cross

Leven op het platteland

1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Wat weet je nog van de vorige les?

Slide 2 - Open vraag

Leerdoel
Aan het eind van deze les kun je uitleggen hoe het leven op het platteland er uit zag in de tijd van 500 - 1000

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

3.1 Leven van het land
  • Tijdens volksverhuizingen plunderden Germaanse volken de steden in het (voormalige) West-Romeinse Rijk -> mensen in de steden voelden zich steeds onveiliger
  • Er was constant oorlog en rondzwervende rovers beroofden reizigers (ook dus onveilig)
  • Er werd bijna geen voedsel meer naar de stad toegebracht -> leegloop van steden
  • Wegen werden steeds slechter na vertrek Romeinen = niet goed voor de handel -> veel mensen in de stad geen inkomsten meer -> dus trokken de stedelingen naar het platteland = veiliger en meer voedsel

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Leerdoel
Aan het eind van deze les kun je herkennen en uitleggen hoe edelen hun grondgebied organiseerden en bestuurden, en hoe het leven van de boeren er uit zag.

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Werken voor een heer



  • Om veilig op het platteland te kunnen wonen en werken zochten veel kleine boeren bescherming bij een grotere boer. 

  • In ruil: grond afstaan aan de grotere boer. 

  • Hij werd dan de baas van een Domein: een gebied waar één heer de baas was > boerderijen, huizen, kerk, landbouwgrond etc. 

Slide 9 - Tekstslide

Een donjon, of mottekasteel, was een versterkte wachttoren. Hier woonde de heer als er gevaar was.
Het gebied buiten het domein bestond uit de grond van de vrije boeren en de woeste gronden, onontgonnen gebied en bossen.
De vrije boeren moesten tijdens een oorlog wél meevechten met de heer. De wapenuitrusting moesten ze zelf betalen.
De akkers van de heer werden bewerkt door horigen. Er waren akkers waarbij de volledige opbrengst naar de heer ging, en er waren akkers waarbij een deel van de opbrengst voor de horige boeren was. Overigens moesten ze hun pacht ook weer van deze opbrengst betalen.
Het vroonhof was de boerderij (hoeve) van de heer. Hier woonde de heer als er geen gevaar was. De opbrengsten van zijn akkers werd in schuren opgeslagen. In woningen naast een vroonhof woonden de horige boeren in geval van gevaar, zoals oorlog.
Bij het vroonhof waren stallen voor de dieren en boomgaarden.
Horigen woonden in vredestijd buiten het vroonhof
Met het hofstelsel bedoelen we het hele systeem (stelsel) van heren en horigen, inclusief de pacht en de herendiensten.

Slide 10 - Tekstslide

  • Elk domein had twee delen:
- Deel van de grond gebruikte de heer zelf > alle opbrengst was voor hem, andere boeren uit het domein werkte daar op voor hem.

- Deel waarop de boeren woonden en werkten die in dienst waren van de heer > de Horigen > niet vrij en mochten het domein niet verlaten zonder toestemming. Deel van de opbrengst afstaan aan de heer.

  • Daarnaast ook Herendiensten verlenen aan de heer > klusjes. 

  • Dit hele stelsel heet het Hofstelsel. 

Slide 11 - Tekstslide

Veel plichten,
weinig rechten


  • De boeren waren horigen van de heer: ze moesten gehoorzaam zijn
  • Om op de grond van de heer te kunnen wonen, moest je pacht betalen.
  • De horigen waren ook verplicht om herendiensten te doen.
  • Een horige moest overal toestemming voor vragen, ook om te trouwen
  • Een gevluchte horige was na een jaar en een dag een vrije boer.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide


Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Noem drie dingen die je geleerd hebt deze les:

Slide 17 - Open vraag

Waar wil je nog meer uitleg over?

Slide 18 - Open vraag

Meeschrijven
Je pakt je aantekeningenschrift en je schrijft tijdens de uitleg mee. 

Slide 19 - Tekstslide

Aan het werk
De volgende opdrachten kun je maken aan de hand van je aantekeningen, je leerboek en je eigen inzicht. Je mag elkaar helpen, maar zorg ervoor dat je zachtjes praat.

Slide 20 - Tekstslide

Kom je er samen niet uit?

Volg dan de instructie op het plaatje hiernaast 

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide