2M T4 Grammar 2.0

Welcome back to English class!
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Welcome back to English class!

Slide 1 - Tekstslide

Lesson plan
Grammar repetition and also grammar repetition, in addition to some grammar repetition :)

Slide 2 - Tekstslide

We talked about two different grammar topics this chapter.
What were they?

Slide 3 - Open vraag

Plurals and the future tenses!
Let's go over them again and practise some more.

Slide 4 - Tekstslide

Wat is de ''normale'' regel bij het maken van meervouden in het Engels?
A
+(e)s
B
+'s
C
Woord blijft hetzelfde
D
Laatste letter veranderen

Slide 5 - Quizvraag

Have a look at this once again!

Slide 6 - Tekstslide

What is the plural of the word:
juice

Slide 7 - Open vraag

What is the plural of the word:
bush

Slide 8 - Open vraag

What is the plural of the word:
cattle

Slide 9 - Open vraag

What is the plural of the word:
goose

Slide 10 - Open vraag

What is the plural of the word:
loaf

Slide 11 - Open vraag

What is the plural of the word:
flower

Slide 12 - Open vraag

What is the plural of the word:
party

Slide 13 - Open vraag

Wat ga ik doen als er iemand op
de toets een meervoud met 's schrijft?

Slide 14 - Woordweb

Future tenses 
Present simple: hele werkwoord, alleen +s bij he/she/it
Voorbeeld: He leaves school at 3 o'clock every day.

To be going to + werkwoord: am/is/are + going to + hele ww
Voorbeeld: They are going to that Justin Bieber concert.

Will: will + hele werkwoord
Voorbeeld: They will take me home later.

Slide 15 - Tekstslide

Je gebruikt de present simple bij de future tenses wanneer ...
A
er sprake is van een schema/rooster.
B
er sprake is van iets dat sowieso wel gaat gebeuren.
C
er sprake is van een belofte, aanbod of een voorspelling.

Slide 16 - Quizvraag

Je gebruikt to be going to bij de future tenses wanneer ...
A
er sprake is van een schema/rooster.
B
er sprake is van iets dat sowieso wel gaat gebeuren.
C
er sprake is van een belofte, aanbod of een voorspelling.

Slide 17 - Quizvraag

Er zijn drie redenen om will te gebruiken bij de future tenses. Benoem deze.

Slide 18 - Open vraag

Choose the right answer.

He is promising he ............. of the dog.
A
takes care of
B
is going to take care of
C
will take care of

Slide 19 - Quizvraag

Choose the right answer.

They ......... dinner at the restaurant at 6.
A
have
B
are going to have
C
will have

Slide 20 - Quizvraag

Choose the right answer:

The bus ........ at this station at 3:14PM.
A
stops
B
is going to stop
C
will stop

Slide 21 - Quizvraag

Choose the right answer.

They said they ......... that bike for me.
A
sell
B
are going to sell
C
will sell

Slide 22 - Quizvraag

And there's that! Well done!!

Slide 23 - Tekstslide

Tomorrow's planning:
A little more of the grammar, 
because...

Slide 24 - Tekstslide

See you tomorrow!

Slide 25 - Tekstslide