tegelijk heb je ook een persoonlijke kant: je kiest zelf welke culturele elementen belangrijk voor je zijn en welke minder bij jou passen.


Identiteit is dus niet alleen aangeleerd, maar ook persoonlijk en uniek!

Samenvatting

Cultuur =  het brede geheel van gewoontes, waarden en manieren van leven.


Kunst =  een manier waarop cultuur zich uitdrukt.


Identiteit =  wie jij wordt binnen die culturele context.

  1. DE KUNSTENAAR EN ZIJN/HAAR/HUN WERELD

Stromae - Papaoutai (papa, waar ben je?)

  • Toen Paul (Stromae) 9 jaar, werd zijn vader vermoord in Rwanda door de genocide, hij groeit op zonder vader.

  • Dit lied gaat over gemis, afwezigheid en identiteit, terwijl de meesten het kennen als een goed dansliedje.

  • Artiesten gebruiken vaak eigen levenservaringen in hun kunst/muziek

Microcontext

Geen enkele kunstenaar creëert zijn leven lang op dezelfde wijze kunstuitingen.


De kunstenaar ondergaat verschillende invloeden tijdens zijn leven, zowel

  1. maatschappelijke (bv. technologische vernieuwingen) als

  2. persoonlijke (bv. bepaalde ervaringen of ontmoetingen).


Vaak zijn kunstuitingen ook reflecties van innerlijke gemoedstoestanden en kunnen bepaalde levensgebeurtenissen een kunstenaar en zijn oeuvre (werken) beïnvloeden = microcontext.

Microcontext en identiteit

Identiteit = verschillende lagen.

Tot die lagen behoren onder meer:

  1. persoonlijke ervaringen,

  2. trauma’s en moeilijke momenten,

  3. familie en opvoeding,

  4. cultuur en afkomst,

  5. religie of levensbeschouwing,

  6. sociale groepen

  7. en de bredere maatschappelijke context.


=> Al deze elementen vormen samen wie iemand is en hoe iemand naar de wereld kijkt.

Kunst een spiegel van de gelaagde en dynamische identiteit van de maker.

Kunstenaars verwerken vaak delen van hun identiteit in hun werk, soms bewust en soms onbewust. Kunst is daarom niet zomaar “iets moois”, maar vaak een manier om gevoelens te verwerken, een persoonlijk verhaal te vertellen, kritiek te geven op de maatschappij of zichzelf te tonen. Wat een kunstenaar meemaakt in zijn microcontext — ontmoetingen, ervaringen, overtuigingen en maatschappelijke invloeden — wordt zo zichtbaar in zijn kunst.

=> Op die manier wordt kunst een spiegel van de gelaagde en dynamische identiteit van de maker.

  1. KUNSTENAARS EN HUN IDENTITEIT

1. NICK CAVE

Nick Cave (1957)

Op 14 juli 2015 kwam Arthur Cave, een zoon van de Australische  singer-songwriter Nick Cave, om het leven toen hij  van een klif viel. Dat tragische ongeval was de aanleiding voor  het album Ghosteen. Cave beschrijft er zijn verwerkingsproces.


Het album Ghosteen gaat over rouw, verdriet en verwerking.

Identiteitslaag:

  • persoonlijke identiteit

  • emotionele laag

  • rouw als deel van wie hij is geworden



Door het overlijden van zijn zoon veranderde Nick Cave als persoon. Zijn verdriet en rouw werden een deel van wie hij is geworden. Zijn muziek klinkt anders dan vroeger en zijn thema’s zijn veranderd. Dat toont dat identiteit dynamisch is.

Identiteit = dynamisch

Dynamisch betekent dat identiteit niet vastligt, maar kan veranderen doorheen de tijd.
Wat je meemaakt, wie je ontmoet en welke ervaringen je hebt, beïnvloeden wie je wordt. Je blijft dezelfde persoon, maar bepaalde lagen van je identiteit kunnen sterker worden, verschuiven of een nieuwe betekenis krijgen. Bijvoorbeeld: Iemand die een moeilijke periode meemaakt, kan gevoeliger of sterker worden. Iemand die een nieuwe passie ontdekt, kan zichzelf anders gaan zien. Identiteit groeit dus mee met je leven. Ze staat niet stil, maar evolueert.

  1. FRIDA KAHLO

Frida Kahlo (1907-1954)

Op haar 18e kreeg Frida Kahlo, een Mexicaanse kunst-  schilder, een ernstig verkeersongeval en liep ze meerdere breuken op. Ze leed sindsdien heel veel pijn. In dit zelfportret heeft ze zichzelf afgebeeld in een stalen korset, dat haar kapotte wervelkolom moet ondersteunen.

