Zorg voor kraamvrouwen: Maak je eigen quiz

Zorg voor kraamvrouwen: Maak je eigen quiz
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Zorg voor kraamvrouwen: Maak je eigen quiz

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
Aan het einde van deze les kun je: de belangrijkste aspecten van kraamzorg op MBO 4-niveau benoemen en een quiz maken om je kennis te testen.

Slide 2 - Tekstslide

Introduceer de leerdoelen, zodat de studenten weten wat ze zullen leren en wat er van hen wordt verwacht.
Wat weet jij al over zorg voor kraamvrouwen op MBO 4-niveau?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat is kraamzorg?
Kraamzorg is zorg voor vrouwen tijdens de zwangerschap en na de bevalling. Het is gericht op het bevorderen van de gezondheid en het welzijn van de moeder en de baby.

Slide 4 - Tekstslide

Leg kort uit wat kraamzorg is en waar het op gericht is.
Wanneer begint kraamzorg?
Kraamzorg begint meestal direct na de bevalling en duurt ongeveer acht dagen, afhankelijk van de situatie van de moeder en de baby.

Slide 5 - Tekstslide

Leg uit wanneer kraamzorg meestal begint en hoe lang het duurt.
Wat zijn de belangrijkste taken van een kraamverzorgende?
De belangrijkste taken van een kraamverzorgende zijn het ondersteunen van de moeder bij de verzorging van de baby, het observeren van de gezondheid van de moeder en de baby en het geven van advies en voorlichting.

Slide 6 - Tekstslide

Beschrijf de belangrijkste taken van een kraamverzorgende.
Welke vaardigheden heeft een kraamverzorgende nodig?
Een kraamverzorgende moet over goede communicatieve vaardigheden beschikken, goed kunnen observeren en adequaat kunnen handelen in noodsituaties.

Slide 7 - Tekstslide

Beschrijf de vaardigheden die een kraamverzorgende nodig heeft.
Wat is een kraamplan?
Een kraamplan is een plan waarin de wensen en behoeften van de moeder en haar partner tijdens de kraamperiode worden vastgelegd.

Slide 8 - Tekstslide

Leg uit wat een kraamplan is en waar het voor dient.
Hoe maak je een kraamplan?
Een kraamplan maak je samen met je partner en/of kraamverzorgende. Je kunt hierbij gebruik maken van een voorbeeldkraamplan en je eigen wensen en behoeften toevoegen.

Slide 9 - Tekstslide

Leg uit hoe je een kraamplan maakt en waar je rekening mee moet houden.
Wat is borstvoeding?
Borstvoeding is het voeden van een baby met moedermelk. Het heeft vele voordelen voor de gezondheid van de baby en de moeder.

Slide 10 - Tekstslide

Leg uit wat borstvoeding is en waarom het belangrijk is.
Hoe kun je borstvoeding geven?
Borstvoeding geef je door de baby aan de borst te leggen en hem/haar te laten drinken. Het is belangrijk om een comfortabele houding aan te nemen en de baby goed aan te leggen.

Slide 11 - Tekstslide

Beschrijf hoe je borstvoeding kunt geven en waar je op moet letten.
Wat is kunstvoeding?
Kunstvoeding is voeding voor baby's die niet uit de borst kunnen of willen drinken. Het bestaat uit flesvoeding op basis van melkpoeder.

Slide 12 - Tekstslide

Leg uit wat kunstvoeding is en wanneer het nodig kan zijn.
Hoe geef je kunstvoeding?
Kunstvoeding geef je door de melkpoeder te mengen met water en dit vervolgens in een fles te doen. Je kunt de fles aan de baby geven terwijl hij/zij in een comfortabele houding ligt.

Slide 13 - Tekstslide

Beschrijf hoe je kunstvoeding geeft en waar je op moet letten.
Wat zijn signalen van problemen na de bevalling?
Signalen van problemen na de bevalling zijn onder andere hevige bloedingen, koorts, buikpijn en borstpijn.

Slide 14 - Tekstslide

Noem de belangrijkste signalen van problemen na de bevalling en vertel wat de moeder moet doen als ze deze signalen ervaart.
Hoe kun je de kennis testen?
Maak een quiz om je kennis te testen. Gebruik hiervoor de belangrijkste aspecten van kraamzorg op MBO 4-niveau.

Slide 15 - Tekstslide

Geef instructies over het maken van de quiz en deel eventueel een voorbeeldquiz uit.
Vraag 1
de huid heeft belangrijke functies 

Slide 16 - Tekstslide

Stel de eerste vraag van de quiz en geef de studenten de gelegenheid om te antwoorden.
Vraag 2
Wat zijn de belangrijkste taken van een kraamverzorgende?

Slide 17 - Tekstslide

Stel de tweede vraag van de quiz en geef de studenten de gelegenheid om te antwoorden.
Vraag 3
Wat is een kraamplan?

Slide 18 - Tekstslide

Stel de derde vraag van de quiz en geef de studenten de gelegenheid om te antwoorden.
Vraag 4
Wat is borstvoeding?

Slide 19 - Tekstslide

Stel de vierde vraag van de quiz en geef de studenten de gelegenheid om te antwoorden.
Vraag 5
Wat zijn signalen van problemen na de bevalling?

Slide 20 - Tekstslide

Stel de vijfde vraag van de quiz en geef de studenten de gelegenheid om te antwoorden.
Antwoorden
1. Zorg voor vrouwen tijdens de zwangerschap en na de bevalling. 2. Ondersteunen van de moeder bij de verzorging van de baby, observeren van de gezondheid van de moeder en de baby en geven van advies en voorlichting. 3. Een plan waarin de wensen en behoeften van de moeder en haar partner tijdens de kraamperiode worden vastgelegd. 4. Het voeden van een baby met moedermelk. 5. Hevige bloedingen, koorts, buikpijn en borstpijn.

Slide 21 - Tekstslide

Geef de antwoorden van de quiz en bespreek kort de belangrijkste aspecten van kraamzorg op MBO 4-niveau.
Conclusie
Je hebt nu geleerd wat kraamzorg is, wat de belangrijkste taken zijn van een kraamverzorgende, wat een kraamplan is, hoe je borstvoeding en kunstvoeding geeft en wat signalen zijn van problemen na de bevalling. Je hebt ook een quiz gemaakt om je kennis te testen.

Slide 22 - Tekstslide

Vat de belangrijkste punten samen en benadruk wat de studenten hebben geleerd.
Bronnen
Voeg hier eventueel de gebruikte bronnen toe.

Slide 23 - Tekstslide

Geef de studenten de bronnen die ze kunnen gebruiken om meer te leren over kraamzorg op MBO 4-niveau.
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 24 - Open vraag

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 25 - Open vraag

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 26 - Open vraag

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.