lesweek 4

lesweek 4

1 / 39
volgende
Slide 1: Slide
newEditorOnderwijsassistentenMBOStudiejaar 1,2

In deze les zitten 39 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

lesweek 4

Als je een superheld mocht kiezen, wie zou je dan kiezen en waarom? 


Wat is intelligentie?

Meervoudige intelligentie van Gardner

Opdracht 4.1 en 4.2 portfolio.



Week 4 les 1

Aan het einde van de les :

  • Kennis over leerstijlen volgens Gardner.

  • Kennis over meervoudige intelligentie.

  • Heb je aan je portfolio gewerkt

Wat is intelligentie ? 

 Het vermogen van een individu om doelgericht te handelen, rationeel te denken en effectief met de omgeving om te kunnen gaan.

Definitie van intelligentie 

Intelligentie volgens Howard Gardner 

Volgens Howard Gardner betekent intelligentie “de bekwaamheid om te leren, om problemen op te lossen”. 


Dit kan dus op verschillende (meervoudige) manieren. Ieder persoon heeft andere intelligenties sterk ontwikkeld en daardoor krijg je verschillende soorten slimheid.

  • verbaal/linguïstische intelligentie: intelligent met taal.

  • logisch/mathematische intelligentie: intelligent met rekenen.

  • visueel/ruimtelijke intelligentie: intelligent met zien.

  • muzikaal/ritmische intelligentie: intelligent met muziek.

  • lichamelijke/kinesthetische intelligentie: intelligent met bewegen.

  • interpersoonlijke intelligentie: intelligent met betrekking tot mensen.

  • intrapersoonlijke intelligentie: intelligent met betrekking tot jezelf.

  • natuurgerichte intelligentie: intelligent met betrekking tot de natuur.

MI (meervoudig intelligentie) Gardner 

Verbaal- linguistisch - taal 

lichamelijk kinetisch-doe knap 

interpersoonlijk- samen 

logisch- mathematisch- rekenen

Naturalistisch- natuur

Interpersoonlijk- ik 

Muzikaal- ritmisch- muziek

Visueel- ruimtelijk- Kijken

Wat zeggen andere experts van deze theorie?


  • Veel onderzoekers zien de verschillende "intelligenties" van Gardner eerder als talenten dan als echte intelligenties.

  • De theorie is niet wetenschappelijk bewezen met betrouwbare onderzoeken.

  • Er is geen bewijs dat lesgeven volgens MI zorgt voor betere leerresultaten.

  • Sommige intelligenties lijken sterk op elkaar, waardoor ze moeilijk te onderscheiden zijn.


Conclusie: MI kan helpen om naar verschillen tussen mensen te kijken, maar wordt door wetenschappers niet gezien als een bewezen leertheorie.

Doe de test 

Link bij opdrachten op Itslearning.


Einde test, scroll naar onder en stuur de uitslag naar jezelf


Beantwoord de vragen van opdracht 4.1 voor je portfolio

Week 4 Opdracht 4.1 Meervoudige intelligentie --> we gaan eerst aan de slag met opdracht 4.2


Neem de test af en beantwoord daarna individueel de vragen. Verwerk deze in je portfolio.

  1. Welke vorm(en) van intelligentie kwamen het sterkst naar voren uit jouw testresultaten?

  2. Zijn er bepaalde taken of activiteiten binnen het onderwijs waarvan je denkt dat jouw sterke punten op het gebied van meervoudige intelligentie goed van pas zouden kunnen komen? Zo ja, welke zijn dat?

  3. Welke vormen van intelligentie zouden nog verder ontwikkeld kunnen worden? Hoe zou je dat willen aanpakken?

  4. Denk je dat het belangrijk is om rekening te houden met de verschillende vormen van intelligentie bij het ondersteunen van leerlingen in de klas? Zo ja, hoe zou je dat kunnen doen?

  5. Hoe kun je jouw sterke punten op het gebied van meervoudige intelligentie benutten om een inclusieve leeromgeving te creëren waarin alle leerlingen kunnen gedijen?

Opdracht 4.2 Lesplan met thema (maak hierbij gebruik van de kaartenbak)


Werk een lesplan uit aan de hand van de meervoudige intelligentie van Gardner. Verwerk dit lesplan in je portfolio.

Stap 1 introductie

Elk groepje (2 tot 4 studenten) kiest een thema dat vaak in het basisonderwijs voorkomt (bijv. “dieren”, “het weer”, “de seizoenen”, “beroepen”).

Stap 2 activiteit

Het groepje bedenkt voor elke intelligentie één korte activiteit die past bij het gekozen thema.

Stap 3 ontwerp

Schrijf kort op:

- Het thema

- De 8 activiteiten (max. 2-3 zinnen per activiteit)

- Benodigd materiaal

Stap 4 presentatie --> les 5A --> woensdag 7 oktober

- Elk groepje presenteert hun mini-lesplan aan de klas.

- Licht toe hoe elke activiteit past bij een intelligentie en voer 1 opdracht uit met de klas.

Stap 5 reflectie

Beantwoord individueel:

- Welke intelligentie spreekt mijzelf het meest aan en hoe gebruik ik dat als onderwijsassistent?

Hoe kan het helpen om in een schoolklas met meerdere intelligenties rekening te houden?



Overzicht opdrachten

Text


Ben je geïnspireerd ? 

Lesweek 4.2 (5.1)

Slide tekst

ff opfrissen

Presenteren lesplannen.

De pyramide van Maslow

Motivatie

Werken aan portfolio




Week 4 les 2

Aan het einde van de les :

  • Heb je kennis van de behoeftentheorie van Maslow.

  • Weet je wat intrinsieke en extrinsieke motivatie inhoudt.

ff opfrissen

Wat weet je nog van vorige week ......Gardner

Kahoot tijd

ff opfrissen


Presenteer met je groepje jullie gemaakte lesplan

Presenteer in het kort jullie lesplan

Voer 1 korte activiteit met de klas uit.



De piramide van Maslow

De psycholoog Abraham Maslow bedacht een model dat laat zien wat mensen nodig hebben om zich goed te voelen en zich verder te ontwikkelen. Deze behoeften worden weergegeven in een piramide.

1. Lichamelijke behoeften (basis)


Dit zijn de dingen die je nodig hebt om te kunnen leven:

  • Eten en drinken

  • Slapen

  • Ademhalen

  • Rust


  • Voorbeeld: Als je een nacht niet hebt geslapen, is het moeilijk om je te concentreren tijdens de les.

  1. Veiligheid en zekerheid



Als aan je basisbehoeften is voldaan, wil je je veilig voelen:

  • Een veilige woonomgeving

  • Financiële zekerheid

  • Geen angst of gevaar

  • Duidelijke regels

  • Voorbeeld: Op stage wil je weten wat er van je verwacht wordt en bij wie je terecht kunt met vragen.

3. Sociale behoeften


Mensen willen ergens bij horen:

  • Vrienden

  • Familie

  • Collega's

  • Geaccepteerd worden


  • Voorbeeld: Een stagiair voelt zich prettiger als hij of zij wordt betrokken bij het team.

4. Waardering en erkenning



Mensen willen gezien worden en trots kunnen zijn op zichzelf:

  • Complimenten krijgen

  • Respect ontvangen

  • Zelfvertrouwen ontwikkelen

  • Succes ervaren


  • Voorbeeld: Wanneer je stagebegeleider zegt dat je een activiteit goed hebt begeleid, geeft dat een positief gevoel.


5. Zelfontplooiing



Dit is de top van de piramide:

  • Talent ontwikkelen

  • Leren en groeien

  • Doelen bereiken

  • Het beste uit jezelf halen


  • Voorbeeld: Een student die zelfstandig activiteiten bedenkt en uitvoert, ontwikkelt zich steeds verder als professional.

Van onder naar boven
Je begint bij de basis (zoals eten en veiligheid). Pas als die dingen geregeld zijn, kun je denken aan vriendschap, waardering en jezelf ontwikkelen.

Motivatie
Mensen worden gemotiveerd door wat ze nog missen. Als je honger hebt, denk je niet aan complimenten – je wilt eerst eten.

Toepassing in de praktijk
Deze piramide helpt om beter te begrijpen wat mensen nodig hebben. Bijvoorbeeld in het onderwijs, de zorg of hulpverlening.



Hoe de pyramide toepassen ?

Intrinsieke motivatie                 Extrinsieke motivatie 


Intrinsieke motivatie ​

Je moet dingen vanuit jezelf, omdat je het zelf wilt en zonder dat jij je laat beïnvloeden door andere mensen of factoren. Je wordt van binnenuit geprikkeld. ​

​

Extrinsieke motivatie 

​Je moet door factoren van buitenaf worden geactiveerd om iets te doen. Bijvoorbeeld het behalen van je diploma, het behalen van goede cijfers, vermijden van straf. ​




Motivatie 

Week 4: 4.3



Overzicht opdrachten