H4 - week 10 - les 1

H4 - Woche 10
1 / 44
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 3-5

In deze les zitten 44 slides, met tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

H4 - Woche 10

Slide 1 - Tekstslide

Auf dem Tisch
Klaarleggen:
  • Arbeitsbuch + Fachbuch
  • Heft 
  • Stift

Slide 2 - Tekstslide

Planung Stunde 1

Weißt du es noch?

Vokabeln: (10 Min.)
  • K3 L6 N-D + Aufgabe 59

Lesen: 
  • Von Pillen ernähren + Aufgabe 54

    Ziele


        Du lernst neue Vokabeln und erweiterst deine Wortschatz. 

          Je kunt hoofdthema's en belangrijkste argumenten begrijpen in eenvoudige teksten in tijdschriften, kranten of op internet.



            Slide 3 - Tekstslide

            Weißt du es noch? Vokabeln  
            übersetze die Vokabeln ins Heft
              • der Kunde (D-N)
              • verzichten auf (D-N)
              • verwenden (D-N)
              • spenden (D-N)
              • die Daten (D-N)
              • opbellen (N-D)
              • de reclame (N-D)

              timer
              3:00

              Slide 4 - Tekstslide

              Vokabeln - K3 L6(N-D)
              Besprechen: Lektion 6 (N-D) S. 150

              Machen: K3 L6 Aufgabe 59 S.139
              timer
              3:00

              Slide 5 - Tekstslide

              Slide 6 - Tekstslide

              Lesen: Von Pillen ernähren
              --> K3 L5 Aufgabe 54 (S.135)

              Gemeinsam: Text + Aufgabe 54 besprechen

              Selbstständig: Aufgabe 54
              Hilfsmittel: Wörterbuch D-N
              Zeit: 20 Min. 

              Fertig = Lernen weektaak K3 L4 D-N

              Slide 7 - Tekstslide

              Slide 8 - Tekstslide

              Nächste Stunde
              Weißt du noch?

              Schreibfertigkeit (H4duD) vorbereiten

              Schuif je stoel aan en laat het lokaal netjes achter.

              Slide 9 - Tekstslide

              H4 - Woche 7 - Stunde 2

              Slide 10 - Tekstslide

              Auf dem Tisch
              Klaarleggen:
              • Arbeitsbuch + Fachbuch
              • Heft 
              • Stift

              Slide 11 - Tekstslide

              Planung Stunde 2

              Besprechen: Arbeitsblatt Adjektive
              (10 Min.)

              Lesen: K3 L5 Aufgabe 52
              (20 Min)

              Hören: deutsche Döner + Aufgabe 
              (10 Min.)


              Ziele


                 Je weet hoe de bijvoeglijk naamwoorden in het Duits verbogen worden. 

                Je kunt in lijst, overzichten en formulieren specifieke informatie vinden. 

                Je kunt specifieke informatie een reportage over het thema eten begrijpen. 

                Slide 12 - Tekstslide

                Grammatik - Adjektiv
                Besprechen Arbeitsblatt 'Geschichte der Gewürze
                timer
                10:00

                Slide 13 - Tekstslide

                Lesen: Gesundheits- und Krankenpfleger(in)
                --> K3 L5 Aufgabe 52

                Gemeinsam: Text + Layout + Aufgabe 52 besprechen

                Selbstständig: Text Lesen + Aufgabe 52
                Hilfsmittel: Wörterbuch D-N
                Zeit: 10 Min. 

                Fertig = Lernen weektaak K3 L4 D-N

                Slide 14 - Tekstslide

                Slide 15 - Tekstslide

                5

                Slide 16 - Video

                Nächste Stunde
                Grammatik: Adverbien und Konjunktionen + K3 L5 Aufgabe 55, 56, 57 (VAKBOEKJE NODIG!)


                Schuif je stoel aan en laat het lokaal netjes achter.

                Slide 17 - Tekstslide

                H4 - Woche 7 - Stunde 3

                Slide 18 - Tekstslide

                Auf dem Tisch
                Klaarleggen:
                • Arbeitsbuch + Fachbuch
                • Heft 
                • Stift

                Slide 19 - Tekstslide

                Planung Stunde 2

                Grammatik: Adverbien und Konjunktionen + K3 L5 Aufgabe 55, 56, 67 (S.136)








                Ziele


                  Je kunt de bijwoorden en voegwoorden correct gebruiken. 

                  Slide 20 - Tekstslide

                  Konjuktionen (voegwoorden) .....

                  • Verbinden zinsdelen, zinnen en woorden met elkaar. 
                  • Onderschikkend = hoofdzin + bijzin
                  • Nevenschikkend = hoofdzin + hoofdzin  

                  Slide 21 - Tekstslide

                  Adverbien (bijwoorden) sind....
                  • woorden die een werkwoord, een ander bijwoord, een bijvoeglijk naamwoord, een hele zin of (soms) een zelfstandig naamwoord nader bepalen. 
                  • -> geven meer informatie  

                  Slide 22 - Tekstslide

                  wanneer
                  • wann --> als het om tijd gaat
                  • wenn --> als het om een voorwaarde gaat 

                  Slide 23 - Tekstslide

                  Toen
                  • als --> op een specifiek moment
                  • damals --> in de betekenis van "vroeger" 

                  Slide 24 - Tekstslide

                  Of
                  • oder --> een keuze uit twee alternatieven.
                  • ob --> geen keuze uit twee of meer alternatieven
                  • entweder ... oder --> het een of het ander (of... of...)

