De Koude Oorlog (1900-1950)

De Koude Oorlog

Periode 1900-1950

1 / 41
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

In deze les zitten 41 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 120 min

Introductie

Aan het eind van deze les kun je herkennen en uitleggen op welke manier de Koude Oorlog ontstond.

Onderdelen in deze les

De Koude Oorlog

Periode 1900-1950

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoel
Aan het eind van deze les kun je herkennen en uitleggen op welke manier de Koude Oorlog ontstond.

Slide 3 - Tekstslide


Russische Revolutie
1917


  • Communisten grijpen de macht
  • Tsaar wordt afgezet (en later vermoord)
  • Geen privé-bezittingen
  • 'Alle macht naar de arbeiders en boeren'
  • Vrede van Brest-Litovsk, 1918


Slide 4 - Tekstslide

Sovjet-Unie

  • 1922 

  • Dictatuur

  • Eén partij heeft alle macht

  • Geheime politie (NKVD, later KGB)

Slide 5 - Tekstslide

Positie van de Sovjet-Unie tussen 1917-1941
  • Moeizame relatie met andere landen

  • Enige communistische land

  • Liet bondgenoten in de steek

  • Erg gesloten land

  • Grote Zuivering, 1934-1938

  • Niet-aanvalsverdrag, augustus 1939

Slide 6 - Tekstslide


Wat maakt de Sovjet-Unie tot
een bondgenoot in de Tweede Wereldoorlog?
A
Operatie Barbarossa
B
De Russische Revolutie
C
De aanval op Pearl Harbor
D
Het niet-aanvalsverdrag van 1939

Slide 7 - Quizvraag

Positie van de Sovjet-Unie tussen 1941-1945

  • Operatie Barbarossa

  • "Een vijand van Hitler is een vriend van ons"

  • Oprichting Geallieerden

  • Doel: verslaan Hitler

Slide 8 - Tekstslide


Conferentie van Jalta
februari 1945






Slide 9 - Tekstslide



Franklin Delano Roosevelt
President van de Verenigde Staten
Jozef Stalin
Leider van de Sovjet-Unie
Winston Churchill
Minister-President van Groot-Brittannië

Slide 10 - Tekstslide

Conferentie van Jalta (februari 1945)
  • Churchill (GB), Roosevelt (VS) en Stalin (SU)

  • Hoe zien Europa en de wereld er na de oorlog uit?

  • Wie heeft macht en invloed in Europa?

  • Wat doen we met Duitsland én de Duitsers?

Slide 11 - Tekstslide

De zgn. percentages agreement vond plaats in Moskou 1944, en niet in Jalta. Het is een mooi voorbeeld van hoe de Grote Drie een verdeling voor Europa bedachten.

Slide 12 - Tekstslide

Conferentie van Jalta (afspraken) (1)
  • Oprichting van de Verenigde Naties (VN)

  • Democratische regeringen in Europa

  • Stalin wordt bondgenoot in de oorlog tegen Japan

  • Straffen van oorlogsmisdadigers


Slide 13 - Tekstslide

Conferentie van Jalta (afspraken) (2)

  • Denazificatie en democratiseren van Duitsland

  • Invloedssferen

  • Bezettingszones

Slide 14 - Tekstslide

Verenigde Naties
  • Oktober 1945

  • 193 landen zijn lid

  • Veiligheidsraad:
5 permanente leden
10 wisselende leden


Slide 15 - Tekstslide

Video
Clipphanger: Waarom is de VN opgericht?

Slide 16 - Tekstslide

0

Slide 17 - Video

Invloedssferen

Verdeling van Europa:

  • Gebied dat jij hebt veroverd op de Duitsers, daar heb jij invloed

  • Jij mag bepalen wat in dat gebied gebeurt (economie, politiek)

  • Vergeet dit ook niet: De ander mag niet ingrijpen in dat gebied.

Slide 18 - Tekstslide

Verdeling van Duitsland
  • Duitsland (tijdelijk) niet meer zelfstandig

  • Vier bezettingszones

  • Ook Berlijn in 4 zones verdeeld

  • Reizen tussen bezettingszones is geen probleem

  • Belangrijk detail: Berlijn ligt in de bezettingszone van de Sovjet-Unie
Berlijn is, net als Duitsland, verdeeld in 4 bezettingszones. Omdat Berlijn in de Sovjet-zone ligt, liggen de Berlijn-bezettingszones van Frankrijk, Engeland en de Verenigde Staten dus ook in de Sovjet-zone.

Slide 19 - Tekstslide


Helder plan, maar 
waarom gaat het mis?

Slide 20 - Tekstslide

Begin van de Koude Oorlog (vanaf 1945)



  • Geen gezamenlijke vijand meer

  • Andere spelers: Churchill en Roosevelt weg

  • Stalin krijgt steeds meer invloed in Oost-Europa

  • De VS hebben een atoombom

Slide 21 - Tekstslide



De Grote Drie van Potsdam waren:
Stalin, Roosevelt en Churchill
A
Dit klopt
B
Dit klopt niet

Slide 22 - Quizvraag

Gevolgen

  • Er wordt niet meer gepraat

  • Minder vertrouwen

  • Duitsland en Berlijn

  • Twee machtsblokken

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video

Amerikaanse buitenlandse politiek na 1945

  • Trumandoctrine Trumanleer

  • Containmentpolitiek

  • Marshallplan


Slide 25 - Tekstslide


De Blokkade van Berlijn
mei 1948 - juni 1949

Slide 26 - Tekstslide

Wat is er hand?
  • Ruzie over Berlijn

  • Stalin wil West-Berlijn toevoegen aan de Sovjet-zone

  • Westelijke bezettingszones steeds meer één gebied

  • Aanleiding: invoering van de D-Mark in westelijke bezettingszones

Slide 27 - Tekstslide

Wat gebeurt er?
  • Blokkade van Berlijn

  • Oplossing: de luchtbrug

  • Een jaar lang landt er iedere 3 minuten een vliegtuig in West-Berlijn

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Tekstslide



Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Tekstslide

Oprichting West-Duitsland (BRD) 
en 
Oost-Duitsland (DDR)
mei (BRD) en oktober (DDR) 1949

Slide 32 - Tekstslide

Video: Berlijn en de Koude Oorlog
fragment: De Blokkade van Berlijn

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Video


Oprichting van de Navo

  • April 1949
  • Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (Engels: NATO)
  • Militair bondgenootschap tegen het communisme
  • De NAVO bestaat nog steeds

Slide 35 - Tekstslide


Joe 1
juli 1949




De eerste atoombom van de Russen

Slide 36 - Tekstslide


China

  • Grote problemen
  • Laatste keizer afgezet (1912)
  • Mao Zedong maakt het land communistisch (oktober 1949): Volksrepubliek China
  • De democratische regering vlucht naar Taiwan (ROC)

Slide 37 - Tekstslide


The Red Scare
1949-1953




Onder leiding van senator Joseph McCarthy

Slide 38 - Tekstslide

Personen

  1. Vladimir Lenin: leider SU (1917-1924)
  2. Jozef Stalin: leider SU (1924-1953)
  3. Winston Churchill: minister-president GB (1940-1945, 1951-1955)
  4. Franklin Roosevelt: president VS (1933-1945)
  5. Harry Truman: president VS (1945-1953)
  6. Mao Zedong: leider China (1949-1976)

Slide 39 - Tekstslide

Schrijf 3 dingen op
die je deze les hebt geleerd

Slide 40 - Open vraag

Stel 1 vraag over iets dat je nog
niet zo goed hebt begrepen

Slide 41 - Open vraag