Les 6 Tierheim

Tierheim
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Tierheim

Slide 1 - Tekstslide

Was machen wir heute?
Hören 
Basisgrammatica oefenen e/ i wechsel
Voltooid deelwoord



Slide 2 - Tekstslide

Ziel
Je kunt informatie over dieren verstaan en  begrijpen
Je kunt de werkwoorden met een e/i- Wechsel in de tegenwoordige tijd gebruiken.
Je kunt het voltooid deelwoord gebruiken


Slide 3 - Tekstslide

9

Slide 4 - Video

Hausaufgaben kontrolieren

Slide 5 - Tekstslide

Grammatik

Slide 6 - Tekstslide

voltooid deelwoord
Plus uitleg stam d/t krijgt een extra e

Slide 7 - Tekstslide

Sterke werkwoorden.

Sterke werkwoorden met een
-e- in de stam.

Slide 8 - Tekstslide

E/i-Wechsel

De 'e' verandert bij du & er/sie/es in een i of in ie.

* werkwoorden met een korte e (helfen) -> i
* werkwoorden met een lange e (sehen) -> ie

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

E/i-Wechsel
(2 uitzonderingen)
1. De sterke ww geben, nehmen en treten 
    hebben een lange klank, maar krijgen een i 
    ipv een ie.
   Nehmen - du nimmst
   Geben - du gibst
2. De sterke ww gehen en (ver)stehen 
     hebben geen e/i-Wechsel. 
    Gehen -  du gehst

Slide 13 - Tekstslide

Bij sterke werkwoorden met een korte e-klank in de stam:
A
e->ie
B
e-> ee
C
e->i

Slide 14 - Quizvraag

Bij sterke werkwoorden verandert met een lange e-klank:
A
e->i
B
e->ie
C
e->ee
D
er verandert niets

Slide 15 - Quizvraag

Vul de juiste vervoeging in.
Mein Onkel .......... gut Deutsch
A
sprecht
B
spriecht
C
spreekt
D
spricht

Slide 16 - Quizvraag

Du ........... jetzt mein Gesicht.
A
sehst
B
siehst
C
siehts
D
sieht

Slide 17 - Quizvraag

Du ......... mir ein Geschenk.
A
gebst
B
gibst
C
gibt

Slide 18 - Quizvraag

Meine Tante ........... uns mit.
A
nimmt
B
nihmt
C
nehmt
D
nimt

Slide 19 - Quizvraag

Bij welke 3 sterke werkwoorden met een 'e' in de stam vindt er geen e/i- wissel plaats?
A
sehen, geben, bewegen
B
stehen, lesen, gehen
C
stehen, gehen, bewegen
D
gehen, sehen, geben

Slide 20 - Quizvraag

00:30
Wieviele Tiere gibt es im Tierheim?
A
1800
B
1400
C
441
D
2040

Slide 21 - Quizvraag

00:41
Welche verschiedenen Tiere gibt es im Tierheim?

Slide 22 - Open vraag

00:50
Was passiert (gebeurd) zwischen 19. und 25. Dezember?
A
krijgt ieder dier een kerstcadeau
B
worden er helemaal geen dieren bemiddeld
C
hebben ze kerstpauze
D
worden veel dieren afgegeven

Slide 23 - Quizvraag

01:20
Warum werden zu Weihnachten keine Tiere vermittelt (bemiddeld)?

Slide 24 - Open vraag

01:38
Wie alt sind die zwei Hundedamen?
A
8 Jahre
B
18 Jahre
C
8 und 10 Jahre

Slide 25 - Quizvraag

02:16
Dürfen Dolly und Minnie getrennt (gescheiden) werden?
A
ja
B
nein

Slide 26 - Quizvraag

04:08
Was macht Clara, wenn sie keinen Freigang bekommt?
A
meubels & muren stuk maken
B
bijten
C
op meubels plassen
D
het baasje negeren

Slide 27 - Quizvraag

04:45
Du hast die Wahl: Dolly, Minnie, Sam, Poppie, Clara oder Freddie. Welches Tier willst du adoptieren und warum?

Slide 28 - Open vraag

04:45
Was macht Freddie, wenn er keine Katzenklappe (klep) hat?
A
hij wordt agressief
B
hij eet niet
C
hij maakt dingen stuk
D
hij plast op stof

Slide 29 - Quizvraag

Hausaufgaben
Maken opdracht 21, 21 und 23, Seite 27
Werken aan de weekopdrachten
Leren woordjes huisdieren en woning blz 249

Slide 30 - Tekstslide