Literatuurgeschiedenis: 18de en 19de eeuw

Literatuurgeschiedenis: 18de en 19de eeuw
romantiek - realisme - impressionisme - naturalisme

1 / 126
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsSecundair onderwijs

In deze les zitten 126 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Literatuurgeschiedenis: 18de en 19de eeuw
romantiek - realisme - impressionisme - naturalisme

Slide 1 - Tekstslide

Hitster, maar dan met verhalen!
Leerkracht geeft je per 2/3 post-its
*Toont telkens op bord een begrip
*Aan jullie om deze op je bank te plakken van oud naar jong

Slide 2 - Tekstslide

Romeo & Julia
Shakespeare

Slide 3 - Tekstslide

Ridderverhalen
Karel ende Elegast, Walewein...

Slide 4 - Tekstslide

Frankenstein 
Mary Shelley

Slide 5 - Tekstslide

Aristoteles en Plato
Filosofen

Slide 6 - Tekstslide

Essais
Michel de Montaigne

Slide 7 - Tekstslide

Harry Potter
J.K. Rowling

Slide 8 - Tekstslide

The Lord of the Rings 
J.R.R. Tolkien

Slide 9 - Tekstslide

 The Great Gatsby
F. Scott Fitzgerald 

Slide 10 - Tekstslide

De juiste volgorde is...

Slide 11 - Tekstslide

1. Aristoteles en Plato - Klassieke Oudheid - 5de eeuw v.C.
2. Ridderverhalen - Middeleeuwen - 13de eeuw-14de eeuw
3. Essais - Renaissance - 16de eeuw
4. Romeo & Julia - Gouden Eeuw -  eind 16de eeuw
5. Frankenstein - Romantiek - 19de eeuw
6. The Great Gatsby - Oorlogsperiode - 1925
7. The Lord of the Rings - Naoorlogse periode - 1954
8. Harry Potter - Hedendaagse periode - 1997

Slide 12 - Tekstslide

Onze focus deze lessenreeks...
18de een 19de eeuw

Slide 13 - Tekstslide

Literaire stromingen
*'modeverschijnsel'
*gelijkaardige ideeën
-wetenschap
-politiek
-kunst (o.a. literatuur)
*vaak: zich afzetten tegen ideeën vorige stroming

Slide 14 - Tekstslide

Even opfrissen...
*middeleeuwen
-mondeling overgeleverde verhalen
-ridderverhalen zoals Karel ende Elegast
-thema's als strijdlust, trouw aan koning...

Slide 15 - Tekstslide

Even opfrissen...
*renaissance en barok 
-tijd van uitvindingen (bv. boekdrukkunst)
-heropleving "klassieke" kunst
-experimenteren nieuwe technieken

Slide 16 - Tekstslide

18de eeuw: revolutie
*volk/burgers: AM + FR + BE

*industriële revolutie
-liberalisme
-socialisme

==> mens in ontwikkeling

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

De verlichting
van +- eind 17de eeuw tot begin 19de eeuw

Slide 19 - Tekstslide

Geef minstens drie kernwoorden die deze periode typeren.

Slide 20 - Open vraag

De verlichting
*Bloei wetenschappen
*Rede boven emotie
*Structuur en orde
*Meer en meer optimisme toekomst
*Belang  vooruitgang

Slide 21 - Tekstslide

De verlichting - literatuur
*vanaf nu boeken in grote oplage drukken

*vaak licht komisch + tonen hoe te gedragen

*doelgroep = nieuwe middenklasse
-willen opklimmen op sociale ladder
==> wereld = maakbaar

Slide 22 - Tekstslide

De verlichting - literatuur
*Nieuwe genres
-avonturenroman (Swift & Defoe)
§verpakt als waargebeurd reisverhaal

Slide 23 - Tekstslide

De verlichting - literatuur
*Nieuwe genres
-avonturenroman (Swift & Defoe)
-kinderliteratuur (JJ Rousseau)
§onderwijs + opvoeding: slimmer worden! 

Slide 24 - Tekstslide

De verlichting - literatuur
*Nieuwe genres
-avonturenroman (Swift & Defoe)
-kinderliteratuur (JJ Rousseau)
-zedenromans (Wolff & Deken)
§hoe deugdzaam te gedragen
§vaak als brieven neergeschreven
§doel = goed gedrag aanleren

Slide 25 - Tekstslide

De verlichting - literatuur
*Nieuwe genres
-avonturenroman (Swift & Defoe)
-kinderliteratuur (JJ Rousseau)
-zedenromans (Wolff & Deken)
-sentimentele romans (Goethe)
§heftige verliefdheid + ingehouden gevoelens

Slide 26 - Tekstslide

Intro: think
Neem een blad papier en noteer in het midden "Romantiek"
Noteer alles wat je nog weet van vorige les over dit begrip

In stilte!

Slide 27 - Tekstslide

Intro: pair
Bespreek nu met je buur wat jullie genoteerd hebben
Vul je eigen schema aan in een andere kleur

Slide 28 - Tekstslide

Intro: share
We bespreken nu de antwoorden van je klasgenoten
Vul je schema opnieuw aan (weer in een andere kleur)

Slide 29 - Tekstslide

Romantiek: wegvluchten geblazen

Slide 30 - Tekstslide

Literatuur - romantiek (begin 19de eeuw)
*Start met sentimentalisme
*Meer en meer focus op gevoel
*Vaak onvrede met wereld/voelen zich minder thuis in wereld

Slide 31 - Tekstslide

Literatuur - romantiek (begin 19de eeuw)
*Kenmerken
-individualisme: eigen gevoelens centraal

-escapisme: vluchten realiteit (oefening 5)
§droomwereld, verleden, natuur, religie, liefde...

-raadselachtig, mysterieus 

Slide 32 - Tekstslide

Opdracht 5 - vlucht in natuur/dood
*Bekijk vlog
*Beantwoord 5A-5B-5C

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Video

Opdracht 5A - vlucht in natuur/dood
*Galgenveld
*Duistere kasteel dode vrouw
*Begrafenis
*Muurnachtegaal (l'oiseau de mort)
*Rode/zwarte bessen
*Geest Luc

Slide 35 - Tekstslide

Opdracht 5B - vlucht in natuur/dood
*Muurnachtegaal
*Bessen

==> verwijzing dood

Slide 36 - Tekstslide

Opdracht 5B - vlucht in natuur/dood
*Frankenstein - Mary Shelley
*Dracula - Bram Stoker
*...

Slide 37 - Tekstslide

Literatuur - romantiek (begin 19de eeuw)
*Vlucht zorgt voor nieuwe genres

-historische roman (Consience)
§vluchten in hoogtepunten verleden

-gothic novel (Shelley & Stoker)
§vlucht in fantasiewereld

Slide 38 - Tekstslide

Voorbeeld romantiek: De loteling - Conscience
*Visie = idealiserend
-realiteit mooier voorstellen
-amper aandacht sociale wantoestanden
-happy end
-"Dit schone oord, waar de ziel in haarzelf terugkeert en rust geniet; waar alles zingt van vrede en stilte."
==> verlangen om van wkh te vluchten

Slide 39 - Tekstslide

Voorbeeld romantiek - poëzie Gezelle
        *Doel = Vlaamse natie dienen met literatuur
-op zoek naar Vlaamse tradities/verleden
*invloeden natuur en religie (vlucht)
*Dacht vaak na over dichterschap zelf

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Video

Opdracht 8 - Gezelle.be
*Neem je gsm en surf naar Gezelle.be
*Maak opdracht 8A + 8B

Slide 42 - Tekstslide

Opdracht 8A - Guido Gezelle
*Escapisme natuur 
*Nadenken over dichterschap

Slide 43 - Tekstslide

Opdracht 8B - Guido Gezelle
*Vlucht in
-natuur
-dood
-religie

Slide 44 - Tekstslide

Het realisme als reactie op de romantiek

Slide 45 - Tekstslide

Literatuur - realisme
*Vampiers in kastelen vs. kinderarbeiders, hardwerkende boeren...

