7.4 Transformaties + herhalen 7.1 tm 7.3

Hoofdstuk 7
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 7

Slide 1 - Tekstslide

Hoofdstuk 7
Vorige week:





Slide 2 - Tekstslide

Aantekening: 7.1 radialen
+
Opgave 2,a,b,d+3+6+7
De verplaatsing over de cirkel tegen de klok in noemen ze radialen. Helemaal rond is 2    .
π

Slide 3 - Tekstslide

Aantekening: 7.2 Sinusfunctie
Opgave 9, 12 en 13.

Slide 4 - Tekstslide

Aantekening: 7.3 Cosinusfunctie
Opgave 15, 17 en 19.

Slide 5 - Tekstslide

Eenheidscirkel
cos
sin

Slide 6 - Tekstslide


Sin(21π)=

Slide 7 - Open vraag


Cos(41π)=

Slide 8 - Open vraag


Cos(841π)=

Slide 9 - Open vraag


Sin(321π)=

Slide 10 - Open vraag

Leerdoel behaald deze les?

Geef dit ook aan het overzicht door het tweede bolletje te kleuren(+, +/-, -)
A
+
B
+/-
C
-

Slide 11 - Quizvraag

Hoofdstuk 7
Paragraaf 7.4




Leerdoel 10+11+12

Slide 12 - Tekstslide

7.4 Transformaties
y=sin(x)
Wat is de evenwichtsstand?
Wat is de amplitude?
Wat is de periode?


Met Geogebra zichtbaar maken


Slide 13 - Tekstslide

7.4 Transformaties 
y=sin(x) of y=cos(x)
Wat is de evenwichtsstand:  0
Wat is de amplitude:  1
Wat is de periode:  

Wat gebeurd er als je een y=sin(x) verticaal verschuift (+2 omhoog) of vermenigvuldigd t.o.v. de x-as (met 3)?
2π

Slide 14 - Tekstslide

7.4 Transformaties 

Slide 15 - Tekstslide

7.4 Transformaties 
y=sin(x) of y=cos(x)
Wat is de evenwichtsstand:  0
Wat is de amplitude:  1
Wat is de periode:  2pi

Wat gebeurd er als je een y=sin(x) horizontaal verschuift (+4 naar rechts) of vermenigvuldigd t.o.v. de y as (met 5)?

Slide 16 - Tekstslide

7.4 Transformaties 

Slide 17 - Tekstslide

Hoofdstuk 7
Paragraaf 7.4




Leerdoel 10+11+12
Welke kenmerken bedoelen we?

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

Aantekening: 7.4 Transformaties

a: vermenigvuldiging ten opzichte van de x-as. Amplitude a keer zo groot.
b:        vermenigvuldiging ten opzichte van de y-as. Periode wordt 
c: verschuiving horizontaal. De grafiek verschuift c naar rechts.
d: verschuiving verticaal. De grafiek verschuift d omhoog
Opgave 22, 26 en 27.
b1
b2π

Slide 20 - Tekstslide