week 10 voeding

1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
anatomie, fysiologie en pathologieMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide


nummer 8 is
A
intestinum tenue
B
colon
C
Oesophagus
D
hepar

Slide 2 - Quizvraag

Hoe komt het dat je niet verslikt als je eet?
A
het strotklepje gaat naar boven
B
het strotklepje gaat naar beneden
C
de huig gaat naar boven
D
de huig gaat naar beneden

Slide 3 - Quizvraag

Insuline wordt geproduceerd door de maag.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 4 - Quizvraag

Wat is de functie van de dikke darm?


A
het opnemen van het voedsel
B
het afbreken van het voedsel
C
het uitscheiden van de voedselresten
D
het opslaan van het voedsel

Slide 5 - Quizvraag

Voedingsstoffen 
opnemen
Water onttrekken 
uit de voedselbrij
Voedsel gelijk door 
het verteringsstelsel 
laten gaan
Dunne darm
Dikke darm
Maag

Slide 6 - Sleepvraag

waar wijst roestbruin of koffiekleurig braaksel op?
A
gal
B
oud voedsel
C
veel vers bloed tgv een maagbloeding
D
oud bloed, vaak bij een kleine bloeding

Slide 7 - Quizvraag

welke stof zorgt voor stevigheid van de botten
A
zouten
B
calcium
C
ijzer
D
kalium

Slide 8 - Quizvraag

Hoe heten de aminozuren die het lichaam niet zelf aan kan maken?
A
essentiële aminozuren
B
niet-essentiële aminozuren

Slide 9 - Quizvraag

Zuurstof gaat hier de lever in
Veel voedingsstoffen komen de lever binnen
zuurstofarm bloed gaat vanuit lever naar het hart
Poortader
Leverader
Leverslagader

Slide 10 - Sleepvraag

Wat is de juiste volgorde van de volgende organen?
A
Dunne darm, dikke darm, twaalfvingerige darm, endeldarm
B
Twaalfvingerige darm, dikke darm, dunne darm, endeldarm
C
Dunne darm, twaalfvingerige darm, dikke darm, endeldarm
D
Twaalfvingerige darm, dunne darm, dikke darm, endeldarm

Slide 11 - Quizvraag

Wat is een ander woord voor alvleesklier?
A
hepar
B
oesofagus
C
duodenum
D
pancreas

Slide 12 - Quizvraag

Welk nummer
is de alvleesklier
A
2
B
4
C
3
D
6

Slide 13 - Quizvraag


nummer 6
A
intestinum tenue
B
colon
C
Oesophagus
D
hepar

Slide 14 - Quizvraag

Colon
  • produceert feces
  •  6 onderdelen
  1. Blindedarm 
  2. Colon ascendens  
  3. Colon transversum
  4. Colon descendens 
  5. S vormige deel
  6. Endeldarm (colon rectalis of rectum)

Slide 15 - Tekstslide

functies van dikke darm?

Slide 16 - Woordweb

Colon
  • vertering is voltooid
  • flatus
  • peristaltische beweging zorgt voor verplaatsing via  colon ascendens naar s vormige deel, endeldarm, ontspannen inwendige sluitspier, ontspanning uitwendige sluitspier
  • defecatie

Slide 17 - Tekstslide

samenstelling ontlasting
  1. Water
  2. Slijm
  3. Zouten (calcium, magnesium en ijzer)
  4. Galkleurstoffen
  5. Onverteerbare voedselresten
  6. Onverteerde voedselresten
  7. Bacteriën
  8. darmepitheelcellen

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

wat heb je geleer deze les?

Slide 20 - Woordweb

Fijn weekend!

Slide 21 - Tekstslide