down, rett, fragiele X

Syndromen binnen de GHZ
1 / 40
volgende
Slide 1: Tekstslide
VerpleegkundeMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 40 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Syndromen binnen de GHZ

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  1. Na deze les weet je wat het begrip ''syndroom'' inhoud
  2. Na deze les heb je je verdiept binnen drie vormen van syndromen
  3. Na deze les ken je de mogelijke oorzaken van de drie syndromen
  4. Na deze les kan je van elk syndroom 3 belangrijke kenmerken benoemen. 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke syndromen ken je al?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Definitie van een syndroom
Een syndroom is een complex van verschijnselen dat vaak in eenzelfde combinatie voorkomt en meestal als een ziekte‑eenheid wordt beschouwd, een complex of verzameling van symptomen die bij een aandoening horen.
Vaak hebben mensen met meervoudige en chronische gezondheidsproblemen een intensieve of complexe zorgbehoefte.

Kortom: een syndroom is een ziektebeeld > een verzameling van verschijnselen die vaker in dezelfde combinatie optreedt,

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Soorten syndromen
  1. Syndroom van Down
  2. Syndroom van RETT
  3. Fragiele X syndroom
  4. Prader Willie syndroom
  5. Angelman syndroom
  6. Cri-du-chat
  7. Foetaal alcohol syndroom

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Syndroom van RETT
Fragiele X syndroom
Syndroom van Down

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Syndroom van Down

Slide 7 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

HET SYNDROOM VAN DOWN
Trisomie 21
Chromosomen: allerlei eigenschappen die je van je ouders hebt gekregen. 

Iedereen hoort 46 chromosomen te hebben.

Mensen met het syndroom van Down hebben 47 chromosomen.
 Het extra chromosoom zorgt ervoor dat die mensen zich lichamelijk en verstandelijk anders ontwikkelen.
Chromosoomafwijking!

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Trisomie

Slide 9 - Tekstslide

XX = vrouw
XY = man
Iemand met syndroom van Down heeft meer kans op vervroegde veroudering
A
Ja
B
Nee

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Onderzoek naar Syndroom van Down
Tijdens de 10e week van de zwangerschap
 kan met de NIPT (bloedtest) geschat worden wat de kans op een kind met Downsyndroom ongeveer is. 

Bij een verhoogde kans, kan met prenataal onderzoek (vruchtwaterpunctie / placenta) worden vastgesteld of het kind Downsyndroom heeft. 

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

lichamelijke kenmerken
Amandelvormige ogen met opwaartse ooghoek
Platte neusbrug
Kleine oren
Lage spierspanning (hypotonie) > problemen met drinken en houding
Kortere lengte
Brede handen met korte vingers
Grotere tong (relatief)


drinken bij baby's

motorische ontwikkeling

houding

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gezondheids problemen
* Aangeboren hartafwijking , Ongeveer 40–50% van de kinderen met Downsyndroom heeft een hartafwijking
Snelle vermoeidheid, slechte groei

* Luchtwegproblemen > door lage spierspanning
Vaker infecties en vernauwde luchtwegen


Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gezondheids problemen
* Maag/darm problemen
reflux en obstipatie 

* Schildklierproblemen > Hypothyreoïdie
Symptomen: vermoeidheid, gewichtstoename, koude intolerantie

* Gehoor/gezichtsproblemen
Oorontstekingen, scheel zien, bijziendheid







Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Cognitieve ontwikkeling
* Langzamere ontwikkeling

* Moeite met abstract denken

* Taalontwikkeling vertraagd

* Vaak sterk visueel leren > picto's 

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Levensverwachting
De gemiddelde levensverwachting voor mensen met het syndroom van Down is momenteel ongeveer 60 en 70 jaar.

 Mensen met het syndroom van Down hebben een verhoogd risico op dementie. Vanaf hun 40e of 50e levensjaar hebben zij een grote kans op de
ziekte van Alzheimer. 

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Syndroom van Rett

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het?
Bij het Rett-syndroom ontwikkelt je kind zich in de eerste 6 tot 18 maanden na de geboorte meestal net als leeftijdsgenoten.