*Realisme = wereld zo nauwkeurig/gedetailleerd mogelijk weergeven
-geen moraal/geen les
-objectieve weergave dagelijkse, gewone leven

*Confrontatie sociale fouten (Flaubert, Tolstoj)
-wantoestanden fabrieken (bv. kinderarbeid)
-machtsmisbruik

Slide 46 - Tekstslide

Opdracht 10 - romantiek & realisme
*Bekijk schilderijen
*Romantiek of realisme + waarom?
==> kenmerken linken!

Slide 47 - Tekstslide

"Le semeur"
A
Romantiek
B
Realisme

Slide 48 - Quizvraag

Opdracht 10 - Le Semeur
*Realisme
-gewone mens ah werk  
-dagelijkse leven
-objectief

Slide 49 - Tekstslide

L'après-dinée à Ornans
A
Romantiek
B
Realisme

Slide 50 - Quizvraag

Opdracht 10 - L'après-dinée à Ornans
*Realisme
-gewone mensen in gewone situatie
-objectief weergegeven: bijna foto
-dorps karakter (Ornans)

Slide 51 - Tekstslide

Der Wanderer
A
Romantiek
B
Realisme

Slide 52 - Quizvraag

Opdracht 10 - Der Wanderer
*Romantiek
-natuur op mysterieuze wijze
-ongerepte natuur
-individu centraal
-wegvluchten in raadselachtige wereld

Slide 53 - Tekstslide

Tafereel v/d Septemberdagen 1830
A
Romantiek
B
Realisme

Slide 54 - Quizvraag

Opdracht 10 - Tafereel v/d Septemberdagen 1830
*Romantiek
-verheerlijking Belgische nationaliteit
-vlucht hoogtepunten verleden (nationalisme)

Slide 55 - Tekstslide

The Great Red Dragon
A
Romantiek
B
Realisme

Slide 56 - Quizvraag

Opdracht 10 - The Great Red Dragon
*Romantiek
-wegvluchten in droomwereld
-raadselachtige

Slide 57 - Tekstslide

La Tentation de Saint-Antoine
A
Romantiek
B
Realisme

Slide 58 - Quizvraag

Opdracht 10 - La Tentation de Saint-Antoine
*Romantiek
-Religieus figuur wordt (met hulp duivel) verleid door vrouw
-mysterieuze, dromerige sfeer
-dood: engelen met doodshoofd

Slide 59 - Tekstslide

Slide 60 - Tekstslide

Waar zie je vandaag de dag nog elementen van deze stroming?

Slide 61 - Open vraag

Romantiek anno 2026
*K3-concerten: nostalgie
*Remakes kinderfilms, zoals Barbie: nostalgie
*Nieuws wordt minder gevolgd: onvrede met wereld
*Series zoals The Crown: romantisering verleden
*Trends zoals Throwback Thursday

Slide 62 - Tekstslide

Scoodle-oefening
*Thuis lezen 
*Romantiek/realisme: waarom?
*Meebrengen en tonen volgende les!

Slide 63 - Tekstslide

Flaubert, Madame Bovary (1856)
CONTEXT VERHAAL
*Hoofdpersonage = Emma
*Getrouwd met dokter, die vaak overspel pleegt
*Emma heeft eerst ideaalbeeld van liefde (door boeken ROM)
*MAAR realiteit = compleet anders

Slide 64 - Tekstslide

Flaubert, Madame Bovary (1856)
REALISME
-ongelukkig huwelijk, jaloezie, boer die moet oogsten om schulden af te betalen
=realiteit

Slide 65 - Tekstslide

Dostojevski, De Gebroeders Karamazov (1880)
CONTEXT VERHAAL
*Gaat over gebroken gezin
-Zonen + vader (moeder = overleden)
*Allemaal uit elkaar gegroeid
*Vader keek niet naar zonen om

Slide 66 - Tekstslide

Dostojevski, De Gebroeders Karamazov (1880)

REALISME
-agressie, drankgebruik, ongelukkig huwelijk...
=realiteit

Slide 67 - Tekstslide

Schubert, Der Wanderer (1818)
CONTEXT LIED
*Volgen persoon op zwerftocht
*Ongelukkig & weet niet waarheen
*Verlangt naar mooiere wereld

