Hoofdstuk 1, BK1B, over taal, 26-08-2020

Welkom

Wat heb je vandaag nodig?
Je leesboek, boek voor Nederlands, een schrift en een pen.

Heb je dit voor je?
Wees stil, dan kunnen we snel beginnen :) 
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

In deze les zitten 14 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Welkom

Wat heb je vandaag nodig?
Je leesboek, boek voor Nederlands, een schrift en een pen.

Heb je dit voor je?
Wees stil, dan kunnen we snel beginnen :) 

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we vandaag doen?
11.20 - 11.30 - Lezen in eigen leesboek
11.30 - 11.40 - Toelichting eerste toets, wat kan je verwachten?
11.40 - 12.00 - Verhaal lezen
12.00 - 12.10 - Opdracht maken bij het verhaal

Slide 2 - Tekstslide

Lezen in leesboek
10 minuten in stilte lezen in je zelfgekozen leesboek 

Slide 3 - Tekstslide

Opdrachten bespreken
opdracht 29 op blz. 204

Heb je het antwoord goed? --> zet dan een krul achter het antwoord
Heb je het antwoord fout? --> zet een streepje en verbeter het



Slide 4 - Tekstslide

Zelfstandig werken
Wat? Oefenblad (3 oefeningen)
Hoe? Je mag zachtjes overleggen met je buurman/buurvrouw
Tijd? Je hebt hier tien minuten de tijd voor
Hulp? Vraag eerst je buurman/buurvrouw. Daarna steek je je hand omhoog, dan beantwoord ik je vraag. 
Klaar? Maak zelf een oefening zoals ik die heb gemaakt maar dan met een onderwerp dat jij leuk vindt. (Bijvoorbeeld: landen, hondenrassen, merken of verzin iets leuks!)

timer
10:00

Slide 5 - Tekstslide

Quizlet
We gaan zo een quizlet doen. Jullie kennen waarschijnlijk allemaal wel 'kahoot', dit lijkt een beetje op kahoot maar is anders. Je moet de woorden aan de juiste tegenstellingen koppelen. Bijvoorbeeld licht-donker. Dit doe je in teams.

De teams stelt de computer samen. Het is de bedoeling dat je in je groepje gaat zitten met de telefoons naast elkaar, samenwerking is heel belangrijk en zal ervoor zorgen dat jullie kunnen winnen!

Slide 6 - Tekstslide

Grondwoord
Sommige woorden die in een zin staan, kan je niet direct vinden in een woordenboek. Je moet het woord een beetje aanpassen zodat je het wel in het woordenboek kan vinden.

vond --> zoek je bij het grondwoord vinden
gepresenteerd --> zoek je bij het grondwoord presenteren
apparaatje --> zoek je bij het grondwoord apparaat
prijzige --> zoek je bij het grondwoord prijzig

Slide 7 - Tekstslide

Grondwoord

had --> zoek je bij het grondwoord ...
gegeten --> zoek je bij het grondwoord ...
konijntje --> zoek je bij het grondwoord ...
handige --> zoek je bij het grondwoord ...
gitaren --> zoek je bij het grondwoord ...

Slide 8 - Tekstslide

Pauze
timer
5:00

Slide 9 - Tekstslide

Wat gaan we vandaag doen?
10.25 - 10.35 - Lezen in leesboek 
10.35 - 10.45 - Huiswerk nakijken (opdracht 26)
10.45 - 11.00 - Samen aan de slag!
11.00 - 11.05 - Uitleg grondvorm
11.05 - 11.15 - Zelf aan de slag!
11.15 - 11.20 - Pauze!
11.20 - 11.30 - Lezen in leesboek
11.30 - 11.50 - Gedichten
11.50 - 12.00 - Opdracht 29 bespreken
12.00 - 12.05 - Lesafsluiten (tafels schoonmaken!)











Slide 10 - Tekstslide

Lezen in leesboek
10 minuten in stilte lezen in je zelfgekozen leesboek 

Slide 11 - Tekstslide

Raadgedicht
https://raadgedicht.nl/huis-te-koop-linda-vogelesang/

Ik ga zo een gedicht voordragen, één woord in het gedicht is weggelaten. Kan jij raden wat er moet staan?

Slide 12 - Tekstslide

Gedichten
Tekenen met letters...kan dat?


https://raadgedicht.nl/zelf-aan-de-slag-raam-riet-wille/

Slide 13 - Tekstslide

Opdrachten bespreken
opdracht 28 op blz. 116 en 29 op blz. 204

Twee rijen, zijn het de-woorden of het-woorden?




Slide 14 - Tekstslide