vwo3, revision adverbs en adjectives

What are we going to do today?
- Short revision adverbs & adjectives
(Leerdoel: ik kan bijwoorden en bijvoeglijke naamwoorden toepassen in een zin)
- Adverbs & adjectives exercise
- Check your writing test

1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

What are we going to do today?
- Short revision adverbs & adjectives
(Leerdoel: ik kan bijwoorden en bijvoeglijke naamwoorden toepassen in een zin)
- Adverbs & adjectives exercise
- Check your writing test

Slide 1 - Tekstslide

Een adjective (bijvoeglijk naamwoord) zegt iets over een......
A
werkwoord
B
zelfstandig naamwoord
C
bijwoord
D
een ander bijvoeglijk naamwoord

Slide 2 - Quizvraag

Een adverb (bijwoord) zegt iets over....
A
werkwoord
B
bijvoeglijk naamwoord
C
een ander bijwoord
D
Alledrie hiervoor genoemd

Slide 3 - Quizvraag

Adverb of adjective?
- Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord.

- Een bijwoord kan iets zeggen over een werkwoord.

- Een bijwoord kan iets zeggen over een bijvoeglijk naamwoord.

- Een bijwoord kan iets zeggen over een ander bijwoord.


Slide 4 - Tekstslide

Hoe maken we een adverb?
Bij een adverb komt -ly achter het woord te staan:
- beautiful > beautifully

Er zijn natuurlijk ook uitzonderingen op deze regel!
-le krijgen -ly in plaats van -le                                             adorable - adorably
medeklinker + y krijgen- ily in plaats van -y                  heavy - heavily
-ic krijgen -ally erachter                                                         automatic - automatically


Slide 5 - Tekstslide

My mom cooks
A
wonderful
B
wonderfully

Slide 6 - Quizvraag

The cake tastes
A
delicious
B
deliciously

Slide 7 - Quizvraag

She can sing
A
extreme good
B
extremely good
C
extreme well
D
extremely well

Slide 8 - Quizvraag

Adverbs & adjectives oefening

Lees de zin, verzin een leuk adverb of adjective die past in de zin en schrijf hem in het wordweb.

Slide 9 - Tekstslide

I am a/an .... dancer.

Slide 10 - Woordweb

Philippe sings ... in the shower.

Slide 11 - Woordweb

I feel ... about what happened.

Slide 12 - Woordweb

He is a/an ... man.

Slide 13 - Woordweb

Naar welke soort woorden kan een bijwoord verwijzen?

Slide 14 - Open vraag

Naar welk soort woorden verwijst een bijvoeglijk naamwoord?

Slide 15 - Open vraag

Leerdoel:
Ik kan adverbs & adjectives juist toepassen in een zin.
A
Dit lukt mij goed
B
Het lukt al best goed, maar ik moet nog meer oefenen.
C
Ik vind dit nog erg moeilijk

Slide 16 - Quizvraag