LOB jaar 4 les

Agenda voor vandaag

  • Voorbereidingen op je LOB-taak; belangrijk om te weten wanneer je bezig bent met Loopbaanbegeleiding
  • Lobbelen met Marinka
  • LIO quiz!
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
BedrijfseconomieHBOStudiejaar 4

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Agenda voor vandaag

  • Voorbereidingen op je LOB-taak; belangrijk om te weten wanneer je bezig bent met Loopbaanbegeleiding
  • Lobbelen met Marinka
  • LIO quiz!

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Wie heeft er wel eens advies gekregen in zijn of haar loopbaan waar je NIET blij van werd?

Slide 3 - Open vraag

Wat zou je zelf kunnen doen om invloed te hebben op je eigen loopbaan?

Slide 4 - Open vraag

Bekijk het filmpje vanaf 4:03. Hoe kun je nu beter kiezen?

Slide 5 - Open vraag

Slide 6 - Video

Hoe kun je nu beter kiezen?

Slide 7 - Open vraag

Kahneman
2 denksystemen
Systeem 1 Snelle Systeem-->oude hersenen -->voelt of iets goed is
Systeem 2 Lange Systeem -->nieuwe hersenen-->denkt na over of die gevoelens wel kloppen

Slide 8 - Tekstslide

Waarom werken we aan loopbaancompetenties (Why)
Om het voor leerlingen makkelijk te maken een weloverwogen keuze te maken voor een vervolgopleiding, dienen zij kennis te hebben over, te werken aan en te reflecteren op: loopbaancompetenties.

Het beheersen van deze competenties moet leerlingen in staat stellen om antwoord te geven op de vragen:
1) ‘Wat betekent arbeid voor en in mijn leven?’ en
 2) ‘Wat wil ik via mijn arbeid betekenen voor anderen?’.  

 

Slide 9 - Tekstslide

Wat betekent arbeid in mijn leven?

Slide 10 - Open vraag

Wat wil ik via mijn arbeid betekenen voor anderen?

Slide 11 - Open vraag

Waarom is het belangrijk dat leerlingen deze vragen kunnen beantwoorden?

Slide 12 - Open vraag

Waarom is het belangrijk dat leerlingen deze vragen kunnen beantwoorden?
  • De oorspronkelijke aandacht voor LOB is voortgekomen uit het feit dat het voor leerlingen in toenemende maten lastig is om een weloverwogen keuze voor een vervolgopleiding te maken (Meijers, Kuijpers, & Bakker, 2006).
  • Leerlingen zitten met vragen als: ‘wat vind ik leuk?’ ‘waar ben ik goed in?’ en ‘wat past bij mij?’ maar ook vragen als: ‘wat kan ik gaan verdienen?’ ‘kan ik straks wel een baan vinden?’ en ‘kan ik daarna nog doorstuderen?’ – vragen die allen een rol spelen bij het maken van een studiekeuze (Schut, Kuijpers, & Lamé, 2013).
  • Die studiekeuze moet gemaakt worden in een maatschappij waarin de individualisering en het aantal studiekeuzes, toeneemt. Daarnaast verandert de markt continu, waardoor innoverend vermogen steeds belangrijker wordt. 
  • Werknemers zullen in de toekomst vaker van bedrijf, branche of beroep wisselen.

Slide 13 - Tekstslide

VMBO vernieuwde vmbo eindexamenprogramma

Slide 14 - Tekstslide

Bij het kiezen van een vervolgopleiding handelen leerlingen nauwelijks doelrationeel. Zij hebben over het algemeen geen realistisch beeld van werk en zijn nauwelijks bewust van hun eigen kunnen (Luken & Newton, 2004).

Het maken van en weloverwogen keuze voor een vervolgopleiding vereist een houding, kennis en vaardigheden: dingen die men leerlingen moet (aan)leren(Dawis, 1996; Savickas, 2001; Kuijpers, Meijers, & Bakker, 2006).

Slide 15 - Tekstslide


Het maken van een afweging wat voor hen de meest wenselijke studie is of het meest wenselijke beroep wordt zelden gedaan (Hirischi & Läge, 2007; Germeijs & Verschueren, 2007).


Leerlingen zien de mentor als hun belangrijkste begeleider, de persoon die hen helpt hun kwaliteiten te ontdekken en ondersteunt bij het zoeken naar een juiste vervolgopleiding (Schut, Kuijpers, & Lamé, 2013)

Slide 16 - Tekstslide

Het is voor leerlingen dan ook belangrijk dat zij aan loopbaanzelfsturing leren doen en zo een arbeidsidentiteit ontwikkelen.

Slide 17 - Tekstslide

  • Wat voor ervaring deed ik op? Wat gebeurde er? Wat deed ik? Wat dacht ik? Ervaring
  • Zelfbeeld
  • Wat zegt die ervaring over mijn motieven; wensen en waarden en overtuigingen? Motievenreflectie
  • Wat zegt die ervaring over mijn kwaliteiten en capaciteiten (eigenschappen, competenties en vaardigheden)?Kwaliteitenreflectie
Werkbeeld/opleidingsbeeld
Hoe verhouden zich mijn persoonlijke waarden met de normen en waarden in dit werk?  Werkexploratie
Met wie heb ik contacten op te bouwen, te onderhouden? Wat is handig in mijn netwerk om op de hoogte te blijven van ontwikkelingen, werkmogelijkheden? Met wie heb ik een contact op te bouwen om op de hoogte te blijven van het functioneren van mijn leerlingen?  Netwerken
Wat ga ik met wie bespreken, plannen en doen om me verder te ontwikkelen in mijn ontwikkeling?  Loopbaansturing
Wat is mijn vervolgstap?


Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Wat is het verschil tussen kwaliteiten en waarden?

Slide 21 - Open vraag

Hoe ontwikkel je loopbaancompetenties?

  • Mensen maken zelden goede keuzes op basis van informatie alleen.
  •  Belangrijk is dat ze concrete praktijkervaringen opdoen, met vertrouwelingen praten over de persoonlijke betekenis en de maatschappelijke relevantie van hun praktijkervaringen, en mee kunnen beslissen over de vormgeving van hun studieloopbaan.
  •  Zelfsturing blijkt het resultaat van een leerproces, dat in essentie dialogisch is en dat alleen op gang komt in een krachtige loopbaangerichte leeromgeving  (die er in het beroepsonderwijs noch in het bedrijfsleven op dit moment is) ((Frans Meijers, onderwijssocioloog, 2018)

Slide 22 - Tekstslide

Frans Meijers 
Op het moment dat leerlingbegeleiding een leerlingachtervolgsysteem wordt, begin ik boos te worden.

Slide 23 - Tekstslide