Overeenkomst en verwantschap

Overeenkomst en verwantschap
https://lessonup.app/
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Overeenkomst en verwantschap
https://lessonup.app/

Slide 1 - Tekstslide

Overeenkomsten
Organismen die tot hetzelfde geslacht behoren hebben veel overeenkomsten. Hoe meer overeenkomsten hoe vaker organismen in dezelfde groep worden ingedeeld. 

Slide 2 - Tekstslide

Soorten
Organismen behoren tot dezelfde soort:
  •  Als ze zich samen kunnen voortplanten
  • Hun  nakomelingen vruchtbaar zijn

Slide 3 - Tekstslide

Muildier/Muilezel: een speciaal geval.

Worden geboren uit een paring tussen een paard en een ezel. De nakomelingen van deze dieren zijn niet vruchtbaar

Slide 4 - Tekstslide

Een paard en ezel kunnen samen nakomelingen krijgen: een muilezel. Behoren paard en ezel tot 1 soort?
A
Ja want ze kunnen paren
B
Ja want ze krijgen nakomelingen
C
Nee want ze lijken niet op elkaar
D
Nee, de nakomelingen zijn niet vruchtbaar

Slide 5 - Quizvraag

Wanneer noem je iets één soort?

Slide 6 - Open vraag

Maak opdracht 5 uit het boek

Slide 7 - Tekstslide

Ras
Grote verschillen binnen een soort. Verschillende rassen kunnen samen vruchtbare nakomelingen krijgen.

Slide 8 - Tekstslide

Evolutie
  • De ontwikkeling van leven op aarde waarbij soorten ontstaan, veranderen en verdwijnen.

Slide 9 - Tekstslide

Variatie 
  • Binnen een soort zijn er kleine verschillen tussen eigenschappen van individuen (Variatie).

Slide 10 - Tekstslide

Selectie
  • Kan leiden tot veranderingen in de populatie 

Slide 11 - Tekstslide

Omschrijf het begrip evolutie

Slide 12 - Open vraag

Evolutie is het proces waarbij een individu langzaam veranderd of verdwijnt
A
Waar
B
Niet waar

Slide 13 - Quizvraag

Maak opdracht 9 uit het boek

Slide 14 - Tekstslide

Verwantschap
  • Verwantschap kijkt naar de gemeenschappelijke voorouders van soorten. 

  • Hoe korter geleden 2 soorten een gemeenschappelijke voorouder hebben hoe meer ze verwant zijn.

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Maak opdracht 7 uit het boek

Slide 17 - Tekstslide

DNA vergelijken om verwantschap te bepalen.

  • Sequentie: de volgorde (basen A,C,T,G)
  • Sequencing

Slide 18 - Tekstslide

De volgorde van basen in het DNA noemen we de DNA-sequentie
A
Waar
B
Niet waar

Slide 19 - Quizvraag

Wat is DNA sequencing ?

Slide 20 - Open vraag