Daarna ontstaan de eerste kenmerken: de ontwikkeling staat eerst stil en gaat daarna achteruit.  Hierdoor kan je kind moeite krijgen met dingen die het al geleerd heeft.

Bron: https://www.hersenstichting.nl/hersenaandoeningen/rett-syndroom

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het?
- Je wordt er mee geboren, vooral meisjes
- Ontwikkeling blijft staan, na ongeveer 6-12 maanden
- In zichzelf gekeerd
- Verliezen van vaardigheden
- Epilepsie
- Zeldzaam
- 1 op de 10.000
- 8 per jaar

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oorzaak
- Fout op x-chromosoom
 Dit gen is cruciaal voor de ontwikkeling van de hersenen.

- Overgeërfd

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gezondheidsproblemen
Epilepsie > vaak vanaf peuterleeftijd 
Motorische achteruitgang > verlies van vaardigheden
Ademhalingsproblemen
Voedingsproblemen en ondergewicht > slikken en kauwen
Maagdarmproblemen > obstipatie 
Scoliose
Slaapproblemen > verstoord slaapritme

hartritmestoornissen

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Communicatie 
Hoewel veel kinderen met Rett weinig spreken, begrijpen ze vaak meer dan verwacht.
Kenmerken:
frustratie door niet kunnen praten
soms angst of prikkelgevoeligheid
Ondersteuning kan via: communicatiehulpmiddelen
logopedie

visuele communicatie.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke van de volgende uitspraken over het syndroom van Rett is juist?
A
Het komt alleen voor bij jongens
B
Het wordt veroorzaakt door een extra kopie van het X-chromosoom
C
Het treft zowel jongens als meisjes, maar komt vaker voor bij meisjes
D
Het heeft geen invloed op de ontwikkeling van spraak en motoriek.

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe wordt het RETT syndroom overgeerfd?
A
X-chromosomaal
B
Y-chromosomaal
C
XX-chromosomaal
D
Autosomaal

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Levensverwachting bij Rett
Tussen de 40 en 60 jaar

Hoewel de levensverwachting bij het syndroom van Rett kan toenemen door verbeterde medische zorg en een goed begrip van de aandoening, blijft een vroegtijdig overlijden door complicaties zoals longontstekingen en epilepsie een reëel risico. 

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 26 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Fragiele X-syndroom

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fragiele X-syndroom 
Afwijking in het geslachtschromosoom, namelijk het X- chromosoom. 
Aandoening gaat gepaard met een verstandelijke beperking, gedrag dat op autisme lijkt en (vaak) bepaalde uiterlijke kenmerken. 

Overerven vindt plaats via de moeder, die is draagster. De meeste vrouwelijke draagster van het fragiele x syndroom hebben geen, of alleen een lichte, verstandelijke beperking. 

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het fragiele X-syndroom is X-gebonden erfelijk.

Het afwijkende gen zit op het X-chromosoom
jongens hebben 1 X-chromosoom → klachten vaak ernstiger
meisjes hebben 2 X-chromosomen → klachten vaak milder

Vaak is de moeder draagster van het gen.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1 op 4000 jongens

1 op 6000–8000 meisjes

Het is één van de meest voorkomende erfelijke oorzaken van een verstandelijke beperking.

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Symptomen fragiele x syndroom 

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gevolg 
-Verstandelijke beperkingen 
- leerproblemen
- Gedragsproblemen zoals angst
- ADHD-achtige symptomen, en autisme-verschijnselen. 
Ook motorische vertragingen door lage spierspanning, lichamelijke kenmerken zoals platvoeten en grote oren, en oogcontactproblemen komen veel voor.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kinderen hebben geen verkorte levensduur, wanneer zij gediagnosticeerd zijn met Fragiele -x

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evalueren

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke drie syndromen hebben we besproken?

Slide 38 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Benoem de oorzaken en belangrijke kenmerken van de syndromen

Slide 39 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Doel van de les behaald?
😒🙁😐🙂😃

Slide 40 - Poll

Deze slide heeft geen instructies