Kapitel 4 B Wortschatz

Kapitel 4: Tiere
B-Wortschatz 21-01-21
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Kapitel 4: Tiere
B-Wortschatz 21-01-21

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bevor wir Anfangen
Es ist wichtig, das du die Planung in ITS im Auge behältst und das du dich an die Planung hältst.

Nimmt bitte euer Buch (S104-105)+Kugelschreiber vor euch

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inhalt
- Lernziel
- Einstieg
- An die Arbeit
- Rückblick

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lernziel
Du kannst die Wörter der Lernliste B aktiv anwenden(gebruiken)

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welche Tiere kennst du?

Slide 5 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Affe
Elefant
Fisch
Huhn
Känguru
Katze
Kuh
Maus
Meerschweinchen
Pferd
Schildkröte
Schlange
Spinne
Vogel
Wolf

Slide 6 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Aufgabe: Wörter durchstreichen
Welches Wort passt inhaltlich nicht in die Reihe? 

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1. dünn-scheu-lieb-verspielt
A
dünn
B
scheu
C
lieb
D
verspielt

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

2. das Fell-der Fleck-das Huhn-weich
A
das Fell
B
der Fleck
C
das Huhn
D
weich

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

3. anfassen-streicheln-heißen-versorgen
A
anfassen
B
streicheln
C
heißen
D
versorgen

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

4. die Kuh-der Hamster-das Schwein- das Pferd
A
die Kuh
B
der Hamster
C
das Schwein
D
das Pferd

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

5. die Katze-das Haustier-das Kaninchen- der Hund
A
die Katze
B
das Haustier
C
das Kaninchen
D
der Hund

Slide 12 - Quizvraag

Hyperoniem: huisdier
Hyponiem: kat, hond, cavia, konijn, hamster usw.

Hyperoniem: fruit
Hyponiem: banaan, appel, kiwi usw.
6. die Katze-der Hund-das Meerschweinchen-das Schaf
A
die Katze
B
der Hund
C
das Meerschweinchen
D
das Schaf

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Rückblick
- Ich nenne das Tier auf Niederländisch und du übersetzt es ins Deutsche.

Nächste Woche: Weiter im Buch und Urlaub Intensiv

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies