Hydrostatische druk

Hydrostatische druk
1 / 41
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeVocational Education

In deze les zitten 41 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Hydrostatische druk

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Je kunt de druk uitrekenen bij een vloeistof
  • Je kunt de nut hiervan beschrijven

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Toegepast
Agricultuur

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Toegepast
In ons lichaam

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Met andere worden
in elk vloeistof

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wet van Pascal

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hydrostatische druk
De hydrostatische druk p is de druk die een vloeistof uitoefent onder invloed van de zwaartekracht.
  •  De druk p in een vloeistof op een diepte h, gemeten ten opzichte van het vloeistofoppervlak, kan berekend worden door:

                              p=ρ⋅g⋅h

Slide 7 - Tekstslide

De dichtheid van de vloeistof  en de gravitatie zijn constanten.
De hydrostatische druk wordt gebruikt om:
Het niveau te bepalen door de meting van:
  •  de vloeistofkolom en 
  • is recht evenredig met de vulhoogte, 
  • evenals met de dichtheid van het medium en
  • de zwaartekracht.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Hoe hoog moet een buis gevuld met water zijn opdat de druk onderaan gelijk zou zijn aan de atmosferische druk?

Slide 12 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Uitwerking

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een duikboot heeft een raam met diameter 20 cm. Het glas is 8,0 cm dik.
De fabrikant van de duikboot zegt dat het raam een kracht van maximaal 2⋅10^6 N kan verdragen.
Wat is het diepste punt waarbij de boot nog veilig onder water kan blijven?
De druk in de duikboot is gelijk aan de atmosferische druk.

Slide 14 - Open vraag

dichtheid zeewater = 1030 kg/m^3

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdwet van Hydrostatica
In een horizontale vlak in eenzelfde vloeistof in rust is de druk in alle punten even groot
Ook wel de wet van de communicerende vaten genoemd

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De wet van Pascal
Een druk op een vloeistof uitgeoefend plant zich in alle richtingen overanderd voort .

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies

10:16

Slide 19 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

a. Bereken de druk onder de kleine zuiger.
b. Bereken de kracht op de grote zuiger.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


a. Bereken de druk onder de kleine zuiger.
b. Bereken de kracht op de grote zuiger.

Slide 23 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Slide 25 - Open vraag

b. De gemiddelde druk op een zijwand van het vat
oplossing 

 

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Slide 27 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wet van Archimedes

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Archimedes onderscheidde 3 verschillende situaties:

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Tekstslide

Als je het gewicht van de  vloeistof in de overloopglas weegt is het gelijk aan 3 N. Dat is nu precies de opwaartse kracht op het voorwerp.

Slide 32 - Tekstslide

In formulevorm:
F_opw= V_(verpl vloeistof)x ρ_vloeistof x g


Slide 33 - Open vraag

b. De opwaartse kracht die de steen ondervindt.

c. Het schijnbaar gewicht van de steen in spiritus.

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Slide 35 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Oplossing:

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kroon van Syracuse
De koning van Syracuse (koning  Hiëro II) gaf een juwelier 3 klompen goud .

Goud heeft een hogere dichtheid dan zilver en dat goud dus een kleiner volume heeft bij hetzelfde gewicht.

Slide 37 - Tekstslide

De koning van Syracuse (koning Hiëro II) gaf een juwelier 3 klompen goud om er een kroon van te maken.
Toen de kroon af was meende Archimedes door de lichtere kleur van de kroon dat dit vermengd was met zilver.
Archimedes moest een manier vinden om te bewijzen dat de kroon niet uit puur goud bestond.

Slide 38 - Video

Deze slide heeft geen instructies


Slide 39 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Oplossing:

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


A
100 kg/m^3
B
900 kg/m^3
C
1000 kg/m^3
D
1100 kg/m^3

Slide 41 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies