Examentraining 6 vwo - 2526
Examentraining 6 vwo - 2526
Hoeveel seconden mag je doen over jouw CE MAW (zonder verlenging)?
Doelen examentraining
Niet voor de school maar voor het leven leren wij
Je kent je bronnen en kan ermee werken
Je kunt de ICE-regel dromend toepassen
Je herkent signalen (sleutels) in teksten
Je kunt definities hoofd- en kernconcepten goed toepassen (zie signalen).
Paradigma's zijn nog duidelijker
Je krijgt antwoord op vragen die je nog hebt
Leer denken als een toetsmaker
Centraal Examen 1e tijdvak
woensdag 20 mei 2026
09:00-12:00 maatschappijwetenschappen vwo
13:30-16:00 Engels vwo
Bronnen
1. SENECA maw vwo lesboek 2e druk (werkboek)
2. Syllabus MAW Centraal Examen 2025 (via examenblad)
3. Examenprogramma MAW (examenblad, + eerdere examens)
4. Boekje Kernconcepten (magister)
Bron 1: Lesboek
Zoekmachines: inhoudsopgave en 3 bijlages
- paragraaf -> eindterm + vice versa
- definities hoofd- en kernconcepten (examenhulp en kernconceptenboekje)
* Samenvatten / mindmap maken / voorbeelden zoeken bij lastige begrippen / rijtjes met bijv. kenmerken
-> verschillen tussen kenmerken/theorieën vast uitwerken
Noem de 4 machtsbronnen op alfabetische volgorde.
Text
Bron 1: Opdrachtenboek
Stappenplan vragen beantwoorden: ICE !! blz. 5 en 6
H10 - H12 complexere vragen, samentrekking met eerdere hoofdstukken.
Bron 2+3: Syllabus+kerndoelen
Gekregen eind 5V (kopie inclusief aanpassingen)
Via examenblad.nl ook te downloaden.
Syllabus is leidend voor examenstof! Niet het boek.
Examenprogramma: Alleen kerndoelen, vaak uitgebreid. Handig om (na leren) af te vinken.
Website
Bron 4: Boekje kernconcepten
Alle kernconcepten
Met uitleg, toepassing en voorbeelden
LET OP: ook de delen van de kernconcepten die je bij toepassing moet 'aantonen'.
Met oefenopgaven
ICE
Introduce (I)
Context (C)
Explain (E)
Aandachtspunten
Allen, start met een deel van de vraag herhalen (niet hele vraag, alleen deel wat belangrijk is voor start antwoord.
Voorbeeld: Leg uit hoe je gezag terugziet in alinea 3 .
Antwoord: Gezag is macht die als legitiem wordt beschouwd. (I) Je ziet in alinea 3 gezag terug omdat de macht van de politieagent zonder probleem wordt opgevolgd ("liet direct ... aanwijzing agent"), en dus als legitiem wordt beschouwd door het kind. Zo zie je gezag terug in alinea 3.
Aandachtspunten
Let op de Introductie van een begrip (wat betekent het), dus niet alleen het begrip zelf.
Bij hoofd- of kernconcept: gebruik noodzakelijke deel definitie. Ook bij ander begrip: definitie.
Gebruik de bron: Context (citaat/concrete verwijzing)
Explain: Puntje inkoppen: koppel (deel) introductie-> context en concludeer.
Aandachtspunt: schrijf concreet
- Vaktaal gebruiken
--> i.p.v. dingen -> actoren/bindingen/machtsbronnen, ...
- Specifieke woorden:
--> i.p.v mensen/zij -> politici/de Oekraïners/mensen met minder macht .
--> i.p.v. dat/die -> de materiële aspecten/de voorstellingen/het verband
Aandachtspunt: citaat
- Gebruik een citaat als bewijsstuk in de rechtszaal. Dat bewijsstuk zegt alleen wat als de officier/advocaat een goede uitleg daarbij geeft. bijv:
Een kenmerk van een falende staat is wanneer een overheid de interne rechtsorde niet meer kan handhaven. In bron 2 staat "De overheid heeft ... totaal uitgevallen is." (r. 4-7). In dit citaat zie je dat de Indiase overheid geen grip meer heeft op het geweld tegen de Dalits. Ze heeft het geweldsmonopolie niet meer, en kan dus de interne rechtsorde niet meer handhaven. Daaruit kan je afleiden dat India een falende staat is
Aandachtspunt: vraagstelling
- Wanneer je moet vergelijken (ook bijv. met een tabel), zorg ervoor dat je benoemt wat beide eenheden zijn, om daarna te concluderen dat de een groter/minder/etc. is dan de ander.
2. Leg uit hoe je het kernconcept samenwerking in de bron herkent. Gebruik in jouw uitleg:
•- een toepassing van het kernconcept samenwerking;
•- informatie uit bron 1.
3. Leg uit op welke manier je het kernconcept identiteit herkent in bron 2. Gebruik in jouw antwoord:
- een toepassing van het kernconcept identiteit;
- informatie uit bron 2.
Welke onderwerpen / vaardigheden zou je nog willen oefenen bij examentraining?
Gebruik van kernconcepten
Zoek de sleutel in de definitie
Een cultuur is “het geheel van voorstellingen, uitdrukkingsvormen, opvattingen, waarden en normen die
mensen als lid van een groep of samenleving hebben verworven”.
Sleutel-Bedenk 2 concrete voorbeelden
voorstelling: beeld/idee/verhaal over een gebeurtenis/land
uitdrukkingsvorm: symbolen
opvatting: idee/mening, wat je vindt over iets (goed/slecht)
waarde: ideaal/uitgangspunt (bv. vrijheid)
norm: gedragsregel (hoort bij waarden)
lid van een groep of samenleving: subcultuur
verworven: aangeleerd
Cultuur Sleutelbegrip, voorbeeld en toelichting
Een nieuw kernconcept
Zoek de sleutel in de definitie
Sociale ongelijkheid is “een situatie waarin verschillen tussen mensen, in al dan niet aangeboren kenmerken, consequenties hebben voor hun maatschappelijke positie en leiden tot een ongelijke verdeling van schaarse en hooggewaardeerde zaken, van waardering en behandeling."
Sleutel: Slim voorbeeld (of 2)
Verschillen tussen mensen
al dan niet aangeboren kenmerk
consequenties voor maatschappelijke positie
ongelijke verdeling schaarse/hooggewaardeerde goederen
waardering
behandeling (Denk aan MAW-typische voorbeelden)
Gebruik concepten bij lezen
Check bij het lezen of je al hoofd- of kernconcepten tegenkomt.
Als je ze goed kent, kan je ook al de sleutel vinden (het juiste deel van een kernconcept om een vraag te beantwoorden).
Zo lees je gericht (je kunt voorbeelden van concepten of gevonden sleutels alvast markeren)
Boa’s niet bevoegd geweld te gebruiken
Vorige week woensdag stuurde de inspectie voor de tweede keer een kritische brief naar de staatssecretaris van justitie en veiligheid Eric van der Burg. Eerder concludeerde ze dat veilige leefomstandigheden op de COA-locatie voor asielzoekers onder druk staan. Een klacht indienen is lastig voor de bewoners, omdat een onafhankelijke klachtencommissie ontbreekt. De buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) die op de locatie werken zijn ook niet bevoegd geweld te gebruiken bij het handhaven van de huisregels.
Zoek bij 1 gekleurd begrip een passend (kern)concept. Leg kort uit waarom dit bij elkaar past.
Boa’s niet bevoegd geweld te gebruiken
Vorige week woensdag stuurde de inspectie voor de tweede keer een kritische brief naar de staatssecretaris van justitie en veiligheid Eric van der Burg. Eerder concludeerde ze dat veilige leefomstandigheden op de COA-locatie voor asielzoekers onder druk staan. Een klacht indienen is lastig voor de bewoners, omdat een onafhankelijke klachtencommissie ontbreekt. De buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) die op de locatie werken zijn ook niet bevoegd geweld te gebruiken bij het handhaven van de huisregels.
Wat is jouw antwoord (toepassing kernconcept)?
Op de werkvloer is de verhouding tussen vrouw en man nog traditioneel (5 kernconcepten vinden)
Tussen willen en en doen gaapt een behoorlijke kloof op de Nederlandse arbeidsmarkt. En dus is het nog altijd zo dat vrouwen na hun afstuderen vaker een deeltijdbaan nemen dan mannen. Heeft een vrouw het mbo-, hbo-, of wo-diploma op zak, kiest ze massaal voor een baan van minder dan 35 uur per week. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) woensdag.
Wat is jouw beste antwoord (toepassing kernconcept)?
Vragen vanuit jullie
Politieke besluitvormingsmodellen (andere lesson up)
Dimensies van Hofstede (verderop)
Korter antwoorden (antwoordmodel examens)
Paragraaf 8.1 & rationalisering
Functies EU/internationale betrekkingen (PPT)
Paradigma's kort (verderop)
Politieke dimensies
Binnenlandse politiek (PPT) --> (zelf functies/veranderingen partijen)
Laatste drie hoofdstukken --> vraag->antwoord oefenen
Vragen vanuit jullie
Rationalisering
Samen checken in 'het boekje'
Rationele actor paradigma
Actoren stellen eigenbelang voorop (mogelijk ten koste van collectieve belangen/goederen)
Doelen bereiken/nutsmaximalisatie -> handelingsmogelijkheden afwegen, rationele kosten/baten afweging,
Rationeel handelen van actoren ordent de samenleving -> (politieke/sociale) bindingen worden gebaseerd op deze rationaliteit
Rationeel (homo economicus)
Sociaal constructivisme paradigma (MEDIA)
Gedrag mensen bepaald door hoe ze de werkelijkheid zien (Thomas-theorema)
Socialisatie (interactie) zorgt voor deze blik op de werkelijkheid
Mensen kijken allen anders naar concepten -> constructen in eigen sociale werkelijkheid. Ze construeren de werkelijkheid (Nederlanders zijn spaarzaam/gierig, dit is geen feit) en passen gedrag hierop aan.
Rol (sociale) media belangrijk bij verwerving referentiekader --> CE?
Sociaal constructivisme paradigma
Socialisatie (interactie, steeds vaker via sociale media) zorgt voor blik op de werkelijkheid
Mensen kijken allen anders naar concepten -> constructen in eigen sociale werkelijkheid.
Functionalisme paradigma (orde)
Samenleving is een geheel. Alle actoren (subsystemen) hebben hun eigen functie. Deze functies zijn verschillend en noodzakelijk.
Dus sociale verschillen zijn nuttig.
Samenleving gericht op consensus Verandering (democratisering?) zorgt voor verstoring -> instabiliteit.
Stabiliteit (vgl. lichaam 37gr C) is doelstelling, sociale stabilisatoren (instituties) proberen interne sociale evenwicht te bewaken --> sociale cohesie.
Conflict paradigma
Ongelijkheid (in macht en bezit) is de motor van de samenleving (noodzaak)
Want: conflicten leiden tot noodzakelijke veranderingen (democratisering)
Dominante cultuur = elitecultuur -> moet worden veranderd.
vb Luyendijk: '7 vinkjes' hoeven zichzelf nooit te verklaren
Doelen examentraining
Niet voor de school maar voor het leven leren wij
Je kent je bronnen en kan ermee werken
Je kunt de ICE-regel dromend toepassen
Je herkent signalen (sleutels) in teksten
Je weet hoe je de definities van de hoofd- en kernconcepten moet inzetten (zie signalen).
Paradigma's zijn wat duidelijker
Leer denken als een toetsmaker
Rijtjes die lijken
Hetzelfde maar verschillend
Leg uit: wat is het verschil tussen
representatie
2, representativiteit van een regering en
3. representativiteit van een onderzoek
Hetzelfde maar verschillend
Wat is het verschil tussen een natie en een staat?
Bindingen zijn afhankelijkheden