In deze les zitten 14 slides, met interactieve quiz en tekstslides.
Lesduur is: 60 min
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
DISK thema wonen taak 3 - vroeger en nu
Schrijfvaardigheid
Slide 1 - Tekstslide
Lesdoelen
-Je kunt over vroeger en nu schrijven.
-Je kunt goede zinnen schrijven .
-Je kunt zinnen schrijven met de werkwoorden***:
zijn
moeten
doen
hebben
komen
gaan
wonen
Slide 2 - Tekstslide
Werkwoorden vroeger en nu
tt
vt
ik
ben
was
ik
moet
moest
ik
doe
deed
ik
heb
had
ik
kom
kwam
ik
ga
ging
ik
woon
woonde
Ga samen oefenen met de werkwoorden in verleden tijd en tegenwoordige tijd
Slide 3 - Tekstslide
Opdracht 1:
Lees samen het verhaal van Gebre.
Slide 4 - Tekstslide
Welke dingen uit het verhaal gaan over nu en welke dingen gaan over vroeger?
Vroeger
Nu
Slide 5 - Sleepvraag
Opdracht 1:
Schrijf nu jouw eigen verhaal.
Welke dingen zijn van nu en welke dingen zijn van vroeger?
timer
10:00
Slide 6 - Tekstslide
Opdracht 2
Vertel elkaar over je de stad of het dorp waar je nu woont, de straat waar je woont en het huis waar je woont.
Begin zo:
Ik woon in …
In de buurt van mijn huis zijn…
timer
1:30
Nu wisselen!
Slide 7 - Tekstslide
Opdracht 3:
Vertel elkaar over je de stad of het dorp waar je woonde, de straat waar je woonde, het huis waar je woonde.
Begin zo:
Ik woonde in …
In de buurt van mijn huis waren…
timer
1:30
Nu wisselen!
Slide 8 - Tekstslide
Zoek op google earth je geboorteland, de stad of het dorp waar je woonde, de straat waar je woonde, het huis waar je woonde.
Slide 9 - Tekstslide
Aruba, Simeon Antonio Bucutiweg
Slide 10 - Tekstslide
Slide 11 - Tekstslide
Groep groen: schrijf over je oude huis, dus schrijf in de verleden tijd!
Groep roze: Schrijf over je huis van nu.
Ik woonde vroeger in Aruba. Naast mijn huis was een groot park. Dichtbij stond ook een supermarkt. Er was ook een kerk dichtbij mijn huis. Ik woonde in een rustige straat. Mijn huis was redelijk groot. Er waren drie grote slaapkamers en twee badkamers. De tuin was heel groot, daar konden de honden lekker rennen. Mijn buren waren heel aardig. .........
Schrijf nu op wat je hebt verteld.
Ik woon in Harlingen. Mijn huis heeft een ruime woonkamer en een kleine keuken. In de gang is een wc. Op de eerste verdieping zijn 2 slaapkamers, de badkamer en een washok. Op de zolder is nog een slaapkamer en bergruimte. Dichtbij mijn huis is een zwembad. Er zijn ook winkels in de buurt. Ik woon samen met mijn zoon Joshwin.
Slide 12 - Tekstslide
Lesdoelen behaald?
-Je schrijft over vroeger en nu.
-Je schrijft mooie goede zinnen.
-Je schrijft zinnen met de werkwoorden***:
zijn
moeten
doen
hebben
komen
gaan
wonen
Slide 13 - Tekstslide
Wat hebben we gedaan?
Je hebt geoefend met de verleden tijd.
Je hebt een verhaal geschreven over waar je woont (in verledentijd of tegenwoordige tijd)