Week van het geld

Week van het geld 2024
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
Week van het geldPraktijkonderwijsLeerjaar 1-3

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Week van het geld 2024

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video



Sparen duurt te lang. Je kunt beter lenen en afbetalen. Dan kun je meteen kopen wat je wilt hebben.
A
eens
B
oneens

Slide 3 - Quizvraag


Geld lenen is gevaarlijk, omdat je niet weet 
of je de schuld wel kan terugbetalen.
A
ja
B
nee

Slide 4 - Quizvraag


Wie van jullie spaart?
A
Ik spaar voor iets wat ik heel graag wil (hebben).
B
Sparen? Ik kom altijd geld tekort!
C
Ik spaar, maar weet niet precies waarvoor.
D
Ik hoef niet te sparen, want ik krijg alles wat ik wil (hebben).

Slide 5 - Quizvraag


Tip: je kan ook antwoorden met een plaatje!
Waar spaar jij voor, 
of zou je voor willen sparen??

Slide 6 - Open vraag

Spaartips
Open een spaarrekening.
Zet iedere week of maand geld op de spaarrekening.
Veel kleine beetjes maken groot.
Maak een overzicht van inkomsten en uitgaven.
Kun je ergens op besparen?
Spaargeld maakt gelukkiger.
Praat er thuis over dat je spaart, 
en waarvoor je spaart.

Slide 7 - Tekstslide


Leen je wel eens geld van iemand?
A
Ik heb nog nooit geld geleend.
B
Ik leen wel eens geld van mijn ouders.
C
Ik leen wel eens geld van een vriend of vriendin.

Slide 8 - Quizvraag


Leen je wel eens geld uit aan iemand?
A
Nee, nooit
B
Soms wel, aan een vriend of vriendin
C
Soms wel, aan één van mijn ouders

Slide 9 - Quizvraag


Stel: je smartphone die je op afbetaling hebt 
gekocht, laat je na 2 maanden op de grond vallen. 
De telefoon is helemaal stuk. Moet je dan de 
resterende termijnen van je lening doorbetalen?
A
ja
B
nee

Slide 10 - Quizvraag

Geld lenen kost geld (en geluk)
Je betaalt rente over de schuld.
Je moet de schuld altijd terugbetalen.
Mensen lenen steeds opnieuw om nog meer spullen te kopen.
Een schuld maakt ongelukkig.
Soms moeten mensen geholpen worden om uit de schulden te komen.

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Video


Hoeveel geld heb jij per maand
te besteden?
anoniem antwoord

Slide 13 - Open vraag


Tip: je kan ook antwoorden met een plaatje!
Waar geef jij het meeste 
geld aan uit?

Slide 14 - Open vraag



Alles wat ik koop 
heb ik echt nodig!
A
ja
B
nee

Slide 15 - Quizvraag


Wat geldt voor jou?
A
Ik koop alles zo goedkoop mogelijk.
B
Ik betaal liever iets meer voor betere kwaliteit of een bekend merk.

Slide 16 - Quizvraag

Slide 17 - Video


Laat jij je weleens door iemand verleiden om iets te kopen?
A
ja, door mijn vriend(en)
B
ja, door bekende Nederlanders / artiesten / vloggers
C
ja, door mijn vriend(en) en/of door mijn ouders
D
nee, nooit

Slide 18 - Quizvraag


Ik ben bereid meer te betalen 
voor een bekend merk (A-merk).
A
eens
B
oneens

Slide 19 - Quizvraag


Ik vind reclame (op straat / YouTube, 
in games / vlogs etc.) vervelend.
A
eens
B
oneens

Slide 20 - Quizvraag


Ik zou in mijn eigen vlog ook reclame gebruiken 
als ik daar geld mee kon verdienen.
A
eens
B
oneens

Slide 21 - Quizvraag

Slide 22 - Video


Wat past het meest bij jou?
A
Ik heb een bijbaan.
B
Ik doe wel eens klusjes voor geld.
C
Ik krijg alleen zakgeld.
D
Niets van dit alles, maar ik kom toch niks tekort.

Slide 23 - Quizvraag


Ik neem later een bijbaan.
A
ja, zeker
B
nee, zeker niet
C
ik weet het nog niet
D
ik heb al een bijbaan

Slide 24 - Quizvraag


Wat is jouw ideale bijbaan?

Slide 25 - Open vraag

Regels bijbaan
12 jaar: nog geen bijbaan, wel klusjes
voor geld
13/14 jaar: bijbaan mag, alleen niet 
te zwaar werk en geen gevaarlijk werk
15 jaar: meer soorten werk, maar niet
teveel uur

scholieren.nibud.nl
TIP

Slide 26 - Tekstslide


Ik heb liever een hoog uurloon 
dan leuk werk.
A
ja
B
nee

Slide 27 - Quizvraag

Hoe vond je deze les?
😒🙁😐🙂😃

Slide 28 - Poll