FR_P3_MYP3 - Cours 4 20260417

1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Startklaar
Enlevez votre manteau. 
Mettez votre téléphone portable dans votre sac à dos.
Écouteurs dans vos sacs à dos.
Posez vos sacs à dos par terre.
Mettez votre ordinateur portable fermé sur la table. 
Mettez votre matériel scolaire sur la table.
timer
5:00

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welkom bij VAK
Unit 3: What do you like doing?
Qu'est-ce que tu aimes faire?
Learner Profile: ....
Communicators/ Communicator
ATL: ....
Communication/Collaboration/Organisation
Related concepts: ....
<span style="font-weight:700">Form, models</span>
Key concept: ....
<b>Culture</b>
Statement of Inquiry : Through language and its models we can express the personal and cultural influences on our hobbies and passions
Global context: ....
<span style="font-weight:700">Identities &amp; Relationships</span><br><div><br></div>

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  • Huiswerk corrigeren/ Correction des devoirs
  • Leerdoelen opstellen/ Objectifs d’apprentissage
  • Instructie/ Instructions
  • Aan de slag/ Connaissance d'aujourd'hui
  • Reflectie en leerdoelen check/ Réflexion et vérification des objectifs d'apprentissage

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Homework
Correction

Slide 6 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Expression écrite
Un ami vient de déménager à La Haye et va étudier dans une nouvelle école.
Tu es content(e) de le revoir, mais il a un peu peur de cette nouvelle école.

Écris un message pour lui donner un bon conseil :
- ce qu’il peut faire pour se faire des amis.
- ce qu’il doit faire pour arriver à l’école à l’heure.
- partage ton expérience : raconte ce que tu as dû et pu faire pour avoir une bonne routine.
Schrijfvaardigheid
Een vriend is net naar Den Haag verhuisd en gaat naar een nieuwe school.
Je bent blij om hem/haar weer te zien, maar hij/zij is een beetje bang voor de nieuwe school.

Schrijf een bericht om hem/haar een goed advies te geven:
- wat hij/zij kan doen om vrienden te maken.
- wat hij/zij moet doen om op tijd op school te komen.
- deel jouw ervaring: vertel wat jij hebt moeten doen en hebt kunnen doen om een goede routine te krijgen.

Slide 7 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Leerdoelen
  • Je sais dire ce que j’aime faire./ Ik weet zeggen wat ik graag doe.
  • Je sais utiliser l'imparfait./ Ik weet hoe ik de onvoltooid verleden tijd moet gebruiken.
 
 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maintenant/ Now

Ouvrez votre ordinateur.
Open your laptop.
Open je computer.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag

https://www.lesfeesdufle.com/domino-les-loisirs.html

Slide 10 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Aan de slag

Fiche à complèter
https://www.lesfeesdufle.com/domino-les-loisirs.html

Slide 11 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Aan de slag

Fiche à complèter
https://www.lesfeesdufle.com/domino-les-loisirs.html

Slide 12 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Aan de slag

Fiche à complèter
https://www.lesfeesdufle.com/domino-les-loisirs.html

Slide 13 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

S'il vous plaît,

Fermez votre ordinateur.
Close your laptop.
Sluit je computer af.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

L'imparfait

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

L'imparfait
Doelen:
- Je kunt de imparfait vertalen
- Je weet hoe de imparfait gevormd wordt.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

L'IMPARFAIT

(onvoltooid verleden tijd)

In het Nederlands is de o.v.t. bijvoorbeeld:

lopen >> ik liep 

hebben >> ik had

gaan >> ik ging

en ga zo maar door

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer gebruik je de IMPARFAIT?
On utilise l’imparfait pour décrire une habitude ou un état dans le passé.
Je gebruikt de imparfait om een gewoonte of toestand in het verleden te beschrijven.

Gewoonte:
Tous les jours, j'allais chez ma grand-mère. (Ik ging)
Toestand:
Patrick était vraiment malade. (Patrick was)

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe maak je de imparfait?

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Video

Deze slide heeft geen instructies

L'Imparfait
Source: youtube.com/watch?v=kSoXvBuRBe8&feature=youtu.be

Slide 21 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

IMPARFAIT

Hoe vervoeg je de imparfait? 

