Voortplanting en fokkerij

Voortplanting en fokkerij
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
DierMiddelbare schoolvmboLeerjaar 3

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Voortplanting en fokkerij

Slide 1 - Tekstslide

Programma
  • De voortplanting bij dieren;
  • Het geboorteproces;
  • Begeleiden van de voortplanting;
  • Termen uit de fokkerij;

Slide 2 - Tekstslide

Voortplanting van een baviaan

Slide 3 - Tekstslide

Het geboorteproces

Slide 4 - Tekstslide

Begeleiding: hond

Slide 5 - Tekstslide

Rundvee fokkerij

Slide 6 - Tekstslide

Kunstmatige Inseminatie (KI)

Slide 7 - Tekstslide

Evolutie
  1. Bekijk de afbeelding;
  2. Welke veranderingen zijn er
    ontstaan tijdens de evolutie
    van het paard? 

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Wat is fokken?
Fokkerij = selectie + voortplanting

Fokken is eigenlijk het selecteren van ouderdieren

Slide 10 - Tekstslide

Kenmerken van fokken
Fokken is een mensenbezigheid; mensen fokken dieren


Fokken doe je met groepen (populaties) dieren, anders kun je niet selecteren. Selecteren in ouderdieren en nakomelingen is het voornaamste onderdeel bij fokken of kweken.

Bij fokken moet je kennis hebben van de erfelijkheidsregels, anders wordt “fokken” gokken!

Voor het fokken heb je als het goed is een plan, je werkt naar een doel


Slide 11 - Tekstslide

Raad van Beheer + NVWA
Raad van Beheer + NVWA   zegt dat fokkerij moet uitgaan vanuit kaders

1. Behoud van vitaliteit en fysieke gezondheid
2. Behoud van soorteigen gedrag en mentale gezondheid
3. Behoud van integriteit
4. Behoud van genetische diversiteit

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Link

Slide 14 - Link

Fokbesluit
1e stap: jezelf de vraag stellen of het wel verantwoord om te gaan fokken --> wanneer is het niet verantwoord?

Als verzorger moet je keuzes maken --> welke keuzes zijn er?

Altijd in overleg met andere parken/fokkers

Slide 15 - Tekstslide

Gebruiksdoel
Als je vooruitgang in de fokkerij wil boeken, moet je keuzes maken in gebruiksdoelen
  • springpaard vs. dressuurpaad
  • politiehonden

Wanneer je het gebruiksdoel weet, kun je het fokdoel beter omschrijven

Slide 16 - Tekstslide

Met welke redenen worden dieren gehouden? (Gebruiksdoelen)

Slide 17 - Woordweb

Fokdoel
Fokdoel = wat voor "product" wil je bereiken

Mogelijk fokdoel: lammeren fokken voor een kinderboerderij die niet agressief zijn, ongehoornd zijn, gemakkelijk aflammeren, sober zijn en sterk beenwerk hebben.

Belangrijk om alle waardevolle eigenschappen op te nemen, ook eventueel de eigenschappen die zeer ongewenst zijn

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

Het doel waarmee een dier gehouden wordt
A
Gebruiksdoel
B
Fokdoel
C
Studiedoel
D
Kruisingsdoel

Slide 20 - Quizvraag

De politie van Rotterdam wil in verband met de assistentie bij de ordehandhaving haar hondenbestand uitbreiden. Welke gebruikseisen hebben deze dieren?

Slide 21 - Open vraag

Omschrijf het fokdoel van deze honden (minimaal 3 eigenschappen)

Slide 22 - Open vraag

Fokplan maken
  1. Kies een diersoort uit;
  2. Maak een fokplan voor een "...". Welke stappen zitten er tussen het uitkiezen van een partner tot aan de verkoop van het jong?;
  3. je mag zelf een ouderdieren kiezen. maar het is makkelijker om een bestaand dier te kiezen
  4. Gebruik een A2 vel. Plak hier ook foto's bij;
  5. Gebruik zoveel tussenstappen als nodig is, wees uitgebreid en creatief. 

Slide 23 - Tekstslide

“Het ideale fokplan”

Doel: ontdekken hoe fokkerij en voortplanting in de praktijk werken en leren nadenken over gezondheid, erfelijkheid en welzijn.

1. Kies een diersoort
Koe
Hond
Paard
Kip
(of een ander dier dat in de klas kan worden behandeld)

Slide 24 - Tekstslide

“Het ideale fokplan”

2. Bedenk een fokdoel

Bijv. gezonde kalveren, een melkkoe met veel productie, een hond zonder erfelijke afwijkingen, een sportpaard met uithoudingsvermogen.

3. Onderzoek & noteer
  • Wanneer is dit dier vruchtbaar?
  • Hoe verloopt de voortplantingscyclus? (bronsttijd, drachtduur, aantal jongen)
  • Welke erfelijke eigenschappen zijn belangrijk? (positief én negatief)

Slide 25 - Tekstslide

“Het ideale fokplan”

4. Maak een fokplan
  • Welke ouderdieren kies je en waarom?
  • Hoe voorkom je erfelijke afwijkingen of gezondheidsproblemen?
  • Hoe zorg je voor goede huisvesting en verzorging tijdens dracht en geboorte

5, Creatief eindproduct
leerlingen gaan dit presenteren in een vorm naar keuze:
  • bvb een PowerPoint, cava of Poster met een “fokplan stap voor stap”
  • Een profielkaart van de ouderdieren
  • Een korte pitch waarin je je plan uitleggen alsof ze een veehouder of fokker zijn

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide