Oefentoets Voortplanting

Thema 2: voortplanting
Korte herhaling
Oefentoets
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieSecondary Education

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Thema 2: voortplanting
Korte herhaling
Oefentoets

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

Binas 86C

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hormonen 

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

KEY POINTS
-Is een boodschapperstof

-Heeft een specifieke vorm en specifieke memberaanreceptor
-Geproduceerd door hormoonklieren

-Hormonen worden direct afgegeven aan het bloed. 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Key Points
Twee soorten hormoonklieren

1. Exocriene-spijsvertering-afvoerbuis

2. Endocriene-de rest-afvoer direct aan het bloed

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geslachtelijke voortplanting en hormonen

Geboorte basishormonen aan--> primaire geslachtskenmerken

In de pubertiet: AAN-knop wordt aangezet!  --> secundaire geslachtskenmerken


Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oefentoets

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De kikkererwtenplant wordt in het Midden-Oosten al meer dan 8000 jaar geteeld. De bloemen zijn wit of paars. Uit een bloem groeit een vrucht, de peul, die twee of drie eetbare kikkererwten bevat. Uit welk deel van een bloem is een peul gegroeid?
A
Uit een stempel
B
Uit een zaadbeginsel
C
Uit een vruchtbeginsel

Slide 13 - Quizvraag

https://biologielessen.nl/index.php/dna-54/2060-bevruchting-2

Peul is specifiek vruchtbeginsel en zaden specifiek uit de zaadbeginsel. 
Bepaalde plantensoorten zijn aangepast aan een droge omgeving zoals de lampenpoetser. De meeldraden van de bloemen van deze plant zijn opvallend rood gekleurd. Kies het juiste antwoord.
A
De roodgekleurde meeldraden van de lapenpoetser zijn de vrouwelijke voorplantingsorganen
B
De roodgekleurde meeldraden van de lampenpoetser zijn de mannelijke voortplantingsorganen

Slide 14 - Quizvraag

Meeldraden en de helmknop zijn voortplantinsorgannen van de mannelijke deel van een bloem. 

In de helmknop bevinden zijn de stuifmeelkorrels ofwel de zaadcellen. 
Wat is het resultaat van een meiosedeling van een cel?
A
Twee diploide geslachtscellen?
B
Vier diploide geslachtscellen
C
Twee haploide geslachtscellen
D
Vier haploide geslachtscellen

Slide 15 - Quizvraag

Vraag die gaat over de einde van meisose dus meisose 1 en 2 zijn achter de rug. 

Voor zowel de vrouw als de man is zijn dat 4 haploide geslachtcellen. 
Zie Binas 86 D

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In de afbeelding zie je een platworm die zich voortplant. Van het achterdeel van het lichaam snoert zich een stuk af. Hieraan groeien een nieuwe kop en een staart. Zo ontstaan platworm 1 en 2.

Kies het juiste antwoord.
A
Dit is een voorbeeld van geslachtelijke voortplanting
B
Dit is een voorbeeld van ongeslachtelijke voortplanting
C
Dit is een voorbeeld van plasmagroei
D
Dit is geen voorbeeld van voortplanting

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke zijn de basishormonen die aanwezig zijn bij de geboorte van zowel de man als vrouw?

Slide 18 - Open vraag

LH en FSH (estrogeen-testosteron)
Man: LH stimuleert cellen in de teelballen om testosteron te produceren
FSH Stimulelert devorming van zaadcellen in de wand van de zaadbuisjes.
Vrouw: LH: samen met FSH beinvloeden cellen uit de waand van de rijpende follikels om estrogenen te produceren
FSH stimuleert de rijping van follikels in de eirerstokken
Welke vorm van voortplanting is geen voorbeeld van ongeslachtelijke voortplanting?
A
Stekken
B
Klonen
C
Bevruchting
D
Knollen

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bacteriën planten zich voort door deling. Onder gunstige omstandigheden deelt bacterie A zich na 20 minuten in twee. Na 40 minuten zijn er vier en na een uur acht bacteriën.

