Ik weet wat sterke en zwakke werkwoorden zijn.
JA!
Nee
Ik weet wat sterke en zwakke werkwoorden zijn.
JA!
Nee
Sterke en zwakke werkwoorden
Verleden tijd: sterke en zwakke werkwoorden
STERKE
werkwoorden
hebben de KRACHT om in de verleden tijd van klank te veranderen
VOORBEELD
STERKE WERKWOORDEN
kopen : ik koop - ik kocht
lopen : ik loop - ik liep
zwakke werkwoorden
Bij zwakke werkwoorden blijft de klank
(de klinker) in de verleden tijd hetzelfde.
bakken - bakten
koken - kookten
Is dit een sterk of zwak werkwoord? WORDEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord? KOKEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord? GEVEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord? SPELEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord? KLIMMEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord? SCHIETEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord? RENNEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord? STRIJDEN
Sterk
Zwak
Weet ik niet
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? DANSEN
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? DRINKEN
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? RIJDEN
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? REIZEN
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? KIJKEN
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? WETEN
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? Doen
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? Zien
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Is dit een sterk of zwak werkwoord in de verleden tijd? HOREN
Zwak werkwoord
Sterk werkwoord
Sterke werkwoorden
Zwakke werkwoorden
Rennen
Ruilen
Zitten
Fietsen
Drijven
Vangen
Werpen
Prijzen
Ik heb het verschil tussen sterke en zwakke werkwoorden goed begrepen.