Orkest en Muziek: Variatie, Herhaling en Contrast

21: Muzikale ingrediënten
H21: Muzikale Ingrediënten

p. 66
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
MuziekSecundair onderwijs

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

21: Muzikale ingrediënten
H21: Muzikale Ingrediënten

p. 66

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je nog over het orkest?

Slide 2 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Het is tijd voor
Een Quiz!

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welk instrument is geen onderdeel van het symfonieorkest?
A
Trombone
B
Piano
C
Trompet
D
Gitaar

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de rol van de dirigent in het symfonieorkest?
A
Het leiden en coördineren van het orkest
B
Het spelen van een solo-instrument
C
Het verkopen van tickets
D
Het schoonmaken van de concertzaal

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk instrument heeft meestal de leidende rol in het symfonieorkest?
A
Harp
B
Viool
C
Cello
D
Contrabas

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk instrument is het grootste in het symfonisch orkest?
A
Trombone
B
Contrabas
C
Hobo
D
Klarinet

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk instrument wordt bespeeld met een strijkstok?
A
Trombone
B
Fagot
C
Contrabas
D
Klarinet

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk instrument geeft het ritme aan in het symfonisch orkest?
A
Slagwerk
B
Contrabas
C
Harp
D
Trompet

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel
Aan het einde van deze les kunnen de leerlingen variatie, herhaling en contrast in muziek identificeren en begrijpen ze het concept van akkoorden door het spelen van het lied Shalala van Haspeslagh.
Herkennen van variatie, contrast en herhaling
Akkoorden spelen bij het lied "Shalala"
Begrip
Refrein
leren kennen
Begrip
Strofe
leren kennen

Slide 10 - Tekstslide

Introduceer het leerdoel van de les en verduidelijk de belangrijkste punten.
  • Opdracht 139 We zingen het lied Shalala. Je ademt meestal om de twee maten, duid dit aan met een '          '

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Variatie
Variatie in muziek betekent dat er veranderingen zijn in toonhoogte, tempo, ritme of melodie.

Zoek in het refrein de variatie.

Welk kleur is dit?

Slide 13 - Tekstslide

Leg uit wat variatie in muziek betekent en geef voorbeelden.
Herhaling
Herhaling in muziek betekent dat een bepaald deel van de muziek wordt herhaald.

Zoek in het refrein de herhaling.

Welk kleur is dit?

Slide 14 - Tekstslide

Leg uit wat herhaling in muziek betekent en geef voorbeelden.
Contrast
Contrast in muziek betekent dat er een groot verschil is tussen twee delen in de muziek.

Zoek in het refrein het contrast.

Welke kleur is dit?

Slide 15 - Tekstslide

Leg uit wat contrast in muziek betekent en geef voorbeelden.
  • 5 punten: samen starten en stoppen
  • "Ik start en eindig samen, op teken van de leerkracht."
  • 5 punten: Samenspel
  • "Ik voer een aangeleerde melodie correct uit."
Boost p. 66

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stemmen
We gaan het lied Shalala in drie verschillende stemmen leren.
Shalala
Begeleiding

Slide 18 - Tekstslide

Leg uit dat het lied in drie verschillende stemmen wordt geleerd en verdeel de leerlingen in groepen.
Stemmen
We gaan het lied Shalala in drie verschillende stemmen leren.
Percussie
Begeleiding

Slide 19 - Tekstslide

Leg uit dat het lied in drie verschillende stemmen wordt geleerd en verdeel de leerlingen in groepen.
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 20 - Open vraag

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 21 - Open vraag

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 22 - Open vraag

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.