3.4 Elektrische stroom(06-02-2026)

3.4 Elektrische stroom
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo t, mavo, havoLeerjaar 1

In deze les zitten 28 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

3.4 Elektrische stroom

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

DEZE LES
Terugblik
Uitleg
Zelfstandig werken
JE GAAT LEREN OVER
  • een stroomkring;
  • stroomsterkte;
  • elektronen;
  • een schakelschema;
  • de stroomsterkte.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stroomkring
  • spanningsbron, elektrisch apparaat en aansluitdraden

Slide 3 - Tekstslide

stromen van + naar -
Wat stroomt er in een elektrische stroom?

Slide 4 - Tekstslide

Een spanningsbron is een voorwerp waarvan één onderdeel een overschot aan negatieve ladingen bevat (de minpool) en een ander onderdeel een overschot aan positieve ladingen bevat (de pluspool). Voorbeelden van spanningsbronnen zijn de batterij, het stopcontact en de dynamo. Als we de twee polen met elkaar verbinden, dan spreken we van een gesloten stroomkring. Als gevolg daarvan gaan de negatieve ladingen naar de pluspool stromen. Het bewegen van deze ladingen noemen we elektriciteit.
Spanning
Iedere batterij of accu heeft zijn eigen spanning.

Spanning word gemeten in Volt (V)

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Spanning
Het water van de rivier loopt bij de waterval van boven naar beneden. 

In de batterij loopt de stroom van plus naar min. Dit is altijd zo!

De waterval is klein, dus de kracht is laag. Dit moet de spanning van de batterij voorstellen, die is ook laag. 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stroom
De waterval is hier veel groter. je kan hier ook niet meer veilig zwemmen. 

De spanning is hier hoog. 
Dit zou bijvoorbeeld een stopcontact kunnen voorstellen. 

Een stopcontact heeft een spanning van 230 volt. 
De stroom is ook gevaarlijk bij een hoge spanning.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kabouters en houtblokken, stroomsterkte en spanning 
Je kunt stroomsterkte en spanning vergelijken met kabouters die met houtblokken een kampvuur brandend moeten houden. 

De batterij, de energiebron, is te vergelijken met de houtvoorraad aan de rand van het bos. 

De kabouters die het hout van de rand van het bos naar de kampvuurplaats brengen zijn te vergelijken met de stroom die de energie vervoert van de spanningsbron naar een energieverbruiker (bijvoorbeeld het kampvuur).  

Slide 8 - Tekstslide

Vergelijk elektronen met kabouters (elektronen) die met houtblokken (energie lading) rondgaan in een stroomkring.
Het aantal houtblokken dat de kabouters bij zich dragen is de spanning.
Stroomsterkte (Ampère)

Slide 9 - Tekstslide

Ampere
Leerdoelen 2KGT

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vraag
  • Waaraan ligt het of een smartphone lang of niet lang met een accu toekomt?

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vraag
  • Waaraan ligt het of een smartphone lang of niet lang met een accu toekomt?
  • Dit ligt aan hoeveel elektrische energie het toestel verbruikt.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vermogen
  • = hoeveelheid elektrische energie dat een toestel per seconde verbruikt.
  • Eenheid = Watt.

  • Toestellen met groot vermogen → verbruiken veel energie.

  • Meestal spreken we daar van kilowatt (kW). *

  • kW → W of W → kW zijn omzettingen die gekend moeten zijn.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vermogen van een lamp
  • Geef het vermogen van deze lamp.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vermogen van een lamp
  • Geef het vermogen van deze lamp.
  • 2,5W
  • Maar geeft licht als een lamp van 10W.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Berekening van het vermogen (W)
  • Om het vermogen te berekenen heb je 2 gegevens nodig:
  • spanning (V)
  • stroomsterkte (A)
  • Gebruik dan deze formule → 
vermogen = spanning x stroomsterkte

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op een website wordt reclame gemaakt voor een ledlamp. Deze zou een laag vermogen hebben.  spanning = 12 V  /  stroomsterkte = 220 mA.
► Bereken het vermogen
Gegevens
  •  
  •  
  •  
Gevraagd
  •  
Oplossing
Conclusie:

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schakelschema

Slide 18 - Tekstslide

Verschillende voorbeelden van eenzelfde schakeling.
Schakelschema symbolen

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Open stroomkring
Gesloten stroomkring

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Serie-schakeling       Parallel-schakeling

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Serieschakeling





  • weerstanden zijn achter elkaar aangesloten, er zijn geen vertakkingen

  • als een lampje kapot gaat, zullen de andere lampjes niet branden.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

stroomsterkte serieschakeling
1
3
2

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Serieschakeling
Stroomsterkte in een serieschakeling

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Parallelschakeling
Stroomsterkte in een parallelschakeling

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geleider & Isolator

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

VRAGEN?

Slide 27 - Tekstslide

Wisselmoment: vragen?
Weektaak
3.4 Elektrische stroom
LEERDOELEN
  • uitleggen wat een stroomkring is;
  • beschrijven wat stroomsterkte is;
  • beschrijven wat elektronen zijn;
  • een schakelschema tekenen;
  • de stroomsterkte meten.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies