Zuid Afrika par. 8.3: Apartheid (individueel 22-23)

Paragraaf 8.3 Zuid Afrika 

Steeds meer Apartheid, steeds meer verzet
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

Paragraaf 8.3 Zuid Afrika 

Steeds meer Apartheid, steeds meer verzet

Slide 1 - Tekstslide

De Land Act van 1913
Naarmate de invloed van de Boeren in Zuid Afrika groter werd (en die van de Engelsen kleiner) verslechterde de positie van de gekleurde bevolking ook sterk. Met name de Land Act heeft daar een grote rol in gespeeld. In de volgende Dia's wordt uitgelegd wat de Land Act was. Het zluit aan bij het volgende punt uit de K7K:
  • hoe de zwarte samenleving door de Land Act onder druk kwam te staan (in je boek blz. 210-211 kopje "Achtergestelde zwarten" tot en met "Apartheid")

Slide 2 - Tekstslide

Boerenpartijen die aan de macht kwamen stelden steeds meer wetten in die de gekleurde bevolking discrimineerde. Één daarvan was de "Wet op beschaafde arbeid" van 1911, waarbij de zwarte bevolking geweerd werd uit geschoolde beroepen. Van nog grotere invloed wellicht was de Land Act van 1913. Daarin werd bepaald dat zwarte mensen slechts 7 procent van de grond in bezit mochten hebben, land dat allemaal lag in de minst vruchtbare streken van Zuid Afrika, en waar überhaupt weinig werk was.  Deze gebieden werden "thuislanden" genoemd. In de praktijk betekende dit dat 70% van de bevolking moest leven op 7% van de grond. 


De gekleurde gebieden op dit kaartje zijn de thuislanden.
Omdat de (blanke) bevolking in de grote steden wel (goedkope) werkkrachten nodig had, ontstonden aan de randen van de steden grote sloppenwijken (townships) waar de gekleurde bevolking woonde, hoewel dat officieel niet mocht. Daarnaast mocht de gekleurde bevolking alleen in de steden werken als ze een pasje daarvoor hadden gekregen. 
De gevolgen van deze delingen zijn nog steeds te zien in het huidige Zuid Afrika, zoals je kunt zien in het volgende filmpje:
De Land-act wordt vaak gezien als het begin van de Apartheid.

Slide 3 - Tekstslide

De instelling van de thuislanden en de townships (door de Land Act) had grote gevolgen voor de zwarte bevolking. Zoals je in het filmpje zag werkt dat door tot op de dag van vandaag in Zuid Afrika, hoewel Apartheid bijna 30 jaar geleden is afgeschaft. De zwarte bevolking kwam onder druk te staan: de Land Act had een heleboel negatieve sociale gevolgen voor de gekleurde bevolking. Wat is géén gevolg van de instelling van de thuislanden en de townships voor de zwarte bevolking.
A
Door de lange reistijden van thuislanden, maar ook townships naar de werkplekken konden de mensen die in de stad werkten geen rol spelen in hun gemeenschap thuis.
B
Door de lange reistijden en doordat vaders en moeder vaak in totaal andere gebieden moesten werken, leefden vaders en moeders (noodgedwongen) gescheiden en waren kinderen vaak lang zonder hun vader of moeder.
C
De Land Act zorgde er voor dat gekleurde mensen verdreven werden van hun eigen (landbouw)grond, en volledig afhankelijk werden voor werk en bestaan van de blanke bevolking.
D
Door de instelling van de townships ging de zwarte bevolking daar zich beter voelen dan de zwarte bevolking in de thuislanden.

Slide 4 - Quizvraag

Apartheid: praktijk en verzet
In het volgende filmpje wordt geschetst hoe de Apartheid er in de praktijk uitzag. Ook wordt ingezoomd op het begin van het verzet tegen Apartheid. De volgende punten uit de K&K komen aan bod.  
  • welke uitwerking de Apartheid had op het dagelijks leven van de zwarte bevolking (in je boek blz. 211-212 kopje "Apartheid")
  • hoe het verzet tegen de Apartheid zich ontwikkelde: van geweldloos naar gewelddadig (in je boek blz. 211-212 kopje "verzet")

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Wat was de eerste gekleurde Afrikaanse organisatie die streed tegen de Apartheid?
A
Mandela
B
ANC
C
Speer van de Natie
D
AWB

Slide 7 - Quizvraag

Het verzet van de gekleurde bevolking tegen Apartheid was aanvankelijk vreedzaam. Naar voorbeeld van welke persoon was dat?
A
Nelson Mandela
B
Hendrik Verwoerd
C
Mahatma Ghandi
D
Cecil Rhodes

Slide 8 - Quizvraag

Welke gebeurtenis bracht zoveel verontwaardiging teweeg, dat het ANC en andere organisaties overgingen tot gewelddadige verzet?
A
De ontruiming van Sophiatown
B
De arrestatie van Nelson Mandela
C
De pasjeswet van Hendrik Verwoerd
D
Het bloedbad van Sharpeville.

Slide 9 - Quizvraag

Apartheid in gedachten
Hopelijk heb je nu een beeld van (het verzet tegen) de Apartheid. Apartheid is ontstaan met de invoering van de Land Act, maar werd pas zo genoemd na WO II, toen er steeds meer wetten werden ingevoerd waardoor blank en zwart werd gesegreerd (gescheiden van elkaar). Omdat je je ook moet kunnen verplaatsen in zowel de denkwereld van een voorstander als een tegenstander van Apartheid, volgt er nog een oefening, die dus ingaat op het laatste punt van de K&K: 
  • hoe de gedachtewereld van een voorstander en een tegenstander van de Apartheid er uitzag

Maak deze oefening met aandacht: denk er goed over na!

Slide 10 - Tekstslide

De volgende oefening heet “levende grafiek.” In deze oefening is het de bedoeling dat je je inleeft in een historisch persoon, en probeert te voorspellen hoe hij of zij op een bepaalde gebeurtenis zou reageren: neutraal, heel erg positief, een beetje positief, heel negatief enz. Lees onderstaande instructie aandachtig.

Er zijn drie personen waarvoor je een inschatting moet maken hoe ze zouden reageren op bepaalde gebeurtenissen. Deze worden op de volgende slide beschreven. Elke persoon heeft zijn eigen gekleurde bolletjes, net zo veel als er gebeurtenissen zijn. 
Na de beschrijving van de personen in de volgende slide komt een slide met een tijdbalk met zes gebeurtenissen. Zie ook de afbeelding hiernaast. Door te klikken op elk jaartal krijg je een uitleg van de gebeurtenis die bij het jaartal hoort. Deze gebeurtenissen kunnen door elke persoon anders (maar soms ook hetzelfde) worden ervaren. Boven de tijdbalk staan drie vakken: negatief, neutraal en positief. Je plaatst boven elk jaartal in de tijdbalk telkens voor elke persoon een van zijn bolletjes in het vak negatief, het vak neutraal of het vak positief. Afhankelijk van hoe negatief of postief plaats je het bolletje wat meer naar boven of meer naar onderen. 

Slide 11 - Tekstslide

Onderstaande personen zijn weliswaar fictief, maar de gebeurtenissen hebben echt plaatsgevonden.

Hendrik de Klerk: Een Afrikaner (een Boer) geboren in 1905, wiens overgrootvader nog met Piet Retief meegetrokken was in de Grote Trek. Zijn grootvader had nog gevochten tegen de Engelsen in de Tweede Boerenoorlog, waar hij hoorde tot de “Bittereinders,” de groep Boeren die ook na de wapenstilstand bleven doorvechten en zich pas heel laat overgaven. Hendrik kan zich nog herinneren hoe hij als kind in Pretoria zag hoe verarmde Boeren tussen de kleurlingen en zwarten woonden, naast elkaar, en dat ze soms zelfs relaties hadden. Zijn ouders spraken daar vol walging van.