Identiteitslaag:

  • biologische kenmerken

  • persoonlijke identiteit

  • lichamelijke kwetsbaarheid


Ze schilderde zichzelf zoals ze zich voelde vanbinnen. In plaats van enkel haar uiterlijk weer te geven, toonde ze haar pijn, haar breekbaarheid en haar innerlijke strijd. Haar gebroken wervelkolom staat symbool voor haar lichamelijke lijden, maar ook voor hoe ze zich emotioneel voelde. Op die manier laat ze zien dat je identiteit niet alleen bepaald wordt door hoe je eruitziet, maar ook door wat je meemaakt in je lichaam en in je gevoelens. Haar kunst maakt een onzichtbare laag van haar identiteit zichtbaar.

  1. VINCENT VAN GOGH

Vincent Van Gogh (1853-1890)

Een Nederlands kunstschilder, leed heel zijn leven aan verschillende psychische aandoeningen. Na een 

ruzie met zijn schildersvriend Paul Gauguin sneed hij een stukje van zijn oorlel af.

Identiteitslaag:

  • Zelfbeeld

  • Gevoelens en emoties

  • Sociale/groepsidentiteit 

  • persoonlijke identiteit

  • emotionele kwetsbaarheid

Hij toont dat identiteit niet alleen zichtbaar is aan de buitenkant. In zijn schilderijen zie je niet gewoon een gezicht, maar ook zijn gevoelens van onrust, eenzaamheid en kwetsbaarheid. De kleuren, penseelstreken en blik in zijn ogen geven weer hoe hij zich vanbinnen voelde. Zo maakt hij duidelijk dat een mens meer is dan zijn uiterlijk: ook gedachten, emoties en mentale gezondheid maken deel uit van je identiteit. Kunst kan dus een manier zijn om innerlijke gevoelens zichtbaar te maken.

4.JOSEPH BEUYS

Joseph Beuys (1921 - 1986

Een Duitse performancekunstenaar, bediende in WOII de radio in gevechts- vliegtuigen. Op een bepaald moment stortte hij neer op de Krim. Achteraf vertelde hij dat nomadische Tataren hem vonden en hem  in vilt en vet wikkelden. Dat bleek verzonnen. Beuys zou later vaak vilt verwerken in zijn kunst.

Identiteitslaag:

  • sociale identiteit

  • Ervaringen en herinneringen (het verhaal dat je over jezelf vertelt)



Identiteit is ook het verhaal dat je kiest te vertellen. Mensen geven betekenis aan hun leven door er een verhaal van te maken. Ze kiezen welke gebeurtenissen ze benadrukken, hoe ze die interpreteren en hoe ze zichzelf daarin voorstellen. Dat verhaal beïnvloedt hoe anderen hen zien, maar ook hoe ze zichzelf begrijpen. Door bepaalde ervaringen groter of belangrijker te maken in dat verhaal, kan iemand zijn eigen identiteit mee vormgeven. Identiteit is dus niet alleen wat je meemaakt, maar ook hoe jij er betekenis aan geeft en hoe jij jouw verhaal vertelt aan de wereld.

  1. JEAN-MICHEL BASQUIAT 

Jean -Michel Basquiat (1960 - 1988)

was een kunstenaar met Haïtiaanse en Puerto Ricaanse roots. In zijn kunst verwerkte hij thema’s zoals racisme, macht en ongelijkheid.

Een voorbeeld van zijn werk is Untitled (1981), waarin hij vaak een kroon boven het hoofd van een zwart figuur schilderde. Die kroon staat symbool voor waardigheid, kracht en erkenning. Tegelijk tonen zijn ruwe lijnen en woorden in het schilderij kritiek op racisme en sociale ongelijkheid in de Verenigde Staten.

Identiteitslaag:

  • etnische identiteit

  • culturele identiteit

  • maatschappelijke positie


Zijn kunst toont hoe sociale identiteit beïnvloed wordt door hoe anderen je zien. Basquiat laat zien dat je identiteit niet alleen gevormd wordt door wie je zelf bent, maar ook door hoe de samenleving naar jou kijkt. Vooroordelen, discriminatie en machtsverhoudingen kunnen mee bepalen hoe iemand behandeld wordt en hoe iemand zichzelf ervaart. In zijn werk reageert hij op dat maatschappelijke beeld en geeft hij een eigen stem aan zijn achtergrond en cultuur. Zo wordt kunst een manier om je plaats in de samenleving zichtbaar te maken en om kritiek te geven op hoe groepen worden voorgesteld of beoordeeld.

  1. MARINA ABRAMOVIĆ 

Marina Abramović (1946)

Marina Abramović maakt performances waarin ze haar eigen lichaam gebruikt als kunstwerk.

Rhythm O

 In haar beroemde performance Rhythm 0 (1974) legde ze 72 voorwerpen op een tafel (zoals een roos, een mes, een veer en zelfs een geladen pistool) en gaf ze het publiek toestemming om zes uur lang met haar lichaam te doen wat ze wilden. Ze bleef zelf volledig passief. De performance toonde hoe mensen zich gedragen wanneer ze macht krijgen over iemand anders.


