Les 28 - Dichters in vorm

Deze les(sen)
  • Korte terugblik: rondeel /Egidiuslied
  • Theorie: lyriek - dramatiek - epiek
  • Theorie: wat is een rederijkerskamer? Wat is een landjuweel? 
  • Theorie: wat is een sonnet? 
  • Oefenen: klassikaal een sonnet analyseren
  • Opdracht: creatief schrijven 



1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4,5

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Deze les(sen)
  • Korte terugblik: rondeel /Egidiuslied
  • Theorie: lyriek - dramatiek - epiek
  • Theorie: wat is een rederijkerskamer? Wat is een landjuweel? 
  • Theorie: wat is een sonnet? 
  • Oefenen: klassikaal een sonnet analyseren
  • Opdracht: creatief schrijven 



Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
Jullie kunnen:

  •  fragmenten van teksten situeren binnen de driehoek van Petersen 
  • de rederijkerskamer/het rondeel/het sonnet situeren in de tijd 
  • verbanden/verschillen zien tussen de besproken gedichten
  • de kenmerken van een sonnet benoemen
  •  de volta in een sonnet aanwijzen 
  • stijlfiguren aanduiden

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

"Poëzie is woorden vinden voor dingen die je niet op een gewone manier kunt overbrengen" (Buelens) 
"Gedichten zijn er niet om te begrijpen" (Holvoet-Hanssen) 
"In poëzie zit altijd iets magisch, zowel in de inhoud als in de vorm" (Barnard) 

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onderverdeling literatuur
Drie genres: 

  • lyriek 
  • epiek 
  • dramatiek

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rondeel (+-1400)
Kenmerken: 

- kort lied of gedicht in strofevorm 
- twee rijmklanken 
- terugkeren driemaal dezelfde versregel(s)

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kenmerken rondeel: 

-19 regels
-twee strofes, 3x refrein
-rijmklanken '-even' en '-ijn'
- 3x zelfde versregels (refrein) 


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2

Slide 7 - Video

Deze slide heeft geen instructies

00:51
Welke kleurensymboliek zie je hier terug?

Slide 8 - Open vraag

De witte poort stelt de vrede van de hemel voor
01:33
In het oorspronkelijke Egidiuslied zit de herhaling in het refrein. Welk element in de video wordt hier herhaald?

Slide 9 - Open vraag

Het hellevuur (rood - symboliek) 
Jan Eijkelboom - Egidius 
Ik zag je nooit, de laatste jaren.
Jij was in wetenschap verdiept,
het kunst- en vliegwerk dat je schiep,
en ik in kranten en in jonge klare.
 
Toch was je bij me als ik riep,
en soms vanzelf. Niet te bedaren
was ons plezier wanneer de zware
ernst van anderen werd uitgesliept.
 
Maar nu je dood bent mis ik je, altijd.
Misschien omdat de mooglijkheid
je ooit terug te zien ontbreekt.
 
Misschien omdat ik 's nachts soms weet
dat je jezelf niet had vermoord
als ik je angst had aangehoord.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gelijkenis & verschil oorspronkelijk Egidiuslied? 
Ik zag je nooit, de laatste jaren.
Jij was in wetenschap verdiept,
het kunst- en vliegwerk dat je schiep,
en ik in kranten en in jonge klare.
 
Toch was je bij me als ik riep,
en soms vanzelf. Niet te bedaren
was ons plezier wanneer de zware
ernst van anderen werd uitgesliept.
 
Maar nu je dood bent mis ik je, altijd.
Misschien omdat de mooglijkheid
je ooit terug te zien ontbreekt.
 
Misschien omdat ik 's nachts soms weet
dat je jezelf niet had vermoord
als ik je angst had aangehoord.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rederijkerskamers

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Juist of fout?
Zowat elke stad had haar rederijkerskamer. De rederijkers maakten deel uit van de geestelijkheid.
A
Juist
B
Fout

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Juist of fout?
De rederijkerskamers streden tegen elkaar om het landjuweel.
A
Juist
B
Fout

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Van der mollenfeeste (1430) - Anthonis de Roovere (BB p.35-37)

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarvoor is het 'mollenfeest' een metafoor?

Slide 18 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Maak het rijmschema van de eerste 8 versregels?

Slide 19 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarover gaat het gedicht?
A
Een snelle grijsaard
B
Het lief van P.C. Hooft
C
De tijd
D
Een gemis, ontstaan door de tijd

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Inhoud
Twee tegenstrijdige ideeën

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inhoud
Woordspeling

  • Verlangen is verlengen
  • Gezwinde grijsaard= oxymoron (! geen pleonasme)

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geef een voorbeeld van een oxymoron

Slide 25 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Noem een voorbeeld van een enjambement in dit gedicht

Slide 26 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Vorm
  • Rijmklanken/rijmschema
  •  Strofebouw
  • Metrum
  • Stijlfiguren (vb. parallellisme)

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Tekstslide

Klassiek sonnet (Petrarca): abba abba cdc dcd -> Nederlands is geen Italiaans, vandaar vijfde rijmklank 
Hooft combineert hier een omarmend rijm (abba) met een gepaard rijm. 
Verder wel volgens regels klassiek sonnet. 
Stroming
Renaissance (1500-1700)

  • BB p. 60-61
  •  Van theocentrisme naar antropocentrisme (mens centraal)
  • Geen kunst meer voor de Kerk, maar creatie van schoonheid

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Martinus Nijhoff - De moeder de vrouw (1934)


Ik ging naar Bommel om de brug te zien A
Ik zag de nieuwe brug. Twee overzijden B
die elkaar vroeger schenen te vermijden, B
worden weer buren. Een minuut of tien A

dat ik daar lag, in 't gras, mijn thee gedronken, C
mijn hoofd vol van het landschap, wijd en zijd - D
laat mij daar midden uit oneindigheid D
een stem vernemen dat mijn oren klonken C

Het was een vrouw. Het schip dat zij bevoer E
kwam langzaam stroomaf door de brug gevaren.F
Zij was alleen aan dek, zij stond bij 't roer E

eb wat zij zong hoorde ik dat psalmen waren. F
O, dacht ik, o, dat daar mijn moeder voer E
Prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren. F

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een sonnet?
Een versvorm met een vaste vorm:
  • 14 regels
  • Twee kwatrijnen (= 1 octaaf) en twee terzetten (= 1 sextet)
  • Witregel na octaaf

Inhoudelijk kenmerk: na de octaaf een volta (wending, val, chute)

Traditionele rijmschema = abba abba cdc dcd

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Creatief schrijven
Schrijf een eigen sonnet
Kies een actueel thema of een actuele gebeurtenis
Zorg dat het sonnet voldoet aan alle belangrijke vormkenmerken 
Het gedicht moet ook minimaal een alliteratie, een metafoor en iets onbereikbaar bevatten 
Gebruik de theorie 
Gebruik een rijmwoordenboek https://rijmwoordenboek.vandale.nl 
Uploaden 

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies