Hoe duurzaam ben ik?

Lesdoel
Hoe duurzaam ben jij? - Wat is jouw voetafdruk?
De vier duurzaamheidsprincipes

1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Lesdoel
Hoe duurzaam ben jij? - Wat is jouw voetafdruk?
De vier duurzaamheidsprincipes

Slide 1 - Tekstslide

Wat is een ecologische voetafdruk

De ecologische voetafdruk is een getal dat weergeeft hoeveel biologisch productieve grond- en wateroppervlakte nodig is om je consumptieniveau te kunnen handhaven, en om de afvalproductie te kunnen verwerken.

Slide 2 - Tekstslide

2

Slide 3 - Video

00:48
Wat is een hectare?

Slide 4 - Open vraag

00:49

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Link

Is jouw ecologische voetafdruk groter of kleiner dan de voetafdruk van de gemiddelde Nederlander?
A
Groter
B
Kleiner

Slide 7 - Quizvraag

Wat zou jij kunnen doen om jouw ecologische voetafdruk te verkleinen?
A
Minder kleding kopen
B
Minder vlees eten
C
Met het openbaar vervoer reizen of fietsen
D
Mijn afval scheiden

Slide 8 - Quizvraag

Slide 9 - Video

Waar staan de drie P's voor?

Slide 10 - Open vraag

Duurzaamheidsprincipes
  • Het kan altijd beter!
  • Minder afhankelijk worden van delfstoffen en fossiele brandstoffen
  • Geen gebruik maken van giftige en moeilijk afbreekbare stoffen
  • Natuurlijke bronnen zo weinig mogelijk aantasten
  • Voorraad arbeid en welvaart eerlijker verdelen

Slide 11 - Tekstslide

4 Duurzaamheidsprincipes
  • Breek de natuur niet sneller af dan de tijd die nodig is om te herstellen.
  • Breng niet meer en sneller stoffen uit de aardkorst in het milieu dan de natuur kan verwerken.
  • Breng niet meer en sneller natuurvreemde stoffen in het milieu dan de natuur kan verwerken.
  • Doe geen dingen waardoor anderen beperkt worden in het kunnen vervullen van hun basisbehoeften.

Slide 12 - Tekstslide

Wat zijn delfstoffen
De bekendste delfstoffen zijn ertsen, fossiele brandstoffen, zouten en water.

Bijvoorbeeld zand, schelpen, grind, klei , kalksteen en zout. Wij gebruiken deze producten als brandstof, bouwmateriaal, grondstof of als voedingsmiddel. Deze producten worden ook wel delfstoffen genoemd.

Slide 13 - Tekstslide

Wat zijn ertsen?
Erts - Een in de natuur voorkomende grondstof waar mineralen uit kunnen worden gewonnen. De term wordt doorgaans, maar niet altijd gebruikt met betrekking tot metaalhoudende materialen en wordt vaak voorafgegaan door de naam van het waardevolle bestanddeel, bijvoorbeeld ijzererts.

Een deel van de ertsen ontstaat door het stollen van magma in de ondergrond.

Slide 14 - Tekstslide

Hoe kom je nou aan ijzer?
IJzererts is de erts waaruit ijzer wordt gewonnen.
IJzererts wordt eerst verhit, zodat het metaal eruit smelt en het kan gegoten worden. Eenmaal gegoten wordt het verwerkt tot metaal/ijzer. Daarmee kunnen ze weer van alles maken, zoals auto`s, koelkasten enzovoort.

Slide 15 - Tekstslide

Hoe wordt ijzererts gewonnen?
Filmpje

Slide 16 - Tekstslide

Wat zijn fossiele brandstoffen?
Fossiele brandstoffen zijn aardgas, aardolie en kolen. Deze brandstoffen zijn vervuilend en hebben veel CO2 uitstoot. Hierdoor zijn ze slecht voor het milieu en klimaat. Omdat de bronnen uitgeput raken, zal de prijs gaan stijgen.

Slide 17 - Tekstslide

Waarvoor gebruik jij gas?

Slide 18 - Open vraag

Hoe ontstaat aardolie?
Het is ontstaan uit resten van planten en dieren die doodgingen en op de zeebodem terechtkwamen. De resten werden bedekt met lagen klei en zand. Dat duurde miljoenen jaren. Door het gewicht van deze lagen en door warmte veranderden de dode dieren en planten heel langzaam in aardolie.

Slide 19 - Tekstslide

Aardolie
Aardolie is vooral belangrijk voor de industrie en voor vervoer. Raffinaderijen maken uit aardolie diesel, kerosine, stookolie, smeerolie, teer, benzine en LPG. Ook is aardolie een grondstof voor de productie van kunststoffen. De Nederlandse olievelden leveren maar een zeer klein deel van de aardolie.

Slide 20 - Tekstslide

Waar wordt aardolie voor gebruikt?

Slide 21 - Open vraag

Wat zijn fossiele brandstoffen?
A
hout
B
aardolie
C
aardgas
D
water

Slide 22 - Quizvraag

Wat is een duurzame energiebron?
A
biomassa
B
kernenergie
C
aardolie
D
aardgas

Slide 23 - Quizvraag

Een voorbeeld van groene energie is.....
A
aardgas
B
aardolie
C
zonne-energie
D
A, B en C

Slide 24 - Quizvraag

Giftige stoffen
Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die mogelijk gevaar opleveren voor de veiligheid en gezondheid
Voorbeelden: Bijtende stoffen: vaatwas tabletten, gootsteenontstopper, ammonia, verf afbijt. Petroleumproducten: lampenolie, wasbenzine, meubelolie. Overige stoffen: planten, paddenstoelen, medicijnen, sigaretten.

Slide 25 - Tekstslide

Duurzaam consumeren
is consumeren zonder daarbij mens of milieu te benadelen.  

Een duurzame consument is kritisch en vraagt zich continu af hoe een product gemaakt is, waar het vandaan komt en of er kinderarbeid, dierenleed of giftige stoffen aan te pas komen tijdens het productieproces.

Slide 26 - Tekstslide

Duurzaamheid 
Iedereen doet een beetje mee.

Slide 27 - Tekstslide

Duurzaamheid 
En bij jullie thuis en op je werk?

Slide 28 - Tekstslide