Elisabeth Sissulu: Een Xhosa vrouw geboren in Sophiatown, Johannesburg in 1920. Haar vader was door de Land Act van 1913 van zijn akkers gezet, en is toen naar Johannesburg getrokken om te werken in de mijnen. Elisabeth was erg muzikaal en zong jazz in de bekendste clubs in Sophiatown, waar ook veel Indiërs en blanke afstammelingen van Engelsen kwamen. Het deed haar veel pijn toen het leger namens de Afrikanerregering in de jaren vijftig Sophiatown sloopte en de inwoners dwong elders te gaan wonen.

John Rhoades: Inwoner van Kaapstad, geboren in 1911. Zijn over-overgrootvader was naar de Kaap gekomen als soldaat van de eerste lichting Engelse soldaten die met een Engelse gouverneur kaapkolonie overnamen van de Hollandse VOC bestuurders. De John weet nog dat als kind zijn grootvader klaagde over de Boeren, die zo koppig waren en alleen maar over god spraken. Ze behandelden hun zwarte bediendes niet per se slecht, vertelde zijn grootvader, maar straften hen wel buitensporig hard. John weet het niet zeker, maar hij vermoed dat zijn over-overgrootmoeder van gemengde afkomst was.


Slide 12 - Tekstslide

Hendrik de Klerk (Boer) = oranje / John Rhoades (Engels) = rood / Elisabeth Sissulu (Afrikaan) = blauw

1935
Nazi-Duitsland voert de Neurenberger Wetten in, waarin onder andere bepaald wordt dat Raszuivere Ariërs (Duitsers) niet mogen trouwen met niet-ariërs (joden en andere minderheden). Ook werd bepaald waneer je "raszuiver" was en wanneer niet. Ten slotte werd Joden hun burgerrechten ontnomen.
1939
Zuid Afrika besluit deel te nemen aan WO II aan de kant van Groot Brittannië, hoewel veel politieke partijen liever neutraal waren gebleven. 
1960
Bij een demonstratie tegen de pasjeswet voor een politiebureau in het township Sharpeville vuurt de politie op de menigte en 69 mensen komen om. De (blanke) politieagenten beweerden dat de (zwarte)demonstranten hen aanvielen. Later bleek echter dat de meeste slachtoffers in de rug waren geraakt.
1950
De Wet op Bevolkingsregistratie wordt ingevoerd: iedere inwoner van Zuid Afrika wordt ingedeeld op grond van ras. Het "ras" komt te staan in ieders paspoort. Wie anders is ingedeeld dan gewenst, moet zelf buiten redelijke twijfel aantonen dat hij tot een ander ras behoort.
1957
De Onzedelijkheidswet wordt ingevoerd: geslachtsgemeenschap tussen blanke en zwarte mensen wordt verboden. Bij het begaan van deze misdaad wordt de zwarte persoon gestraft met maximaal zeven jaar dwangarbeid, de blanke persoon met een boete. 
1961
Na het bloedbad in Sharpeville richt Nelson Mandela "Speer van de Natie" (Umkhonto we Sizwe) op. Deze gewelddadige verzetsorganisatie pleegt in 1961 zijn eerste aanslag een overheidsgebouw. 
negatief
neutraal
positief

Slide 13 - Sleepvraag

Afsluiting: twee overzichtsfilmpjes

In de volgende twee filmpjes krijg je een kort (en snel) overzicht van de zojuist behandelde stof. Kijk ze nog even als samenvatting. Daarna ben je klaar met deze les. 

LET OP: het tweede filmpje kan alleen in youtube zelf worden bekeken, zoals in de slide zal worden aangegeven.

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Video

Slide 16 - Video