Slide 68 - Tekstslide

Schubert, Der Wanderer (1818)
ROMANTIEK
-vlucht in de natuur, naar een ander land/realiteit
-onvrede met wereld waarin spreker leeft

Slide 69 - Tekstslide

Goethe, Das Leiden des jungen Werther (1774)
 CONTEXT VERHAAL
*Werther = smoorverliefd op Lotte (=al verloofd)
*Wordt bevriend met Lotte & verloofde
*Zorgt voor veel verdriet & verlaat stad
*Loopt fataal af

Slide 70 - Tekstslide

Goethe, Das Leiden des jungen Werther (1774)

ROMANTIEK
-vlucht naar de dood (zelfmoord), verwijzingen naar de bijbel, onbereikbare liefde
=ver weg van realiteit/echte wereld

Slide 71 - Tekstslide

Conscience, De leeuw van Vlaenderen (1838)
CONTEXT VERHAAL
*Gaat over Guldensporenslag
*Vertelt liefdesverhaal Machteld met ridder
*Toont finale overwinning Vlamingen op Fransen
=geschiedenis als basis, maar fictief!

Slide 72 - Tekstslide

Conscience, De leeuw van Vlaenderen (1838)

ROMANTIEK
-vlucht naar het glorierijke verleden van Vlaanderen

Slide 73 - Tekstslide

Romantiek & realisme: Max Havelaar
*Bekijk graphic novel p. 85
*Beantwoord vraag 12A - 12B - 12C

Slide 74 - Tekstslide

Opdracht 12A - Max Havelaar
*Exotische omgeving

VS realisme: gewone wereld gewone man

Slide 75 - Tekstslide

Opdracht 12B - Max Havelaar
*Realistische weergave/geen fictieve wereld
*Hardwerkende mensen in beeld

Slide 76 - Tekstslide

Opdracht 12C - Max Havelaar
*Mengvorm realisme + romantiek

Slide 77 - Tekstslide

Opdracht 13 - Max Havelaar
*Bekijk het fragment
*Beantwoord vraag 13A t.e.m. 13E

Slide 78 - Tekstslide

Slide 79 - Link

Opdracht 13A - Max Havelaar
*Locatie (Lebak in NL-Indië)
*Woordenschat (padie voor rijst)
*Gamlang (muziekinstrument)

Slide 80 - Tekstslide

Opdracht 13B - Max Havelaar
*Zeer slechte omstandigheden
-Mogen zelf hun rijst niet eten
-Buffels zijn niet van hen

Slide 81 - Tekstslide

Opdracht 13C - Max Havelaar
*Manier om "publiek" voor zich te winnen"
*Niet bang om wantoestanden te benoemen
-toont dat hij bewust is van leefomstandigheden mensen

Slide 82 - Tekstslide

Opdracht 13D - Max Havelaar
*Nog steeds veel ongelijkheid in wereld
-lageloonlanden, racisme, seksisme...
*Let op: Max Havelaar = autofictief (autobiografie + fictie)
-Verhaal an sich = verzonnen
-heel wat elementen echte leven schrijven

Slide 83 - Tekstslide

Opdracht 13E - Max Havelaar
*Had graag een Vlaamse Multatuli gehad
-Multatuli klaagt toestanden NL kolonie aan
=zelf koloniaal
-in BE kolonie (Congo) ook veel wantoestanden
!door boek verschillende grootmachten in vraag gesteld ! 

