Week 44 Nederlands 1MK1 H. 1 Lezen en H.6 spelling

Nederlands 1MK1 week 44
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Nederlands 1MK1 week 44

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Nieuwe week & nieuwe taak

Slide 3 - Tekstslide

Week 44  - 26 oktober t/m
30 oktober 2020
  • Inleveren weektaak woensdag 4 november
  • Maken opdrachten spelling hoofdstuk 6: verleden tijd van sterke werkwoorden.
  • De opdrachten voor spelling kijken we in de les na, zodat je tijdig kunt beginnen met het voorbereiden van je proefwerk.
  • Start begrijpend lezen hoofdstuk 1
  • Proefwerk spelling: dinsdag 3 november hoofdstuk 1 t/m 6

Slide 4 - Tekstslide

Kies een boek voor je opdracht!

Slide 5 - Tekstslide

Lees nu 10 minuten in je leesboek. Dat doe je natuurlijk elke dag 

Slide 6 - Tekstslide

Leerdoelen
Deze week leer je:

  • hoe je verleden tijd van sterke werkwoorden goed moet spellen.
  • hoe je het het onderwerp van de tekst moet vinden

Slide 7 - Tekstslide

Herhaling vorige les
Voor de herfstvakantie hebben we geoefend met de verleden tijd van zwakke werkwoorden.

Slide 8 - Tekstslide

Nakijken weektaak
Controleer zelf je weektaak. 

De antwoorden staan aan het eind van de les.

Deze week niet van toepassing

Slide 9 - Tekstslide

Uitleg theorie
Op de volgende dia volgt uitleg over je leerdoelen voor deze week.

Slide 10 - Tekstslide

Verleden tijd van sterke werkwoorden (bladzijde 162)
De klank verandert in de verleden tijd.

Loop => liep
ziet => zag

Slide 11 - Tekstslide

Begrijpend lezen (bladzijde 12)
Elke tekst gaat ergens over, dan noem je het onderwerp van de tekst.

Je stelt de vraag: waarover gaat de tekst?

Om het onderwerp te vinden lees je de tekst oriënterend: je bekijkt de tekst en je leest het eerste stukje van de tekst.

Slide 12 - Tekstslide

Begrijpend lezen
1. Bekijk de tekst

Kijk naar de titel
Kijk naar de foto's en plaatjes bij de tekst (illustraties)
Kijk naar de titels die boven tekstgedeeltes staan. De titels noem je tussenkopjes.
Kijk of er woorden zijn die anders gedrukt zijn (vet, schuin, GROOT of gekleurd)

2. Lees het eerste stukje (de eerste alinea van de tekst. Vaak is dat vetgedrukt.

3. Geef antwoord op de vraag waarover gaat de tekst.

Slide 13 - Tekstslide

Nieuw Nederlands online
  • We bekijken samen het filmpje over sterke werkwoorden en begrijpend lezen

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Weektaak spelling en lezen

Basis spelling
Opdracht 1 t/m 3 + 5
Bladzijde 162/163

Lezen
Opdracht 1 en 2 bladzijde 12 t/m 14







Extra oefenen
De Brug
opdracht 13 en 14 bladzijde 235

Uitdaging
Opdracht 4 bladzijde 235



Slide 16 - Tekstslide

Inleveren huiswerk

Slide 17 - Open vraag

Inleveren huiswerk

Slide 18 - Open vraag

Inleveren huiswerk

Slide 19 - Open vraag

Inleveren huiswerk

Slide 20 - Open vraag

Inleveren huiswerk

Slide 21 - Open vraag

Evaluatie
Wat was het lesdoel en heb je voor jezelf het gevoel dat je lesdoel is behaald?

Weet je...
  • hoe je de verleden tijd van zwakke werkwoorden moet spellen?
  • Weet je hoe je het onderwerp van een tekst kunt vinden?
  • Welke vraag stel je om het onderwerp van een tekst te vinden?

Slide 22 - Tekstslide

Nakijken weektaak
Aan het eind van de lesweek kijken we samen naar je weektaak.


De antwoorden van weektaak 42 hebben we in de les besproken.

Slide 23 - Tekstslide

Weektaak 44 afgerond

Slide 24 - Tekstslide