Hoeveel van die acht bacteriën bevatten met zekerheid DNA dat zich in bacterie A bevond of heeft bevonden?
A
2
B
4
C
8
D
16

Slide 20 - Quizvraag

Tijdens de eerste deling zijn er minder invloeden op de deling dus er is minder kans op mutaties. Hoe verder in de celdeling hoe groter de kans op mutaties in de DNA. 
Welk onderdeel van de chromosoom wordt aangegeven door nummer 3?
A
Centromeer
B
Korte arm
C
Lange arm
D
Zuster chromatide

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In de vorige afbeelding was een specifieke hormoon regeling weergeven.
Hoe heet deze hormonale regeling?

Slide 23 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Tijdens de menstruatiecyclus treedt ovulatie plaats doordat het follikel water opneemt en openbarst. Wanneer gebeurt dit?

Slide 24 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Zwangerschap
Hoe beïnvloeden de hormonen het proces?

Slide 25 - Woordweb

TIjdens zwangerschap beinvloed LH de vorming van het gele lichaam. De gele lichaam produceert progesteron om het dikker zijn van het baarmoederslijmvlies instand te houden. Het embryo op gegeven moment produceert HC en deze helpt het instand houden van het gele lichaam en het dik zijn van het baarmoerderslijmvlies. 
Om een mannelijk lichaam te kunnen krijgen en “behouden” moeten er drastische medische
stappen genomen worden bij een transgendervrouw. Behalve een hormoonbehandeling betekende dit ook een operatie van de geslachtsorganen.
1. Noem het belangrijkste onderdeel van de geslachtsorganen van de vrouw dat zeker verwijderd had moeten worden voor de geslachtsverandering. Leg uit waarom?
2. (1p) Met welk(e) hormo(o)n(en) moet de vrouw behandeld worden om man te worden / blijven?

Slide 26 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Benoem 2 x SOA’s veroorzaakt door bacterie en 1X SOA veroorzaakt door en virus en beschrijf kort van elk 1x kenmerk, door welk
organisme het veroorzaakt wordt en hoe je deze SOA het beste kan
voorkomen (preventie).

Slide 27 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het verschil tussen puberteit en adolescentie?

Slide 28 - Open vraag

Puberteit is een levensfase waarin men volwassen wordt. --> 12-22jr In de puberteit wordt je lichaamelijk volwassen onderinvloed van de secundaire hormonen. Adolesentie 1= geestelijk volwassen en Adolesentie 2= maatschappelijk volwassen. 
Beschrijf twee van de lichamelijke veranderingen die in de puberteit plaatsvinden.

Slide 29 - Open vraag

Groeispurt en vetweefsel vorming. Primaire geslachtskenmerken rijpen.  --> baarmoeder-clitoris/ testis - balzak.  Secundaire geslachtskenmerken komen tot uiting. 
Seksualiteit speelt in verschillende levensfasen een rol bij het vormen en onderhouden van een relatie. Schrijf een voorbeelden van relatievormen op.

Slide 30 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is seksuele diversiteit?

Slide 31 - Woordweb

Seksule diversiteit: gaat over variatie in het beleven en uiten van seksualiteit. 

Seksualiteit: alle gedachten, gevoelens en handelingen die te maken hebben met seks

Seksuele diversiteit/ orientatie wordt beinvloed door drie aspecten;
1. seksuele aantrekking
2. seksueel gedrag
3. hoe iemand zich noemt/ identificeert

Derde geslacht: niet specifiek man of vrouw. mogelijkheden: twee genders, a gender/ androgeen, genderfluide. 

Derde geslacht: transseksueel, transvestieten, homoseksuelen, interseksuelen. 

Genderfluid: het wisselen tussen gender. 

Genderqueer/ transqueer: paraplu term voor --> genderidenteit. Dit is iemands seksuele voorkeur/ partner voorkeur.

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Variatie in het beleven en uiten van seksualiteit
Derde geslacht: 
-non binary
-genderfluide
-genderqueer --> paraplu naam voor genderidentiteit

Slide 33 - Tekstslide

https://www.betterhealth.vic.gov.au/health/healthyliving/Sexuality-explained
Wat is blijven hangen?
Welke BS heeft meer aandacht nodig?
Welke pagina in de BINAS zijn belangrijk?
Schrijf minimaal twee dingen op.

Slide 34 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Vooruitblik
 - CP 2 Woensdag 15 November 2023
SN - Lokaal 42.   Tijd 18.30 - 20.00
OS - Lokaal 51.  Tijd 18.00- 19.30

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies