Een nieuw vak

Een nieuw vak
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Een nieuw vak

Slide 1 - Tekstslide

Natuurwetenschappen

Slide 2 - Woordweb

Natuurwetenschappen
Natuurkunde                Scheikunde                  Biologie

Slide 3 - Tekstslide

Leerdoelen § 1
Je kunt beschrijven waar het vak nask over gaat.
Je kunt uitleggen wat een natuurverschijnsel is.
Je kunt beschrijven waar het vak biologie over gaat.
Je kunt met voorbeelden het verschil tussen natuurkunde en scheikunde uitleggen.

Slide 4 - Tekstslide

natuurkunde
Als het vriest, dan verandert water in ijs (afbeelding 4). IJs is een vaste stof. 
Water kan dus veranderen in waterdamp of in ijs. 
Van waterdamp en ijs kun je weer water maken.

Slide 5 - Tekstslide

scheikunde
Stoffen kunnen ook op een andere manier veranderen. Hout kan verbranden. Het hout verandert dan in houtskool, as en rook (afbeelding 5). 
Van houtskool, as en rook kun je geen hout meer maken. Het hout is voor altijd veranderd in andere stoffen.

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

natuur
Bliksem, stoffen, water, licht en geluid komen voor in de natuur. Natuurverschijnselen zijn dingen die gebeuren in de natuur. Bij nask leer je hoe deze natuurverschijnselen werken.



Slide 8 - Tekstslide

biologie

Ook het vak biologie gaat over de natuur. Maar biologie gaat over de levende natuur, dus over mensen, dieren en planten. Natuurkunde en scheikunde gaan over de niet-levende natuur

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Een maag verteert eten en breekt voedingsstoffen in kleine stukjes.
A
Natuurkunde
B
Biologie
C
Scheikunde

Slide 11 - Quizvraag

De accu van je telefoon opladen
De verbranding van een blok hout.
Het ademen van insecten.
Natuurkunde
Scheikunde
Biologie

Slide 12 - Sleepvraag

Als een stof verandert in andere stoffen, dan hoort dat bij ....
A
biologie
B
natuurkunde
C
scheikunde.

Slide 13 - Quizvraag

Natuurkunde gaat over de.....
A
Niet levende natuur die wel kan veranderen
B
niet levende natuur die niet kan veranderen
C
levende natuur

Slide 14 - Quizvraag

Wat is geen scheikundig verschijnsel.
A
Drogen van wasgoed
B
eitje bakken
C
verbranden van suiker

Slide 15 - Quizvraag

Wel te maken met Nask. 
Niet te maken met Nask.
Licht
Planten
Elektriciteit
Snelheid
Dieren

Slide 16 - Sleepvraag

Onthouden
Natuurkunde en scheikunde gaan over natuurverschijnselen in de niet-levende natuur.

Biologie gaat over de levende natuur, dus over mensen, dieren en planten.

Natuurkunde en scheikunde gaan ook over stoffen.
Bij natuurkunde veranderen stoffen van toestand.
Bij scheikunde veranderen stoffen in andere stoffen. 

Slide 17 - Tekstslide

Begrippen
natuurkunde
scheikunde
natuurverschijnselen 
biologie
stof
toestand 

Slide 18 - Tekstslide

Aan de slag!
Wat: maken opdrachten van § 1 een nieuw vak 
Hoe: in het boekje 
Hulp: buurman/buurvrouw of docent
Nog niet af? huiswerk voor maandag 

Slide 19 - Tekstslide