Slide 84 - Tekstslide

Opdracht 14 - Max Havelaar
*Koppel belangrijke personages boek aan uitleg

Slide 85 - Tekstslide

Opdracht 14 - 1A
*Max Havelaar = Ambtenaar van NL Handelsmaatschappij in NL-Indië
*Verteld vanuit zijn perspectief
*Soort alter ego van Douwes Dekker

Slide 86 - Tekstslide

Opdracht 14 - 2B
*Sjaalman = bezorgt neergeschreven verhaal aan Droogstoppel
*Ook soort alter ego Douwes Dekker

Slide 87 - Tekstslide

Opdracht 14 - 3C
*Multatuli = schrijverspseudoniem Douwes Dekker

Slide 88 - Tekstslide

Opdracht 14 - 4D
*Edward Douwes Dekker = echte naam schrijver

Slide 89 - Tekstslide

Opdracht 14 - 5E
*Droogstoppel = succesvol ondernemer die rijk wil worden door boek uit te geven
*Schrijft zogezegd eerste hoofdstukken

Slide 90 - Tekstslide

Opdracht 14E - 6F
*Stern = stagiair Droogstoppel
*Neemt rest van verhaal zogezegd over van neergeschreven verhaal Max Havelaar

Slide 91 - Tekstslide

Opdracht 15 - schema
*Vat schematisch samen welke romantische/realistische kenmerken in Max Havelaar voorkomen
*Licht ook toe welke stroming het meest aanwezig is

Slide 92 - Tekstslide

Opdracht 15 - kern schema
*Romantiek
-exotische land + tropische producten
*Realisme
-aanklacht sociale onrechtvaardigheden
==> vnl. realisme, maar ook romantische insteek met exotische elementen

Slide 93 - Tekstslide

Opdracht 16
*Lees einde Max Havelaar
*Maak opdracht 16A tot en met 16D

Slide 94 - Tekstslide

Opdracht 16A
'Ik, Multatuli, neem de pen over.'

Slide 95 - Tekstslide

Opdracht 16B
'Ik wil gelezen worden.'

Slide 96 - Tekstslide

Opdracht 16C
'De Javaan wordt mishandeld!'

Slide 97 - Tekstslide

Opdracht 16D
'En dat daarginds uw meer dan dertig miljoen onderdanen worden MISHANDELD EN UITGEZOGEN IN UW NAAM!'

Slide 98 - Tekstslide

Think
Neem een blad papier en noteer alles wat je nog weet over Max Havelaar. Je krijgt 2 minuten de tijd.

IN STILTE

Slide 99 - Tekstslide

Pair
Bespreek in één minuut wat je noteerde met je buur. Je vult in een andere kleur aan wat je nog niet had.

Slide 100 - Tekstslide

Share
Deel nu met de rest van de klas wat je noteerde. Neem opnieuw een andere kleur en vul aan.

Slide 101 - Tekstslide

Max Havelaar - Multatuli
*In NL-Indië/Indonesië: wantoestanden koloniale regime (NL) getoond

*NL buit lokale bevolking uit
-mogen eigen rijst/buffels niet gebruiken of verkopen

*Max Havelaar = HP & ambtenaar in NL-Indië
-vertelt wat hij daar ziet en hoort

Slide 102 - Tekstslide

Max Havelaar - Multatuli
*Nog steeds actueel
-ongelijkheid: lageloonlanden, seksisme, racisme...

*Verhaal = autofictief
-Autobiografisch: schrijver zag deze wantoestanden écht
-Fictief: verhaallijn (Max Havelaar en bv. speech) = verzonnen

Slide 103 - Tekstslide

Max Havelaar - Multatuli
*Aanklacht tegen NL als koloniale macht door...
-letterlijk wantoestanden te tonen
-onderliggende verhaallijn

Sjaalman
Droogstoppel
Stern
Schrijft verhaal
Wil snel rijk worden
Moet vuile werk doen
=lokale bevolking NL-Indië
=Nederland
=collaborateurs in NL-Indië die mee willen profiteren

Slide 104 - Tekstslide

Max Havelaar - Multatuli
=mengvorm realisme + romantiek

*Romantiek
-exotische land + tropische producten/woordenschat

*Realisme
-aanklacht sociale wantoestanden + realiteit tonen
==> vnl. realisme, maar ook romantische insteek met exotische elementen

Slide 105 - Tekstslide

Uitloper van het realisme: 
het impressionisme

Slide 106 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*focus op (subjectieve) indruk die realiteit nalaat
-l'art pour l'art: kunst h geen ander nut dan schoonheid
-hoeft ons niets bij te brengen/te leren
-moet gewoon mooi zijn
-weinig focus op wantoestanden

Slide 107 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie
-kunstenaar werkt vanuit eigen gevoel, emotie, waarneming...
*moet origineel zijn
-op zoek naar eigen inhoud en eigen vorm
-vorm + inhoud = één

Slide 108 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*Zintuigen op één
-kleuren, geuren, bewegingen, geluid...
==> voorbeeld Mei, Herman Gorter
-maand mei w geboren
-wordt verliefd op jonge god Balder
-sterft na een maand
-focus op natuurimpressies

Slide 109 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*Analyseer de taal in Mei 

Slide 110 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*gepaard rijm: aa bb cc

*enjambementen (om zaken op voorgrond te plaatsen)

*veel alliteraties (stille straat, wal vant water...)

*veel assonanties (mijn raamkozijn, langzaam gaande...)

Slide 111 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*Link de kenmerken van impressionisme a/h gedicht

Slide 112 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*Zintuiglijke waarnemingen
-horen (lied, gefluit)
-zien (schemer, donker-licht)
-beweging (de jongen, de wind)

==> je kan er bijna een schilderij van maken
==> je ziet het voor je

Slide 113 - Tekstslide

Literatuur - impressionisme
*geen morele zedenles/boodschap

*vorm + inhoud = één: doet met vorm wat hij wil

Slide 114 - Tekstslide

Uitloper van het realisme:
het naturalisme

Slide 115 - Tekstslide

Literatuur - naturalisme
*toont harde kant leven
*op zoek naar verklaring sociale problemen
-adhv theorieën van Darwin bv. 

==> besluit = pessimistisch 
==> mens kan niet ontsnappen aan omgeving, sociale stand...

Slide 116 - Tekstslide

Literatuur - naturalisme
*determinisme = basis naturalisme
-mens (en dus ook personage uit boek) w bepaald door:

§afkomst (aangeboren, erfelijke eig.)
§milieu (omgeving waarin je opgroeit)
§moment (omstandigheden waarin je je bevindt)
==> mens = speelbal veel factoren

Slide 117 - Tekstslide

Literatuur - naturalisme
Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*gewone leven in Nevele (=geboorteplaats)
-in straat met veel arbeiders, landlopers...
-veel armoede, veel vechtpartijen, veel alcohol...


Slide 118 - Tekstslide

Literatuur - naturalisme
Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*HP = Maria Beert
-w verkracht door Reus Balduk
-=zwanger + moet met hem trouwen
-huwelijk vol ellende en geweld
-enkel rust als Reus in gevangenis zit
==> beschrijving treurige leven arme mensen VL platteland 19de eeuw

Slide 119 - Tekstslide

Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*Lezen een fragment
*Nadien enkele vragen

Slide 120 - Tekstslide

Staan mensen die geboren worden in een kansarm milieu per definitie op achterstand? Of is geluk een keuze?

Slide 121 - Open vraag

Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*Bekijk de taal in het fragment.
*Wat kan je hierover vertellen?

Slide 122 - Tekstslide

Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*verouderd, Vlaams dialect
*vooral straattaal 'ruwe volk'
*beschrijving massataferelen: soort filmisch karakter
*vooral beschrijving/weergave werkelijkheid

Slide 123 - Tekstslide

Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*Link het fragment aan de kenmerken van het naturalisme

Slide 124 - Tekstslide

Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*mens = instinctief, zoals een dier 
(r. 97 als een razende kattin/r. 106 een dierlijke drift)
*determinisme: mens = speelbal verschillende factoren
-Maria moet trouwen
-Moeder geeft haar zelfs schuld verkrachting (r.42-43)
-omgeving = slecht
(drinken, vechten, verkrachting...)

Slide 125 - Tekstslide

Cyriel Buysse - Het recht van de sterkste
*Overkoepelende thema = titel
-Man = sterkste en verkracht vrouw tegen haar wil
-Vrouw komt ook niet in opstand tegen 'lot'
-Symboliek brute man vs. zwakke vrouw
*Roman als soort experiment
-Wat als we 'goed personage' in slechte wereld plaatsen?
-Niet te ontsnappen aan lot

Slide 126 - Tekstslide