Na de voorjaarsvakantie

Na de voorjaarsvakantie
Nederlands leren in het voorjaar
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Na de voorjaarsvakantie
Nederlands leren in het voorjaar

Slide 1 - Tekstslide

Waar denk je aan bij 'het voorjaar'?

Slide 2 - Open vraag

Wat is een SEIZOEN?
A
lente
B
herfst
C
april
D
oktober

Slide 3 - Quizvraag

DE of HET?
seizoen
A
de
B
het

Slide 4 - Quizvraag

Hoe komt het dat we seizoenen hebben?
A
De zon draait om de aarde.
B
De aarde is rond.
C
De aarde staat een beetje gekanteld (scheef).
D
De aarde draait om de zon.

Slide 5 - Quizvraag

27. Aan het begin van de lente bloeien de .......
A
crocusen
B
crocussen
C
crokussen
D
krokussen

Slide 6 - Quizvraag

de krokus- de krokussen

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

De lente ontwaakt.
A
De lente past op de natuur.
B
De lente is afgelopen.
C
De lente wordt wakker.
D
Het regent vaak in de lente.

Slide 9 - Quizvraag

Waardoor begint de lente vroeger dan 50 jaar geleden?
A
De zon staat anders.
B
Het klimaat is veranderd.
C
De aarde draait sneller.
D
Er zijn minder insecten.

Slide 10 - Quizvraag

Het beroep van de man is
A
boswachter
B
boer
C
boomchirurg
D
beveiliger

Slide 11 - Quizvraag

Het klimaat wordt steeds warmer. Wat is het gevaar?
A
Er is geen gevaar.
B
De natuur wordt steeds minder sterk.

Slide 12 - Quizvraag

Iemand met hooikoorts heeft last van:
A
stuifmeel
B
hommels
C
insecten
D
warmte

Slide 13 - Quizvraag

Het doel van het filmpje is
A
amuseren
B
informeren
C
overtuigen
D
instrueren

Slide 14 - Quizvraag

Je hebt net gekeken naar een
A
waarschuwing
B
nieuwsbericht
C
slechtnieuwsgesprek
D
discussie

Slide 15 - Quizvraag

Bloembollenquiz

Slide 16 - Tekstslide

De witte bloem noemen we een
A
roos
B
sneeuwklokje
C
lelie
D
winterbloem

Slide 17 - Quizvraag

De blauwe bloem heet.............en staat bekend om zijn lekkere.........
A
lavendel, geur
B
blauwe druif, smaak
C
hyacint, geur
D
blauwe ui, smaak

Slide 18 - Quizvraag

Wat is het verband tussen narcis en narcose?
A
Narcis en narcose hebben geen verband.
B
Narcose wordt geproduceerd uit narcissen.
C
Beide woorden zijn afgeleid van het Griekse woord 'narkao'.
D
Narcis is een pijnstillend medicijn.

Slide 19 - Quizvraag

Waar komen tulpen oorspronkelijk vandaan?
A
Turkije
B
België
C
Frankrijk
D
Nederland

Slide 20 - Quizvraag

Blauwe druifjes

Slide 21 - Tekstslide

Onderwerp, tekstdoel, tekstsoort?
Zie Taalblokken: bouwstenen

Slide 22 - Tekstslide