Wat is LessonUp
Zoeken
Kanalen
aiToolsTab
Inloggen
Registreren
‹
Terug naar zoeken
Kapitel 9 - Einkaufen - Grammatik
Kapitel 9 - Einkaufen - Grammatik
Je kunt de voorzetsels met de derde naamval gebruiken.
Je kunt het persoonlijk en vragend voornaamwoord in de derde naamval gebruiken.
1 / 28
volgende
Slide 1:
Tekstslide
Duits
Middelbare school
vmbo g, t
Leerjaar 2
In deze les zitten
28 slides
, met
interactieve quizzen
en
tekstslide
.
Lesduur is:
15 min
Start les
Bewaar
Deel
Printen
Onderdelen in deze les
Kapitel 9 - Einkaufen - Grammatik
Je kunt de voorzetsels met de derde naamval gebruiken.
Je kunt het persoonlijk en vragend voornaamwoord in de derde naamval gebruiken.
Slide 1 - Tekstslide
Sleep het juiste Duitse persoonlijk voornaamwoord naar het Nederlandse persoonlijk voornaamwoord.
ik
jij
hij
zij e.v.
wij
jullie
het
u
zij
ich
ihr
er
es
wir
du
sie e.v
Sie
sie
Slide 2 - Sleepvraag
Hoe verandert het persoonlijk voornaamwoord van de 1e -> 3e naamval?
ich
du
er
sie ev.
es
wir
ihr
sie mv.
Sie
euch
dir
Ihnen
mir
uns
ihm
ihr
ihm
ihnen
Slide 3 - Sleepvraag
Vertaal de voorzetsels van de 3e naamval:
sinds
uit
na
naar
naar ... (toe)
van
met
bij
bei
aus
nach
zu
von
mit
seit
Slide 4 - Sleepvraag
Ich bin hier mit (jou) ....
A
du
B
dir
C
dich
Slide 5 - Quizvraag
Ihr seid nach (ons) .... an der Reihe.
A
wir
B
euch
C
uns
D
ihr
Slide 6 - Quizvraag
Wir haben das von (u) .... bekommen.
A
Ihnen
B
Sie
C
ihnen
D
sie
Slide 7 - Quizvraag
Ich bin bei (hem)
A
ihm
B
ihn
C
er
D
es
Slide 8 - Quizvraag
Kann ich (naar jullie) _______kommen?
Slide 9 - Open vraag
Habt ihr das (van mij)___________gehört?
Slide 10 - Open vraag
Wir haben das (met haar)_____ gemacht .
Slide 11 - Open vraag
Sie ist (bij hem) ___________________.
Slide 12 - Open vraag
Das Buch ist (van jou)___________
Slide 13 - Open vraag
(Ik)_______gehe zu (jullie)________
A
ich - ihr
B
mir-ihr
C
ich - euch
D
mir-euch
Slide 14 - Quizvraag
(hij)_______ spricht mit (hen)____
A
er-ihnen
B
er-sie
C
ihn-sie
D
ihn-ihnen
Slide 15 - Quizvraag
(wij)_____gehen mit (jullie)_____ins Kino
A
uns - ihr
B
wir - euch
C
uns - euch
D
wir - euch
Slide 16 - Quizvraag
Kann (zij ev.)______ morgen zu (u)_______kommen?
A
sie - Ihnen
B
sie - Sie
C
ihr - Ihnen
D
ihr - Sie
Slide 17 - Quizvraag
Noem de 7 voorzetsels van de 3e naamval:
Slide 18 - Open vraag
Hoe verandert het persoonlijk voornaamwoord van de 1e -> 3e naamval?
ich
du
er
sie ev.
es
wir
ihr
sie mv.
Sie
euch
dir
Ihnen
mir
uns
ihm
ihr
ihm
ihnen
Slide 19 - Sleepvraag
ich verandert in.....
(3e naamval)
Slide 20 - Open vraag
du verandert in.....
(3e naamval)
Slide 21 - Open vraag
ihr verandert in.....
(3e naamval)
Slide 22 - Open vraag
Sie verandert in.....
(3e naamval)
Slide 23 - Open vraag
wir verandert in.....
(3e naamval)
Slide 24 - Open vraag
er verandert in.....
(3e naamval)
Slide 25 - Open vraag
es verandert in.....
(3e naamval)
Slide 26 - Open vraag
sie (ev.) verandert in.....
(3e naamval)
Slide 27 - Open vraag
sie (mv.) verandert in.....
(3e naamval)
Slide 28 - Open vraag
Meer lessen zoals deze
persoonlijk voornaamwoorden + o/lv/mv naamvallen M3
July 2025
-
18 slides
Duits
Middelbare school
vmbo t, vwo
Leerjaar 3
4T K2 voorzetsels en voornaamwoorden
January 2025
-
19 slides
Duits
Middelbare school
vmbo t
Leerjaar 4
3TL periode 2 les 15
July 2025
-
19 slides
Duits
Middelbare school
vmbo b, k, t, havo
Leerjaar 1
3TL periode 2 les 14
July 2025
-
22 slides
Duits
Middelbare school
vmbo b, k, t, havo
Leerjaar 1
De grote kennisquiz
August 2024
-
44 slides
Duits
Middelbare school
mavo
Leerjaar 4
Quiz!
3TL periode 1 les 17
July 2025
-
14 slides
Duits
Middelbare school
vmbo k
Leerjaar 1
4T K2 der- en ein-Gruppe in 3e en 4e naamval
January 2022
-
18 slides
Duits
Middelbare school
vmbo t
Leerjaar 4
3TL periode 1 les 15 en 16
July 2025
-
16 slides
Duits
Middelbare school
vmbo k
Leerjaar 1