In andere performances, zoals The Artist Is Present (2010), zat ze urenlang stil tegenover bezoekers in een museum en keek hen zwijgend in de ogen. Ook daar draaide het om verbinding, kwetsbaarheid en relatie.


De performance Rhythm O is door het museum moeten stopgezet worden omdat op een bepaald moment een toeschouwer het pistool nam en tegen haar gezicht zette, met de intentie haar te willen vermoorden.


=> Wanneer macht, spanning het overnemen en de goedheid van de mens verloren raakt.

Identiteitslaag:

  • relationele identiteit

  • Persoonlijkheid

  • Sociale/groepsidentiteit


Ze toont dat identiteit ontstaat in contact met anderen. In haar performances wordt duidelijk dat wie wij zijn niet alleen bepaald wordt door wat wij zelf denken of voelen, maar ook door hoe anderen zich tegenover ons gedragen. In de interactie tussen haar en het publiek ontstaan spanning, vertrouwen, macht en emotie. Zo laat ze zien dat identiteit relationeel is: ze vormt zich in de ontmoeting met anderen. Onze reacties, gevoelens en grenzen worden zichtbaar wanneer we in relatie staan tot iemand anders.

  1. OPDRACHTEN: MICROCONTEXT ONDER DE LOEP

Opdracht: MICROCONTEXT ONDER DE LOEP

1. Kies één kunstenaar uit deze les.

Beantwoord de volgende vragen:

  1. Stel dat deze levensgebeurtenis niet had plaatsgevonden.
    Hoe zou het kunstwerk er dan anders kunnen uitzien?
    Leg uit.

  2. Welke laag van identiteit zou dan minder zichtbaar zijn?
    Waarom?

  3. Denk je dat deze kunstenaar zonder deze ervaring dezelfde stijl of thema’s zou ontwikkeld hebben?
    Beargumenteer je antwoord.

2. Verdieping – Vergelijk twee kunstenaars

Vergelijk twee kunstenaars uit de les.


  • Welke microcontext beïnvloedde hen?

  • Welke identiteitslagen zijn verschillend?

  • Welke overeenkomsten zie je?


3. Creatieve denkstap

Kies één kunstenaar en plaats hem/haar in een andere tijd of cultuur.


  • Hoe zou dat zijn kunst beïnvloeden?

  • Welke maatschappelijke invloeden zouden dan anders zijn?

  1. SCHETSBOEK OPDRACHT: MIJN CULTUUR IN LAGEN

Je onderzoekt hoe cultuur jouw identiteit beïnvloedt en hoe jij dat zichtbaar kan maken in kunst.


Je maakt een gelaagd kunstwerk in je schetsboek dat toont:

  • wie jij bent

  • waar je door beïnvloed wordt

  • wat jij zelf kiest

  • hoe jouw identiteit verandert

Stap 1 – Jouw culturele achtergrond (denklaag) Maak eerst een mindmap in je schetsboek rond: “Mijn cultuur”

Denk aan:

  • gezin en opvoeding

  • tradities

  • taal

  • muziek

  • sociale media

  • vriendengroep

  • normen en waarden

  • religie of levensbeschouwing

  • buurt of land

  • online cultuur

Duid aan:

  • wat heb ik meegekregen?

  • wat heb ik zelf gekozen?

  • wat wil ik later behouden?

Stap 2 – Microcontext Schrijf één pagina over: Welke gebeurtenissen hebben mij gevormd?


Denk aan:

  • een verhuis

  • een verlies

  • een vriendschap

  • een conflict

  • een succes

  • een ontmoeting


=>  Welke identiteitslaag werd hierdoor beïnvloed?

Stap 3 – Het kunstwerk (creatief deel) Maak een kunstwerk over jouw identiteit in lagen.

Verplicht:

✔ Werk met minstens 3 lagen (letterlijk over elkaar)
✔ Gebruik symbolen
✔ Gebruik kleur bewust
✔ Voeg tekstfragmenten toe


Mogelijke technieken:

  • collage

  • verf

  • mixed media

  • transparant papier

  • uitsnijden

  • tekenen + tekst


Wat moet zichtbaar zijn?In je werk moet je tonen: persoonlijke identiteit, sociale identiteit, culturele invloeden, iets uit je microcontext, dat identiteit dynamisch is!

Stap 4 – Reflectietekst (1 pagina) Beantwoorden in Google Classroom


  1. Welke lagen zijn zichtbaar in mijn werk?

  2. Wat heb ik bewust gekozen?

  3. Wat heb ik meegekregen zonder dat ik het koos?

  4. Welke laag is het belangrijkst voor mij?

  5. Is mijn identiteit vandaag anders dan vroeger? Leg uit.