H2.1 Moleculen en atomen

Les 1
Chemische reacties, atoomsoorten en elementen 

NOVA 3V H2.1
H2 Chemische reacties
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Les 1
Chemische reacties, atoomsoorten en elementen 

NOVA 3V H2.1
H2 Chemische reacties

Slide 1 - Tekstslide

Planning voor vandaag
- Theorie 2.1 Moleculen en Atomen
- Zelf aan de slag! 

Slide 2 - Tekstslide

Een stof herken je aan de stofeigenschappen
A
Juist
B
Onjuist

Slide 3 - Quizvraag

Welk van deze antwoorden staat er geen stofeigenschap tussen?
A
geur, kleur, massa,
B
fase, geur, kleur
C
kookpunt,smeltpunt, kleur
D
fase, geur, smaak

Slide 4 - Quizvraag

wel een stofeigenschap
geen stofeigenschap
kleur
geur
smeltpunt
kookpunt
massa
volume
dichtheid
fase (vast, vloeibaar, vast)
temperatuur
oplosbaarheid in water
oplosbaarheid in olie

Slide 5 - Sleepvraag

De dichtheid = 2,5 g/cm3
Het volume = 4 cm3
Bereken de massa
A
4 : 2,5 = 1,6 g
B
2,5 : 4 = 0,625 g
C
2,5 x 4 = 10 g

Slide 6 - Quizvraag

Chemische reactie
beginstoffen veranderen in reactieproducten

Slide 7 - Tekstslide

Chemische reacties
Als stoffen een reactie met elkaar aan gaan hebben we vaak te maken met een chemische reactie.
Bij een chemische reactie veranderen de beginstoffen in reactieproducten. 
Voor en na de pijl zie je dus niet dezelfde stoffen terug komen!
waterstof + zuurstof -> water

Slide 8 - Tekstslide

Is indampen van zout water een chemische reactie?
A
ja, want er ontstaan nieuwe stoffen
B
ja, want het water verdwijnt
C
nee, want er ontstaan geen nieuwe stoffen
D
dat kun je niet weten

Slide 9 - Quizvraag

Is centrifugeren een chemische reactie?
A
ja, want er ontstaan nieuwe stoffen
B
ja, want er verdwijnen stoffen
C
nee, het is een scheiding
D
nee, het is een fase-overgang

Slide 10 - Quizvraag

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Molecuulformules
Elke stof heeft een naam en een molecuulformule.

In de molecuulformule staan de atoomsoorten die in het molecuul zitten en hoevéél van elkaar atoomsoort (index)

Bv 

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Molecuulformule 

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Atomen noemen wij ook wel elementen.

Ieder element heeft een symbool. Die leer je uit je hoofd.

Met de atomen/elementen kunnen we moleculen maken.

Alle elementen staan in het Periodiek Systeem. 

Slide 18 - Tekstslide

Zet op volgorde, van groot naar klein.
Molecuul
Atoom
Stof

Slide 19 - Sleepvraag

Wat is de formule van het volgende molecuul:
A
NH3
B
N3H
C
N3H
D
3NH

Slide 20 - Quizvraag

Wat is de formule van het volgende molecuul:
A
CO2
B
2CO
C
C2O
D
CO2

Slide 21 - Quizvraag

Wat is de formule van het volgende molecuul:
A
C8H3
B
C3H8
C
C8H3
D
C3H8

Slide 22 - Quizvraag

Zelf aan de slag! 

Voor 2 juni pas
Paragraaf 2.1 AF!
Overslaan: 3cde, 5a. 

Slide 23 - Tekstslide