H4 MM H9 les 5 - 9.2 deel 2 en KA's en uitleg HD

1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Programma
  • Bespreken HW WO I als nieuw soort oorlog
  • KA 40 en 43
  • Uitleg 9.2: indirecte en directe oorzaken WOI
  • 9.2 Historisch denken : bronnen analyseren en beoordelen 
  • Huiswerk

Slide 2 - Tekstslide

WO I werd toentertijd als een nieuw soort oorlog gezien.
Noem drie kenmerken die bij deze nieuwe soort oorlog passen

Slide 3 - Open vraag

WO I veroorzaakte veranderingen in de samenleving.
Noem er drie.

Slide 4 - Open vraag

Leg een verband tussen modern imperialisme als indirecte oorzaak van WO I

Slide 5 - Open vraag

Leg uit dat nationalisme een rol speelde bij de directe oorzaak van WO I

Slide 6 - Open vraag

Slide 7 - Tekstslide

Leerdoelen 9.2:
je kunt na deze les
met voorbeelden uitleggen dat de Eerste Wereldoorlog kenmerken had van een moderne en een traditionele oorlog;

uitleggen hoe de Eerste Wereldoorlog een wereldoorlog werd;

de aanleiding en de oorzaken van de Eerste Wereldoorlog noemen;
uitleggen dat het Verdrag van Versailles leidde tot nieuwe spanningen in Europa.

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Blz 201 en 202

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Historisch denken: bron 5: Is de bron betrouwbaar?

1) Analyseer: bijschrift, elementen in de bron
2) K2I4: beredeneer of de bron wel of niet betrouwbaar is

Slide 16 - Open vraag

Slide 17 - Tekstslide

Tekstbron vragen maken: let hierop
-->Als gevraagd wordt “Leg dit uit (aan de hand van de bron)” of “Ontleen aan de bron”, dan altijd iets uit de bron noemen waaruit dit blijkt. Doe je dit niet, dan krijg je geen punten. Schrijf dus altijd voor de zekerheid: “In de bron staat/zie je ....., dus ...... “
-->Je moet soorten bronnen kennen (geschreven/ongeschreven, primair/secundair, direct/indirect, overheid/privé, enz.).
 --> Je moet de waarde van bronnen kennen ten aanzien van bepaalde beweringen en vragen. Het gaat dan vooral om de bruikbaarheid, betrouwbaarheid en de representativiteit van de bron. Zie voor deze zaken verderop.

Zie  "Antwoordstappen bronvragen". Staat bij de studiewijzer

Slide 18 - Tekstslide

Historisch denken: bron 6: Is de bron betrouwbaar?

1) Analyseer: wie is de maker, wat voor document, met welk doel geschreven, beeld dat de maker heeft van de Grote Oorlog.
2) K2I4: beredeneer en concludeer: of de bron wel of niet betrouwbaar is

Slide 19 - Open vraag

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

HUISWERK
- Lees 9.2 helemaal.
- Kijk 9.2 opdr. 3,4,5,6 na
- Maak opdrachten  7,8,9,10


Slide 22 - Tekstslide