Oefentoets par. 3.2 tm 3.6

Oefentoets par. 3.2 tm 3.6
eerst 20 minuten leren (begrippen, samenvatting etc.)

Daarna
Inloggen met voornaam
Alleen serieuze antwoorden

1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Oefentoets par. 3.2 tm 3.6
eerst 20 minuten leren (begrippen, samenvatting etc.)

Daarna
Inloggen met voornaam
Alleen serieuze antwoorden

Slide 1 - Tekstslide

Lees bron 1. Noem twee grenzen die Aron wekelijks passeert.

Slide 2 - Open vraag

Lees bron 1.
Zijn de grenzen die Aron wekelijks passeert gesloten of open grenzen?


A
Gesloten grenzen
B
Open grenzen

Slide 3 - Quizvraag

Geef de omschrijving van het begrip ‘identiteit’.

Slide 4 - Open vraag

Welk van de volgende woorden heeft te maken met insluiting?
A
Acceptatie
B
Discriminatie
C
Groepscode
D
Kledingvoorschrift

Slide 5 - Quizvraag

Wat is de overeenkomst tussen cultuur en identiteit?

Slide 6 - Open vraag

Wat is het verschil tussen lokalisme en regionalisme?

Slide 7 - Open vraag

Kies het juiste antwoord.
Het spreken van dialect hoort niet bij...
A
Chauvinisme
B
Lokalisme
C
Regionale identiteit
D
Regionalisme

Slide 8 - Quizvraag

Hoe noem je de identiteit die de inwoners van een land met elkaar verbindt?

Slide 9 - Open vraag

Gebruik bron 2.
Verklaar vanuit de ligging van Sicilië dat het voor de hand ligt dat Sicilië een autonome regio is.

Slide 10 - Open vraag

Als Sicilië zonder bemoeienis van Italië verder gaat, dan heet dat:
A
Etniciteit
B
Regionalisme
C
Soevereiniteit
D
Zelfstandigheid

Slide 11 - Quizvraag

Welk van de onderstaande omschrijvingen hoort bij chauvinisme?
A
Het dragen van klederdracht
B
Het spreken van dialect
C
Het zingen van een lokaal volkslied
D
Het zingen van het nationale volkslied

Slide 12 - Quizvraag

Welke voormalige Nederlandse kolonie is sinds 1975 soeverein?

Slide 13 - Open vraag

Welke uitspraak over grenzen is juist?
A
Gesloten grenzen zijn altijd onzichtbare grenzen.
B
Gesloten grenzen zijn altijd zichtbare grenzen.
C
Kunstmatige grenzen zijn altijd zichtbare grenzen.
D
Natuurlijke grenzen zijn altijd onzichtbare grenzen.

Slide 14 - Quizvraag

Gebruik bron 1.
Welk soort grens herken je in bron 1 tussen Nederland en Duitsland?
A
een kunstmatige, open grens
B
een onzichtbare, gesloten grens
C
een open, natuurlijke grens
D
zichtbare, gesloten grens

Slide 15 - Quizvraag

Het territorium van Nederland houdt niet op bij de kust. Verklaar deze uitspraak.

Slide 16 - Open vraag

Welk begrip past het best bij de omschrijving ‘kenmerken die een groep onderscheiden van andere groepen’?

Slide 17 - Open vraag

Iedere regio heeft eigen kenmerken. Welk kenmerk hoort niet bij de regio Twente?
A
Boterbabbelaars
B
Klootschieten
C
Midwinterhoornblazen
D
Paasvuur ontsteken

Slide 18 - Quizvraag

Welke van de volgende gebieden is soeverein?
A
Aruba
B
Curaçao
C
Sint Maarten
D
Suriname

Slide 19 - Quizvraag

Noem twee kenmerken van een soevereine staat.

Slide 20 - Open vraag