week 36 intro

¡Hola!
Semana 36
1 / 49
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 49 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 80 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

¡Hola!
Semana 36

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
  1. Ik maak kennis met de Spaanstalige wereld.
  2. Ik ken het alfabet en de uitspraak van de letters.
  3. Ik ken de woordenschat die in de klas wordt gebruikt.
  4. Ik kan begroeten, afscheid nemen en mezelf voorstellen in het Spaans.

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

¿Cómo te llamas?

Slide 5 - Tekstslide

Belangrijk!
  • Zorg dat je een SCHRIFT en mapje/snelhechter hebt.
  • Hou steeds de leerdoelen voor ogen. 
  • Leer de woorden regelmatig.
  • Probeer Spaans te praten. 

Slide 6 - Tekstslide

Wat heb je elke les bij je?
  • Laptop
  • Boeken (LA en LE)
  • Schrift
  • Librito
  • Mapje/snelhechter
  • Oortjes
  • Goed gevulde etui



Noteer in je agenda

Slide 7 - Tekstslide

Toetsen
  • In het PTD vind je alle toetsen voor 
     het hele jaar. 
  • In je librito vind je alle toetsen voor de periode.

Slide 8 - Tekstslide

Librito

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Woordweb

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

In hoeveel landen wordt er
Spaans gesproken?
A
10
B
11
C
21
D
31

Slide 14 - Quizvraag

17
Madrid

Slide 15 - Tekstslide

Hoeveel mensen ter wereld spreken Spaans?
A
100 miljoen
B
300 miljoen
C
500 miljoen
D
700 miljoen

Slide 16 - Quizvraag

In de film COCO (van Disney)
wordt de feestdag
"el día de los muertos" gevierd,

in welk land is dit een officiële feestdag?
A
Spanje
B
Perú
C
México
D
Chili

Slide 17 - Quizvraag

In welke Disney film is La feria de las flores te zien?
A
coco
B
encanto
C
hercules
D
encantado

Slide 18 - Quizvraag

4.Wat voor werk deed de Spanjaard Pablo Picasso ?
A
Hij was flamenco danser
B
Hij was een schilder
C
Hij was een operazanger
D
Hij was een president

Slide 19 - Quizvraag

Welke dans / muzieksoort
komt uit Spanje?
A
Salsa
B
Tango
C
Flamenco
D
Bachata

Slide 20 - Quizvraag

Hoe noem je een stierenvechter?
A
el torro
B
el toreador
C
el torero
D
el matador

Slide 21 - Quizvraag

Wat gebeurt er met de dode stieren aan het eind van de gevechten?
A
Ze worden opgehaald door de slager
B
Ze worden begraven
C
Ze worden verbrand
D
Ze worden opgezet

Slide 22 - Quizvraag

Waar ligt Machu Picchu?
A
Chile
B
Ecuador
C
Uruguay
D
Perú

Slide 23 - Quizvraag

Waar komen taco’s vandaan?
A
Argentinië
B
México
C
Costa Rica
D
Suriname

Slide 24 - Quizvraag

Het Spaans is afkomstig van het Latijn en is een Romaanse taal
A
waar
B
niet waar

Slide 25 - Quizvraag


Wie was Frida Kahlo?
A
een top sporter
B
een wetenschapper
C
een kunstenares
D
een actrice

Slide 26 - Quizvraag

In Spanje geeft men bij begroeting...
A
1 kus
B
2 kussen
C
3 kussen
D
4 kussen

Slide 27 - Quizvraag

De letter ñ is een typisch Spaanse letter en uniek voor. deze taal
A
waar
B
niet waar

Slide 28 - Quizvraag

De J spreek in het Spaans uit als ...
A
De Nederlandse J
B
De Nederlandse W
C
De Nederlandse G

Slide 29 - Quizvraag

Wat/wie is 'Don Quijote
de la Mancha?
A
Een bekende politicus
B
Een boek
C
Een Spaanse band
D
Een groot gebouw in Valencia

Slide 30 - Quizvraag

Combina las palabras!
¡Hola!
¿Qué tal?
¡Gracias!
¡Adiós!
¡Bienvenidos!
Welkom!
Tot ziens!
Hallo!
Hoe gaat het?
Bedankt!

Slide 31 - Sleepvraag

Leerdoel: Begroeten
Sleep het Nederlandse woord naar de juiste Spaanse vertaling. 
¿Cómo estás?
hasta pronto
¿Qué tal?
¿Cómo está?
hasta mañana
tot snel
Hoe gaat het?
tot morgen
Hoe gaat het met jou?
Hoe gaat het met u?

Slide 32 - Sleepvraag

Begroeten
Afscheid nemen
Voorstellen
Hola, ¿Cómo estás?
¿Cómo te llamas?
Yo me llamo
Hasta luego
Me voy
Encantado/a - Mucho gusto
Adiós
Buenos días
¿Qué tal? - ¿Cómo estás?

Slide 33 - Sleepvraag

Leerdoel: Begroeten
Sleep het Spaanse woord naar de Nederlandse vertaling. 
Hoe gaat het?
tot morgen
Hoet gaat het met u?
tot snel
Hoe gaat het met jou?
hasta mañana
hasta pronto
¿Qué tal?
¿Cómo estás?
¿Cómo está?

Slide 34 - Sleepvraag

El alfabeto en uitspraakregels
librito p. 13

Slide 35 - Tekstslide

El alfabeto ej. 1-5

  • ejercicio 1

  • ejercicio 2

  • ejercicio 3
pista 3
Leerdoel: alfabet
LA: p.12/13
pista 4
pista 2

Slide 36 - Tekstslide

Vamos a deletrear 
Iemand spelt de naam van een 
leerling uit de klas, 
de rest raadt wie het is.

Slide 37 - Tekstslide

Uitspraakregels
Leerdoel: uitspraak
Librito p. 12

Slide 38 - Tekstslide

Slide 39 - Video

Vamos a escuchar
  • Welke letter wordt niet uitgesproken?
  • Welke klanken kent het Nederlands niet?
  • Welke letters kunnen op verschillende manieren worden uitgesproken?
uitspraakregels
Leerdoel: uitspraak
Librito p. 12

Slide 40 - Tekstslide

Vocabulario
Leerdoel: palabras
librito blok 1 
Zeg mij na...

Slide 41 - Tekstslide

Slide 42 - Link

¡Así somos!
Werk samen:
P.10 ej.2          verbind de Spaanse woordjes met de juiste 
                       plaatjes.




Leerdoel: palabras
LA: P.10 
pista 1

Slide 43 - Tekstslide

¡Así somos!

LA         P.14 ej. 1 TM 3          
LE         0.6 en 0.8


Leerdoel: palabras
librito blok 1
Ik noem een woord en jullie wijzen aan
timer
10:00

Slide 44 - Tekstslide

Slide 45 - Link

Slide 46 - Tekstslide

Slide 47 - Tekstslide

Slide 48 - Tekstslide

Vocabulario Blok 2
  • In tweetallen.
  • Pak woordenlijst blok 2 erbij.
  • Schrijf op elk kaartje dat je krijgt op de voorkant het Spaanse woord en op de achterkant de Nederlandse vertaling.
  • Bedenk bij de woordjes die je moeilijk vindt een ezelsbruggetje en schrijf deze naast of onder het Spaanse woord.
  • Leg alle kaartjes op een stapeltje met de Spaanse woordjes naar boven.
  • Om de  beurt pak je een kaartje spreek het woord hardop uit en zeg de vertaling. Goed? dan mag je het kaartje houden. Fout? dan gaat kaartje onder op de stapel terug. 
  • Wie heeft de meeste kaartjes als het stapeltje op is?


Ezelsbruggetje.nl

Slide 49 - Tekstslide