ZORG IN DE BREEDTE: terugblik week 1
ZORG IN DE BREEDTE: terugblik week 1
Deze slide heeft geen instructies
Goede zorg is…
Vul aan met maximaal drie woorden:
Goede zorg op school is voor mij…
Deze slide heeft geen instructies
Goede zorg op school is voor mij…
Laat studenten maximaal drie woorden ingeven. Gebruik de woordwolk kort als opener: welke woorden gaan over relatie, welke over structuur en welke over leren/participeren?
Een sterk zorgbeleid is vooral…
A. de verantwoordelijkheid van de zorgcoördinator
B. een geheel van losse maatregelen voor leerlingen met problemen
C. een schoolbrede aanpak vanuit een gedeelde visie
D. vooral nodig vanaf verhoogde zorg
Correct antwoord: C. Benadruk dat zorgbeleid niet beperkt is tot individuele dossiers, maar ingebed is in de hele schoolwerking.
Sterk zorgbeleid
Correct antwoord: C
Een sterk zorgbeleid is een schoolbrede aanpak vanuit een gedeelde visie.
Dat betekent:
zorg is een verantwoordelijkheid van het hele schoolteam
basiszorg en verhoogde zorg hangen samen
ondersteuning start niet pas wanneer problemen escaleren
Deze slide heeft geen instructies
Stelling
“Als een leerling ondersteuning krijgt vanuit verhoogde zorg, bevindt die leerling zich niet meer in de brede basiszorg.”
Juiste positie: oneens. Licht toe dat verhoogde zorg bovenop de brede basiszorg komt en die niet vervangt.
Brede basiszorg en verhoogde zorg
Oneens
Een leerling blijft deel uitmaken van de brede basiszorg.
Verhoogde zorg betekent:
extra afstemming waar nodig
bijkomende ondersteuning binnen dezelfde schoolcontext
geen losstaand traject buiten de gewone klaswerking
Deze slide heeft geen instructies
Vertrekpunt van zorg in het onderwijs
Binnen zorg op school vertrekken we niet in de eerste plaats van een medische diagnose. We kijken vooral naar de onderwijsbehoeften van de leerling. Zo stemmen we ondersteuning beter af op wat in de klas nodig is.
Deze slide heeft geen instructies
Onderwijsbehoeften
Onderwijsbehoeften beantwoorden vooral de vraag…
A. Wat heeft deze leerling?
B. Wat heeft deze leerling nodig om te leren en participeren?
C. Welke diagnose past bij het gedrag?
Correct antwoord: B. Leg het contrast expliciet: niet labelen, maar kijken naar wat leren en participatie mogelijk maakt.
Onderwijsbehoeften gaan vooral over…
de juiste diagnose
wat de leerling nodig heeft
het probleemgedrag
het zorglabel
Benadruk het verschil tussen labelen en afstemmen op leren en participeren.
Stelling
“Een leerling die fysiek aanwezig is in de klas buiten het BuO, is daarmee ook inclusief onderwijs aan het krijgen.”
Juiste positie: oneens. BuO = buitengewoon onderwijs. Benadruk dat aanwezigheid niet automatisch gelijkstaat aan inclusie.
Wat ontbreekt er mogelijk nog?
Fysieke aanwezigheid alleen volstaat niet.
Mogelijk ontbreekt nog:
echte participatie in het klasgebeuren
afstemming op onderwijsbehoeften
toegang tot leren op maat
betrokkenheid, erbij horen en mee kunnen doen
Deze slide heeft geen instructies
Casus: Noor
Noor uit het vierde leerjaar begint tijdens zelfstandig rekenen vaak rond te lopen, vraagt voortdurend hulp en maakt weinig oefeningen af.
De leerkracht zegt:
“Noor heeft duidelijk extra zorg nodig.”
Welke vraag moeten we stellen vóór we beslissen welke zorg Noor nodig heeft?
Stuur naar de kern: eerst begrijpen wat Noor in deze context nodig heeft om te leren en participeren, vóór er over zorgniveau of maatregel beslist wordt.
Welke vraag stel je eerst bij Noor?
Verwachte kern: niet meteen 'welke zorg?', maar 'wat heeft Noor in deze context nodig om te leren en participeren?'. Ook context, taak, instructie en klasomgeving mogen in sterke antwoorden meespelen.
Van probleem naar behoefte
Van…
‘Wat is er aan de hand met deze leerling?’
naar…
‘Wat heeft deze leerling in deze context nodig om verder te kunnen?’
Zo verschuift de focus van tekort naar afstemming.
Deze slide heeft geen instructies
Systematisch handelen
Hoe kunnen we dit niet toevallig of intuïtief,
maar systematisch aanpakken?
Handelingsgericht werken
Gebruik deze afsluiting als brug naar de volgende les of verdere uitwerking van handelingsgericht werken.
Wat neem je mee uit deze terugblik?
Vrije reflectie zonder juist/fout. Mogelijke invalshoeken: schoolbrede zorg, basiszorg en verhoogde zorg, onderwijsbehoeften, inclusie, handelingsgericht werken.