Geschiedenis klas 1: H6.2 Machthebbers in Europa

Wat was de echte naam van Nederland tijdens de Gouden eeuw?
A
Het Koninkrijk van Nederland
B
Het Koninkrijk der zeven verenigde Nederlanden
C
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
D
De zeven gewesten van Nederland
1 / 20
volgende
Slide 1: Quizvraag
GeschiedenisMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Wat was de echte naam van Nederland tijdens de Gouden eeuw?
A
Het Koninkrijk van Nederland
B
Het Koninkrijk der zeven verenigde Nederlanden
C
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
D
De zeven gewesten van Nederland

Slide 1 - Quizvraag

Waarom past dit plaatje bij de Gouden eeuw?

Slide 2 - Open vraag

Leg uit wat kapitalisme betekent.

Slide 3 - Open vraag

Slide 4 - Tekstslide

Het bestuur van de Republiek
Terwijl in de landen om ons heen koningen hadden. Bestond de Republiek uit onafhankelijke gewesten. 

Bestuurders van die gewesten werden regenten genoemd.  Deze regenten kwamen uit rijke en aanzienlijke families. 

Elk gewest had een eigen bestuur genaamd de Staten


Slide 5 - Tekstslide

Het bestuur van de Republiek
Er waren 7 gewesten. Elk jaar kwamen de regenten van deze gewesten samen in de Staten-Generaal. Hierin besliste ze: 
  1. Besluiten te nemen over verdediging van de Republiek. 
  2. Buitenlandse handel. 
  3. Buitenlandse zaken. 

Slide 6 - Tekstslide

Wie was de hoogste Regent in de Republiek.

Slide 7 - Open vraag

Bestuur van de Republiek
Hoogste regent in dienst van de gewesten was de stadhouder uit het Huis van Oranje-Nassau. 

Hij was opperbevelhebber van het leger en had veel macht. 

Slide 8 - Tekstslide

Oorlogen
Door de welvaart kon de Republiek een groot en goed bewapend leger betalen. 

Dit leidde wel tot onvrede bij andere landen die ook zo machtig wilden zijn. 

Slide 9 - Tekstslide

Oorlogen
Dit leidde tot oorlogen met: 

  1. Spanje (80-jarige oorlogen)
  2. Engeland (3 oorlogen)
  3. Rampjaar 1672 (Oorlog met Frankrijk, Engeland)

Slide 10 - Tekstslide

Noem 3 landen waar de Republiek oorlog mee kreeg.

Slide 11 - Open vraag

Franse Koning
In Frankrijk zei de koning (Lodewijk XIV)  dat hij de macht van God had gekregen en daarom niet hoefde te luisteren naar zijn onderdanen. 

Hij wilde een regeringssysteem waarin de koning onbeperkte macht had. 

Dit systeem heet absolutisme. 


Slide 12 - Tekstslide

Leg uit wat abolitionisme is.

Slide 13 - Open vraag

Engelse koning
In Engeland werd de macht van de koning beperkt. Er was een strijd tussen de koning en het parlement. 

Het parlement won deze strijd. En de Nederlandse stadhouder en zijn vrouw werden koning en koningin van Engeland. 

Wel spraken zij af dat de Engelse koningen, in de toekomst, toestemming moesten vragen aan het parlement. 

Slide 14 - Tekstslide

Doen: Lees en maak 6.2

Heb je alle opdrachten gemaakt?
Maak de C opdrachten.

Hoe? Zelfstandig, niet overleggen.

Tijd: 20 minuten

 

timer
20:00
Vragen? Steek je vinger op!
Of stuur een E-mail naar mnt@dr.nassaucollege.nl

Slide 15 - Tekstslide

Wie had in Nederland de macht in handen?

Slide 16 - Open vraag

Met welke landen was Nederland in oorlog?

Slide 17 - Open vraag

Wat is het verschil in macht tussen de Franse en Engelse koning? Hoe kwam dat?

Slide 18 - Open vraag

Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 19 - Open vraag

Volgend les.


Oefenen voor S.O. 6.1 en 6.2

Slide 20 - Tekstslide