                  Slide 25 - Tekstslide

                  anders 
                  • anders --> op een andere manier
                  • sonst --> in andere gevallen 

                  Slide 26 - Tekstslide

                  omdat, want
                  omdat = weil (onderschikkend)
                  want = denn (nevenschikkend) 

                  Slide 27 - Tekstslide

                  terwijl, tijdens = während (+ 2e)
                  Während der Pause essen wir Brot.
                  Der Lehrer unterrichtet, während seiner Frau kocht. 

                  Slide 28 - Tekstslide

                  dat
                  • das = het --> als lidwoord (onzijdig)
                  • das = dat --> als betrekkelijk voornaamwoord; het slaat terug op een onzijdig zelfstandig naamwoord. 
                  • dass = dat --> voegwoord (slaat niet terug op een zelfstandig naamwoord) 

                  Slide 29 - Tekstslide

                  maar
                        maar
                  • aber --> bij een beperking
                  • sondern --> bij een tegenstellig na een ontkenning
                  • nur --> in de betekenis van 'slechts'
                    niet alleen ... maar ook
                  • nicht nur ... sondern auch --> bij een toevoeging

                  Slide 30 - Tekstslide

                  dan
                  • dann --> daarna, dan, in dat geval (voorwaarde, volgorde verwijzing naar tijd, kan beklemtoond worden) 
                  • denn --> dan toch (altijd zonder klemtoon)

                  Slide 31 - Tekstslide

                  helemaal
                  • gar / überhaupt --> in combinatie met een ontkennend woord.
                  • ganz --> in andere gevallen.  

                  Slide 32 - Tekstslide

                  noch ... noch
                  • weder ... noch
                    Mein Bruder hat weder den Tisch gedeckt noch gestaubsaugt.  

                  Slide 33 - Tekstslide

                  Grammatik: Adverbien & Konjunktionen
                  Machen: K3. Lek. 5 Aufgabe 55, 56, 57  (S.137)

                  Hilfsmittel: Grammatik (Vakboekje) Paragraf 33 & Wörterbuch N-D

                  Zeit: 20 Minuten, danach besprechen

                  Fertig = Lernen Vokabeln Lektion 4

                  Schwierig?= Aufgaben zusammen mit Lehrerin machen
                  timer
                  20:00

                  Slide 34 - Tekstslide

                  Nächste Stunde
                  Cito Videoteil 3

                  Lesen: K3 L5 54



                  Schuif je stoel aan en laat het lokaal netjes achter.

                  Slide 35 - Tekstslide

                  H4 - Woche 7 - Stunde 4

                  Slide 36 - Tekstslide

                  Planung Stunde 2

                  Besprechen: Adverbien und Konjunktionen Aufgabe 56, 57, 58 (S.136)
                  (15 Min.)

                  Hören & Sehen: Cito Videoteil 3
                  (10 Min.) 

                  Lesen: Examentexte K3 L7 67, 68
                  (15 Min.)





                  Ziele



                    Je kunt de bijwoorden en voegwoorden correct gebruiken. 

                    Je kunt een Duitse reportage begrijpen. 

                    Je kunt informatie begrijpen in folders en brochures. 

                    Slide 37 - Tekstslide

                    Slide 38 - Tekstslide

                    Slide 39 - Tekstslide

                    Slide 40 - Tekstslide

                    Hören: Cito VMBO TL (H4duA)
                    Vorbereitung H4duA Hören

                    1. Lies zuerst die Fragen (Videoteil 3)  Antworten und markiere wichtige Wörter. 

                    2. Hör dir die Fragmente an und wähle in der Pause die richtige Antwort. Lies auch
                        die nächste Frage nochmal. 

                    (Zeit: 10 Min.)

                    Slide 41 - Tekstslide

                    Lesen: Contractubex
                    --> K3 L7 Aufgabe 67, 68 (S.146)
                    Gemeinsam: Text + Layout + Aufgabe 67, 68 besprechen

                    Selbstständig: Lesen + Aufgabe 67, 68
                    Hilfsmittel: Wörterbuch D-N
                    Zeit: 10 Min. 

                    Fertig = Lernen weektaak K3 L4 D-N

                    Slide 42 - Tekstslide

                    Slide 43 - Tekstslide

                    Nächste Stunde
                    Overhoren: K3 L3 N-D Vokabeln

                    Toets H4duA CITO kijk-en luistertoets (AUDIO)




                    Schuif je stoel aan en laat het lokaal netjes achter.

                    Slide 44 - Tekstslide