1. nous-vorm van het werkwoord

2. haal "ons" eraf

3. juiste uitgang erachter 

je stam+ais tu stam+ais /                                                   il/elle/on stam+ait nous stamions/                                       vous stam+iez ils/elles stam+aient)


Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stam + uitgang
Exemples :
Je (porter) portais          (nous portons)
Tu (aller) allais                 (nous allons)
Il/Elle/on (avoir) avait     (nous avons)
Nous (faire) faisions       (nous faisons)
Etc...



Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

L'imparfait 
Les terminaisons de l'imparfait
Onderwerp 
Uitgang 
Voorbeeld 
Je
- ais
Je parlais 
Tu 
- ais
Tu parlais
Il / Elle / On 
- ait
Elle parlait
Nous
- ions
Nous parlions  
Vous 
- iez
Vous parliez 
Ils / Elles
- aient
Ils parlaient 

Slide 24 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Let op
De imparfait van het werkwoord "être" is onregelmatig. Van 'nous sommes' kun je namelijk geen 'ons' afhalen...
Hier gebruik je een vaste stam : ét
Ik was = j'étais
ais is de uitgang bij "je"
Exemple:
Nous étions
Er was: c'était

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maintenant/ Now

Ouvrez votre ordinateur.
Open your laptop.
Open je computer.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Combineer de personen met de juiste uitgangen van de imparfait
-ais
-ais
- ait<br>
- ions<br>
- iez<br>
-aient
Je
Tu
il/elle/on
Nous
Vous
Ils / elles

Slide 27 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vul alle 6 de vormen in voor het werkwoord ALLER
Aller
Imparfait

Slide 28 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Nous (imparfait) ___
A
avons
B
avions
C
aivons
D
avoins

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

vous (avoir, imparfait)
A
avions
B
avez
C
aviez
D
avons

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Imparfait
Welke vorm is GEEN imparfait?
A
C'était
B
Nous chantons
C
Il y avait
D
Je voulais

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Zet het werkwoord tussen haakjes in de imparfait: Tu (regarder)

Slide 32 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Réponse
regardais

Slide 33 - Tekstslide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische, herkenbare voorbeelden die aansluiten bij de Global Context, waardoor leerlingen deze kunnen relateren aan hun eigen leefwereld en ervaringen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.

Zet het werkwoord tussen haakjes in de imparfait: Nous (chercher)

Slide 34 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Réponse
cherchions

Slide 35 - Tekstslide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische, herkenbare voorbeelden die aansluiten bij de Global Context, waardoor leerlingen deze kunnen relateren aan hun eigen leefwereld en ervaringen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.

Zet het werkwoord tussen haakjes in de imparfait: Marc (finir)

Slide 36 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Réponse
finissais

Slide 37 - Tekstslide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische, herkenbare voorbeelden die aansluiten bij de Global Context, waardoor leerlingen deze kunnen relateren aan hun eigen leefwereld en ervaringen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.

Zet het werkwoord tussen haakjes in de imparfait: Vous (aller)

Slide 38 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Réponse
alliez

Slide 39 - Tekstslide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische, herkenbare voorbeelden die aansluiten bij de Global Context, waardoor leerlingen deze kunnen relateren aan hun eigen leefwereld en ervaringen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.

Zet het werkwoord tussen haakjes in de imparfait: Laura et Pierre (être)

Slide 40 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Réponse
étaient

Slide 41 - Tekstslide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische, herkenbare voorbeelden die aansluiten bij de Global Context, waardoor leerlingen deze kunnen relateren aan hun eigen leefwereld en ervaringen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.

Zet in de imparfait:
Je suis au concert.

Slide 42 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Zet in de imparfait:
Vous parlez anglais.

Slide 43 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Zet in de imparfait:
Elle a 16 ans.

Slide 44 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Zet in de imparfait:
Tu fais du sport ?

Slide 45 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Reflectie
  • Je sais dire ce que j’aime faire./ Ik weet zeggen wat ik graag doe.
  • Je sais utiliser l'imparfait./ Ik weet hoe ik de onvoltooid verleden tijd moet gebruiken.


Slide 46 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende Unit. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag op basis van het Learner Profile en de ATL-skills. Dit wordt vastgelegd in Toddle. Samen blikken docent en leerlingen vooruit aan de hand van de JdW-planner.

La fin !

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies