Renaissance 2

Renaissance
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 23 slides, met tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Renaissance

Slide 1 - Tekstslide

Renaissance: een nieuwe tijd, de wedergeboorte van de mens die uit de duistere middeleeuwen is ontwaakt.

Slide 2 - Tekstslide

Wat veranderde er?
> De aandacht ging naar het leven hier en nu
> Ontdekkingen (de aarde was rond)
> De mens als uniek individu & homo universalis


Slide 3 - Tekstslide

Renaissance in de literatuur:
> Nieuwe belangstelling voor klassieke oudheid > kunstenaars lieten zich door klassieke werken inspireren. 
> Translatio, imitatio, aemulatio
> Ter leering ende vermaeck 

Slide 4 - Tekstslide

Nieuwe dichtvorm: het sonnet
Een gedicht van precies 14 regels
Strak rijmschema
Romantische liefde (lyrisch)

Slide 5 - Tekstslide


Het was eigenlijk niet helemaal nieuw...

De Italiaanse dichter Petrarca schreef in de 14e eeuw talloze sonnetten over zijn geliefde Laura.

(Plagiaat?? Nee... in deze tijd was het nadoen en het vooral beter doen heel fashionable)

Slide 6 - Tekstslide

Het sonnet:

  • 14 versregels
  • Versregels worden verdeeld over octaaf en sextet.
  • Octaaf kan worden verdeeld in twee kwatrijnen van vier regels. 
  • Na het octaaf volgt meestal een wending/volte
  • Sextet kan worden verdeeld in twee strofen van drie (dat noem je een terzet bij een sonnet). 
  • Het rijmschema is meestal abba abba cdc dcd

Slide 7 - Tekstslide


PC Hooft: "Wanneer de vorst des lichts" (1610)


Pieter Corneliszoon Hooft 16 maart 1581 in Amsterdam geboren (let op: dat was dus ten tijde van de 80 jarige oorlog). 

Burgemeester van Muiden. Hij woonde op het Muiderslot. 

Slide 8 - Tekstslide

PC Hooft was niet alleen een politicus en bestuurder. 
Hij beschouwde zichzelf vooral als kunstenaar.

Wat hij schreef:
> Toneelstukken
> Gedichten
> Algemene teksten zoals de geschiedenis van de Opstand

Slide 9 - Tekstslide

Toen PC Hooft 17 was, mocht hij van zijn vader een lange reis maken naar Italië. 

Hij maakt daar kennis met de sonnetten van Petrarca. 
Wat was er mooier dan een liefdesgedicht schrijven als je zelf altijd verliefd bent? 





Slide 10 - Tekstslide

Renaissance deel 2

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

5.4 Bredero
(1585-1618)

Slide 13 - Tekstslide

Gerbrand Adriansz. Bredero
  • Realisme: Amsterdam, alledaags taalgebruik
  • Rederijkerskamer: D'Eglantier


Schreef:

  • Toneelstukken (kluchten): Spaansen Brabander Jerolimo
  • Gedichten (Boertig, amoureus en aandachtig groot liedboek, 1622)

Slide 14 - Tekstslide

Rederijkers
Rederijkerskamers = schrijvers/dichtersclub waar (rijke) mensen kunst en wetenschap beoefenden. 
De twee bekendste: Het Wit Lavendel en De Egelantier

Landjuweel - toneelwedstrijd tussen twee kamers

Slide 15 - Tekstslide

Bredero en Hooft:

Oprichters van de Nederduytsche Academie
Doel: onderwijs in de landstaal 

Kluchten en komedies

Slide 16 - Tekstslide

komedie of blijspel
Grappig toneelstuk
Afkomstig uit de Griekse oudheid
Actueel, eigentijdse onderwerpen. 
Denk aan cabaret. 

Slide 17 - Tekstslide

Klucht
Kort toneelstuk
Meestal nogal platvloers (grof)
Niet ter lering en vermaak, alleen maar lachen
typetjes  karikaturen

Slide 18 - Tekstslide

De Spaanse Brabander

Robbeknol, een Amsterdamse volksjongen, gaat in dienst bij Jerolimo Rodrigo, die uit Antwerpen gevlucht is voor zijn schuldeisers. Jerolimo geeft zich in Mokum (Amsterdam) uit voor welgestelde jonker, maar Robbeknol heeft al snel door dat hij in feite ‘niet een scherf (het) om zijn neers mee te klouwen’: hij heeft eigenlijk geen cent. Het belet de oplichter niet een tijdlang op kosten van naïeve lieden grote sier te maken. Wanneer Jerolimo’s Amsterdamse crediteurs hun geld finaal opeisen, verdwijnt Jerolimo met de noorderzon en staat Robbeknol weer op straat.


Slide 19 - Tekstslide

Een eenvoudige plot. Bredero laat de handeling zich afspelen in Amsterdam. Dat laat hem toe om heel wat kleurrijke personages (karakterkoppen zoals Gierige Geraart, de ‘snollen’ Trijn Jans en Bleecke An, en zelfs een hondslager, die met een zweep de straathonden uit de kerk jaagt) op te voeren in sappige dialogen. De taal die wordt gesproken is een stuk natuurlijker dan de gekunstelde rederijkerstaal van die tijd. Elk personage in Spaanschen Brabander heeft zijn eigen, typerende register en dialect.

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Video

De vragen

Slide 22 - Tekstslide

Huiswerk dinsdag 24 mei

Zie bladzijde 129 in het boek: maak een mindmap over de Renaissance. Neem deze mee naar de les. 
 

Let op deze elementen: Hervorming/geloofsstrijd, veranderingen in literatuur, geuzenliederen, welke schrijvers, sonnet+kenmerken. 

Slide 23 - Tekstslide