Straling en risico's

13.5 Straling en risico's
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 40 min

Onderdelen in deze les

13.5 Straling en risico's

Slide 1 - Tekstslide

Activiteit
Activiteit = aantal kernen dat per seconde verandert.

Activiteit wordt gemeten in becquerel (Bq)

Activiteit kun je meten met een geigerteller. 
radioactief verval

Slide 2 - Tekstslide

Geigerteller

Ioniserende straling kun je met een geigerteller meten.


Hij geeft klikjes als er straling aanwezig is, hij verklikt dus eigenlijk de straling.

Slide 3 - Tekstslide

Geigerteller
De Geigerteller bestaat uit een buis met daarin een gas. Als ioniserende straling het gas binnenkomt, dan worden een aantal atomen van het gas geïoniseerd. 
De daarbij vrijgemaakte elektronen 
zorgen voor een kleine stroom en 
dat zorgt in een luidspreker voor 
een hoorbaar kraakje. Hoe meer 
kraakjes je hoort, hoe 
meer straling er in de buurt is.


Slide 4 - Tekstslide

Geigerteller
Bron
Achtergrond-straling

Slide 5 - Tekstslide

Geigerteller
Afstand
Dode tijd

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Badge en dosimeter
Mensen die met radioactieve stoffen werken moeten een dosimeter bij zich hebben omdat je radioactieve straling niet kunt zien, horen of voelen. Een dosimeter is een soort van moderne Geigerteller waarbij je zelf niet hoef te tellen.

Minder modern zijn badges: een badge met fotomateriaal verkleurd (zwart) meer als daar waar de straling het ioniseert.

Slide 8 - Tekstslide

Besmetting en bestraling
  • Bij besmetting kom je in aanraking met de radioactieve bron
  • Bij bestraling alleen met de uitgezonden straling

Slide 9 - Tekstslide

Besmetting
Als radioactieve stoffen terecht komen in de bodem, het grondwater of de lucht, is er radioactieve besmetting. Je kunt dan die radioactieve stoffen in je lichaam krijgen.

Slide 10 - Tekstslide

Inwendige radioactieve besmetting

Slide 11 - Tekstslide

Dosis
De mate waarin je bent blootgesteld aan de straling van een radioactieve bron, wordt weergegeven met de dosis -->
De eenheid van dosis is J/kg of Gray (Gy)

Wanneer rekening wordt gehouden met het type straling, spreek je van de equivalente dosis -->
De eenheid van equivalente dosis is ook J/kg of Sievert (Sv).


Ook kun je naar de effectieve totale lichaamsdosis kijken -->
In de BINAS kan je diverse stralingsdosislimieten vinden die zijn vastgesteld voor de veiligheid.

H=wRD
D=mEstr
L=wtH

Slide 12 - Tekstslide

In de spieren van een mens bevindt zich kalium, dat voor een klein deel uit K-40 bestaat dat bèta-straling uitzendt. Geef de vervalvergelijking voor K-40

Slide 13 - Open vraag

Antwoord

Slide 14 - Tekstslide

Toon aan dat 1,00 gram K-40 uit 1,51*10^22 atomen bestaat

Slide 15 - Open vraag

Antwoord

Slide 16 - Tekstslide

Activiteit van K-40 in de spieren van een mens is ongeveer 3,1*10^3 Bq. Het kalium in die spieren bestaat uit 0,0012% uit K-40. Uit hoeveel massa kalium bestaan de spieren?

Slide 17 - Open vraag

Antwoord

Slide 18 - Tekstslide

De stralingsenergie van K-40 is per bèta-deeltje 0,44 MeV. Een volwassene heeft gemiddeld 30 kg spierweefsel. Bereken de stralingsdosis voor dit weefsel per jaar.

Slide 19 - Open vraag

Antwoord

Slide 20 - Tekstslide