Cultuureducatie - Migratie

Cultuureducatie - Migratie
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
MentorlesMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 19 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Cultuureducatie - Migratie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inleiding Migratie
Ontdek de feiten en cijfers.



Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat betekent migratie?

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Migratie.
Migratie is de verplaatsing van (groepen) mensen van de ene plaats naar de andere. 

Slide 4 - Tekstslide

Brabanders, Zeeuwen, Friezen, Tukkers, Belgen en Limburgers die zich massaal in Rotterdam vestigden toen de werkloosheid hoog was en in de haven juist veel nodig waren werden ook als migranten gezien en hadden een economische achterstand.

Migratie hoeft dus niet over landgrenzen heen te gaan. 
Inleiding : Migratie
Je maakt kennis met de belangrijkste redenen voor migratie.

Je leert over de geschiedenis van migratie in Nederland en vanuit Nederland. 

Je denkt na over de invloed van migranten op een lokale cultuur.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom migreren mensen? 

Slide 6 - Tekstslide

In de politiek gaat het veel over migratie. Hier een overzicht van de belangrijkste redenen om te migreren. Let op: de rechter grafiek gaat over migranten van buiten de EU in 2022. 


Wat betekent migratie?

Slide 7 - Tekstslide

Deze statistiek laat zien dat mensen bij een zeer laag welvaartsniveau simpelweg niet kunnen migreren. Migratie neemt toe naar mate de welvaart stijgt en het opleidingsniveau toeneemt. Wanneer het welvaartniveau een sterke middenklasse creëert neemt migratie af.  
Waar of niet waar?


''Op dit moment is er meer migratie dan ooit''

Slide 8 - Tekstslide

Dit is niet waar. Politici en media praten veel over migratie maar historisch gezien zijn de aantallen niet geëxplodeerd. 
 
De meeste migratie is tevens binnenlands en het gros van de vluchtelingen wordt na een conflict al opgevangen in de regio. 

Migratie is wel zichtbaarder dan voorheen. 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nederland Migratieland
Zeer vroege vrijheid van godsdienst (1579)
Latijns onderwijs.
Vroeg ontwikkelde economie.
Vrije boekdrukkunst.
Veel werkgelegenheid.

Slide 10 - Tekstslide

Opvangland voor hugenoten, protestanten, joden en politiek vluchtelingen met (voor die tijd) redelijke vrijheid. Dankzij onderwijs in het latijn en een liberale houding tegenover het drukken van boeken (destijds vooral voorbestemd aan kerkelijke schrijvers) kwamen intellectuelen vanuit heel Europa naar Nederland. 

Tip: verwijs naar de Spinozaweg in Lombardijen. De ouders van Baruch Spinoza vluchtte voor vervolging in Portugal en vestigden zich in Nederland waar hij uitgroeide tot een belangrijk filosoof.
80 jarige oorlog.
1568-1648


Slide 11 - Tekstslide

Leuk om te laten zien dat delen van NL ooit onder Spaans bewind viel. En dat daarom in Brabant en Limburg mensen voornamelijk Katholiek zijn. Tegelijkertijd een mooi bruggetje naar het onderdeel over kolonialisme. 

(wel belangrijk te noemen dat de Nederlanden geen kolonie van Spanje waren maar dat men in opstand kwam omdat de Spanjaarden alle religies behalve het Katholicisme verboden).
Nederlands koloniaal rijk.
Kolonie = gebied dat door een ver land wordt bestuurd.

Slide 12 - Tekstslide

Leg uit wat een kolonie is en hoe verschillende landen probeerden zoveel mogelijk van de wereld in handen te krijgen. 

Door het Nederlands maken van verschillende gebieden zie je dat de cultuur ook werd opgedrongen en overgenomen. 

Tip: laat een filmpje zien over de taal van de Afrikaners, studenten vinden het fascinerend om te horen.

Anders: paraplu = regenwaterafdekscherm.
Onderzeeër = kanniezinkenbootje 
Nederlands koloniaal rijk.
Ook Nederland had koloniën: Nederlands-Indië (nu Indonesië), Suriname, de Nederlandse Antillen en Nederlands-Nieuw-Guinea. Daarnaast heeft Nederland nog koloniale bezittingen gehad in New York, Brazilië, Dejima, Sri Lanka langs de kust van Guinee en in Zuid-Afrika.

Slide 13 - Tekstslide

Natuurlijk betekende dit dat Nederlanders over de hele wereld uitwaaide. Er waren immers veel mensen nodig om dit koloniale project vol te houden. Dit is ook migratie. De Nederlanders drongen zich op in bepaalde gebieden en bleven daar eeuwen. Het is belangrijk om te zien dat migratie eerder juist vooral plaats vond van het mondiale noorden naar het mondiale zuiden. Het is van alle tijden en het heeft altijd effect op lokale culturen.
Onafhankelijkheid:
1945 - 1949 - Indonesische onafhankelijkheid.
1950 - overdracht Molukken aan Indonesië.
1963 - Nederlands Nieuw-Guinea wordt overgedragen aan Indonesië. 
1975 - onafhankelijkheid Suriname.
1986 - Aruba wordt zelfstandig land binnen koninkrijk.
2010 - Curaçao en Sint Maarten krijgen dezelfde status als Aruba.

Slide 14 - Tekstslide

Onafhankelijkheid zette remigratie van kolonialen in gang en betekent het startsein van toename van migratie van de bevolking van het gekoloniseerde land naar het koloniserend land. 
Congo Conferentie
Duitsland, Oostenrijk-Hongarije, Belgie, Denemarken, Spanje, Verenigde Staten,
Frankrijk, Italie, Nederland, Portugal, Verenigd Koninkrijk, Rusland, Zweden-Noorwegen,
Ottomaanse rijk. 



Slide 15 - Tekstslide

De Congo conferentie van 1884-1885 in Berlijn laat zien hoe Europese leiders dachten over het continent Afrika. Zij probeerde het continent in korte tijd op te delen in allerlei landen (dat deed geen recht aan het aantal volkeren dat op het continent leeft) en deze landen onder elkaar te verdelen. 
Congo Conferentie
Afrika bestond voor 1880 uit ca. 1.100 volkeren en in 1900 maar uit 40 landen. Van die 40 landen waren er 36 die een bestuur hadden onder leiding van een Europees land.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Volgende les:
Moderne migratie 1945-nu
WO2 komt ten einde.
Heropbouw begint.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies